Irredentisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Heel-Nederland een vorm van irredentisme in de Lage Landen

Het irredentisme is als term afgeleid van de woorden Italia irredenta, "het (nog) niet teruggewonnen (deel van) Italië". Het is in zijn oorspronkelijke zin een Heel-Italiaans staatkundig streven, waarvan de aanhangers zich in een grote beweging verenigd hebben, dat na het Risorgimento en de eenwording van Italië in 1861, alle gebieden waar een Italiaanstalige bevolkingsgroep leeft, bij Italië wilde inlijven. Vooral Zuid-Tirol en Dalmatië met Istrië werden doelwit van het irredentisme. Deze gebieden maakten ten tijde van de Italiaanse eenwording nog deel uit van Oostenrijk-Hongarije. Pas in 1915 met het sluiten van het Pact van Londen en het Verdrag van Rapallo in 1920 kwamen deze gebieden aan Italië toe, waarmee het irredentisme belangrijke doelstellingen verwezenlijkt zag. Triëst wordt gezien als centrum van het irredentisme.

In algemene zin wordt met irredentisme verwezen op een situatie waarin een grote etnische minderheid in een land zich meer identificeert met een ander - naburig - land. Zo vormden de Sudeten-Duitsers in Tsjecho-Slowakije een irredenta. Ook het Frans-Duitse conflict rond Elzas-Lotharingen, de Fins-Russische kwestie rond Karelië en stromingen zoals het Heelneerlandisme aangaande een eenheidsstreven op cultureel-historische grondslag, kunnen als irredenta-vraagstukken beschouwd worden. In de geschiedenis zijn irredentistische bewegingen, zichzelf aanstellend als voogd over de lijdende minderheid, vaak speelbal geweest van vereffeningen tussen de beide staten waartussen de loyaliteit van de minderheid zich beweegt.

Italië[bewerken]

Idee[bewerken]

De belangrijkste vertegenwoordigers van het irredentisme waren Gabriele D'Annunzio, de beide uit Istrië afkomstige Carlo Combi en Tomaso Luciani alsmede Sigismondo Bonfiglio. Het toenmalige irredentisme was heterogeen in de doelstelling (inlijving van heel Dalmatië of alleen Istrië, inlijving van welk deel van de Alpen? enzovoorts). Het recht om gebieden bij Italië in te lijven werd niet alleen afgeleid uit een (vermeende) bevolkingsmeerderheid van Italianen en Italiaanssprekenden in deze gebieden, maar ook uit de superioriteit die de Italiaanse beschaving met zich mee zou brengen.

Achterliggende oorzaak[bewerken]

In 1865 bevestigde de Italiaanse premier Alfonso Ferrero plechtig nooit Triëst bij Italië te willen inlijven. Het in Triëst actieve Triëst-Istrië genootschap kwam hiertegen in verweer. De gemeenteraad van Triëst wilde de irredentistische opstelling van genoemd genootschap niet per ingediende protestmotie veroordelen; daarmee had de irredentistische beweging intrek genomen in de dagelijkse politiek. Hoewel naar aanleiding hiervan de gemeenteraad werd ontbonden en na de verkiezingen de bondgenoten van Alfonso Ferrero een overwinning behaalden, is het irredentisme de politiek van en in Triëst lange tijd blijven bepalen, ook nadat het zijn hoogtevlucht nam tijdens het fascisme. Na de Eerste Wereldoorlog vermindert het aandeel van Heel-Italiaanse elementen in het dagelijks leven van Istrië. Daarnaast zag men het irredentisme vaak onterecht als fascisme. Het Il fascismo di frontiera viel met het einde van de Tweede Wereldoorlog: een op dubieuze rassentheorie gebaseerde vernietiging van niet-Italiaanse elementen in de nieuw verworven gebiedsdelen. En velen zagen geen hoop meer in staatkundige streven.

Zie ook[bewerken]