Jacob Nicolaas van Hall

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Portret van Van Hall (Jan Veth, 1893)

Mr. Jacob Nicolaas van Hall (Amsterdam 15 januari 1840Bilthoven 1 oktober 1918), zoon van Jacob van Hall, was een Nederlandse letterkundige en politicus.

J.N. van Hall werd te Elburg opgeleid voor de academische studie, die hij te Utrecht begon op 19 augustus 1857. Daarna werd hij ambtenaar ter secretarie te Utrecht, later te Amsterdam, secretaris van het door hem in 1869 opgerichte Tooneelverbond en van 1883 tot 1916 redacteur van De Gids. Hij leidde het tijdschrift Het Nederlandsch Tooneel.

Behalve brochures en bijdragen over muziek en toneel in die tijdschriften, in Caecilia, (psd. Fantasio), De Nederlandsche Spectator, enz., schreef hij: XX liederen ter muzikale compositie (Utr. 1868) en gaf een metrische overzetting van De Viool van Cremona (Utr. 1876).

Een lied van zijn hand (getoonzet door Hendrika van Tussenbroek) werd opgenomen in de populaire liedbundel Kun je nog zingen, zing dan mee. De eerste regels luiden: 'Weer zwelt de knop, weer groent het kruid, o, laat m' er uit, o, laat m' er uit'.

Externe link[bewerken]