Jan van Noordt

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Cimone en Ephigene (1659)

Jan van Noordt (Schagen, 1624 – ca. 1676) was een flamboyant historie- en portretschilder uit de 17e eeuw. Hij schilderde klassieke thema's, soms gebaseerd op toneelstukken of herderspelen.

Biografie[bewerken]

Alhoewel noch zijn doop, noch zijn overlijden zijn opgetekend, wordt over Jan van Noordt de laatste jaren steeds meer bekend. Zijn vader was een schoolmeester en organist uit Schagen [1] die omstreeks 1630 naar Amsterdam kwam. In 1640 stierf zijn vrouw en zijn kinderen erfden 400 gulden van hun moeder.[2] Hij werd in 1642 beiaardier van het carrilon in de nabijgelegen Zuiderkerk.

Jan van Noordt, woonachtig in de Slijkstraat, kreeg omstreeks deze tijd zijn opleiding bij Jacob Adriaensz. Backer, samen met Abraham van den Tempel, de zoon van Lambert Jacobsz. Na de dood van Backer schilderde hij meer in de stijl van Govert Flinck.

Van Noordt schilderde aanvankelijk historiestukken voor de vrije markt: Bijbelse en mythologische taferelen en ook scènes uit geliefde toneelstukken van die tijd. Zijn werk viel kennelijk in de smaak want hij kreeg steeds meer opdrachten van Amsterdamse regentenfamilies, ook voor portretten.[3] Rond 1663 schilderde hij Jan J. Hinlopen en zijn vrouw Leonora Huydecoper van Maarsseveen.

In 1671 ging zijn broer Jacob failliet en werd in hechtenis gehouden. In 1674 woonde of werkte hij op de Bloemgracht. Op 2 mei 1675 vertrok hij plotseling uit zijn huis op de Egelantiersgracht.[4] Mogelijk trok hij met Gerrit Uylenburgh naar Londen.

Van Noordt had een leerling tussen 1664 en 1669: Johannes Voorhout. De zeeschilder en kunstkenner Jan van de Capelle bezat een aantal van zijn werken, o.a. een portret van zijn vrouw. Van Noord was nooit getrouwd, maar had blijkbaar een goede verstandhouding met de dochter van Samuel Coster. Hij baseerde zich op werk van Mattheus Gansneb Tengnagel en op Granida van Pieter Corneliszoon Hooft.

De familie Van Noordt[bewerken]

De kunsthistorische literatuur over Joan van Noordt zwijgt volledig over de muzikale familieleden. Jan was de broer van Jacob en Anthonie van Noordt, organisten van de Nieuwezijds Kapel, de Oude en de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Ze waren de opvolgers van Dirck Sweelinck. Lucas, de jongste, werd predikant in Diemen. Hun neef, Sybrandus van Noord (1659-1705), de zoon van Jacobus, was beiaardier en componist in Haarlem.