Japanse kunst
Japanse grafische kunst beslaat een breed spectrum van kunstmedia, zoals keramiek, beeldhouwkunst, inktschilderingen, kalligrafie, ukiyo-e-houtsnedes, origami, bonsai en manga. Deze kunstvormen hebben zowel hun oorsprong in de Japanse samenleving als in invloeden van buitenaf, zoals China en het Westen.
Geschiedenis
[bewerken | brontekst bewerken]Japan heeft een lange kunstgeschiedenis, die een aanvang neemt met de eerste menselijke bewoning rond het 10e millennium v.Chr. Nieuwe ideeën zorgden voor abrupte veranderingen, maar Japan kende ook lange periodes van minimaal contact met de buitenwereld. In de loop der tijd werden buitenlandse invloeden geabsorbeerd en doorontwikkeld in diverse kunstvormen. Zo zorgde de introductie van het boeddhisme in de 7e en 8e eeuw voor de vroegste vormen van complexe kunst.
In de 9e eeuw begonnen de Japanse kunstenaars zich tegen de Chinese invloeden te keren en werd er teruggegrepen naar inheemse, seculiere kunstvormen. Tegen het eind van de 15e eeuw bloeiden zowel de religieuze als de seculiere kunst. Na de Onin-oorlog (1467–1477) heerste ruim een eeuw lang politieke, sociale en economische onrust. Vanaf de regering van het Tokugawa-shogunaat speelt georganiseerde religie een ondergeschikte rol in het dagelijkse leven en derhalve ook in de kunst.
Kunstvormen
[bewerken | brontekst bewerken]De Japanse kunst heeft zich tot de Asukaperiode (538–710) zelfstandig ontwikkeld. Sindsdien werden er regelmatig Chinese kunstwerken geïmporteerd en maakten Japanse kunstenaars een studie van de verschillende stijlen en technieken.
Met name de Chinese schilderkunst en kalligrafie hebben een grote invloed gehad in Japan. De Japanse schilderkunst is een van de voornaamste artistieke uitdrukkingen in Japan. Het wordt zowel door amateurs als geschoolde kunstenaars beoefend. Tot de moderne tijd schreven Japanners met een penseel. Hun vertrouwdheid met penseeltechnieken resulteerde in een voorkeur voor schilderkunst als medium voor artistieke expressie. Voor een traditioneel schilderwerk worden immers dezelfde materialen gebruikt. In de Edoperiode ontwikkelde de blokdrukkunst zich tot de kleurrijke ukiyo-e-kunst; een mengeling van Chinese, westerse en traditionele tradities.
De beeldhouwkunst wordt in Japan meestal geassocieerd met religies en is een iets minder populaire kunstvorm. Een voorbeeld wordt gevormd door de traditionele lantaarns, met name de stenen lantaarns (ishi-dōrō). Lantaarns en pagodes werden gebruikt bij Boeddhistische tempels, bij shintoïstische heiligdommen. Ook in theetuinen speciaal ontworpen modellen lantaarns gebruikt, zoals de stenen yukimigata tōrō en okigata tōrō. Met de verminderde invloed van het traditionele boeddhisme nam ook de vervaardiging van beeldhouwwerken af.
De Japanse keramiek neemt daarentegen een opvallende plaats in in de Japanse cultuur.
De Japanse architectuur kenmerkt zich door het gebruik van natuurlijke materialen en de interactie tussen binnen- en buitenruimte. Zeer oud is de bouw van aardbevingsbestendige, hoge pagodes, veelal van hout (bijvoorbeeld sōtō), maar ook van steen (bijvoorbeeld tasōtō). Veel typen pagodes hebben geen binnenruimte. Veel typen pagodes werden gebruikt bij tempels en heiligdommen, maar ook als (graf)monument voor monniken en aanzienlijke personen.
- Kasuga Taisha (rij lantaarns)
- Nozura-dōrō in een mostuin
- Daitō (grote pagode met 2 daken)
Het concept van de Japanse tuin is afgeleid van de Chinese tuin en werd samen met het taoïsme in Japan geïntroduceerd. Het is een voorstelling van een natuurlijke landschap, dat naar de Japanse esthetica is geperfectioneerd. Hetzelfde geldt voor bonsai, een traditie die zich heeft ontwikkeld onder invloed van het zen-boeddhisme. Bonsai heeft zijn wortels in de traditie van penjing en suiseki (kijk-steen) in die van gongshi.
Moderne kunst in Japan
[bewerken | brontekst bewerken]Toen Japan in 1854 zijn grenzen openstelde, vond er een wederzijdse beïnvloeding in de kunst plaats. Europa raakte in de ban van Japanse kunst en het Japonisme kwam op. Japanse kunstenaars konden voor het eerst naar de wereldtentoonstellingen in Europa en namen westerse kunsttechnieken mee terug naar Japan. In Japan ontstonden twee kunststijlen, Yōga, de Westerse stijl en Nihonga, de Japanse stijl. Takahashi Yuichi wordt gezien als de eerste Yōga-schilder. De productie van traditionele ukyiyo-e-houtsneden nam erg af onder invloed van nieuw geïmporteerde reproductietechnieken zoals de lithografie en de fotografie. In de jaren 80 van de 19 eeuw kwam er een reactie op de Yoga stijl met een grote opleving van de Nihonga-stijl, ook omdat er in Europa nog veel vraag was naar Japanse werken.[1] In 1887 werd de Tokyo Bijutsu Gakko, de kunstacademie van Tokio, opgericht. Hier werd alleen Nihonga gedoceerd. In 1896 werd een Yōga-afdeling toegevoegd. In 1907 kregen zowel Nihonta als Yōga erkenning van de academie in een jaarlijkse tentoonstelling. Kunstenares Uemura Shōen was een belangrijk exponent van de Nihonga. Zijn portretteerde vrouwen in hun werk.[2] Satoro Yasui en Ryuzaburo Umehara introduceerden abstracte schilderkunst en richten de Nika-kai groep op. Ze introduceerden het surrealisme in Japan en verzetten zich tegen de overheidstentoonstellingen van de academie.[2] In 1926 werd het Tokyo Metropolitan Art Museum opgericht, waardoor meer kunstenaars hun werk konden tonen.
In de periode van de Tweede Wereldoorlog in Azië was er in Japan alleen ruimte voor sterk patriottische kunst en kunst als overheidspropaganda. Na de Tweede Wereldoorlog was er in Japan en ook in de Japanse kunst een worsteling tussen modernisme en vasthouden aan de Japanse traditie. Kunsthistoricus Atsuo Imaizumi protesteerde tegen de volledig esthetische waarde van Japanse kunst als invulling van interieur.
De oorlog en de atoombom op Japan had een grote invloed in de Gutai groep, Gutai Bijutsu Kyokai, die in 1954 werd opgericht. Zij organiseerden performances en toneelmanifestaties, zowel op het toneel als op straat. In Nederland werd in 1966 de tentoonstelling nul gehouden met werk van de Gutai groep, onder meer van Yayoi Kusama. Kunstenaars als Genpai Akasegawa en Yoko Ono hielden Dadaistische happenings in Tokio. In de jaren 60 werden Japanse kunstenaars erg geïnspireerd door de Pop-art uit de Verenigde Staten. Bekende kunstenaars zijn Yayoi Kusama en Keiichi Tanaami, die erg werd beïnvloed door manga. Ook in de regio kwamen meer kunstgroeperingen op, onder meer Kyushu-ha op Fukuoka.
In de jaren 70 kwam de beweging Mono-ha op. Zijn onderzochten de verbinding tussen natuurlijke en industriële materialen, en maakten werk van steen, leer, olie, rijstpapier en draad, stalen platen, lampen en spons. Nobuo Sekine maakte het werk Phase-Mother-Earth, zonder opdracht. Het werk bestond uit een toren van steen in de vorm van een cylinder en een cylidrisch gat in de aarde van dezelfde grootte.
Manga en anime waren ook een inspratiebron voor de Superflat beweging, een postmodernistische Japanse kunstbeweging. Takashi Murakami is de bekendste kunstenaar uit deze beweging. Hij legde een link tussen mangafiguren met sterke contouren en kleuren en de traditionele Japanse schilderkunst. In 2000 was de tentoonstelling Superflat te zien in Japan en de Verenigde Staten.
Hedendaagse kunst in Japan is onder meer te zien op de Setouchi triënale op het kunsteiland Naoshima en het Mori art museum in Tokio.
Literatuur
[bewerken | brontekst bewerken]- (en) Momoyama, Japanese art in the age of grandeur (1975, The Metropolitan Museum of Art)
- (en) Miyeko Murase, Bridge of dreams: the Mary Griggs Burke collection of Japanese art (2000, The Metropolitan Museum of Art)
- Judith van Meeuwen, NOW JAPAN, (2013, Kunsthal KAdE)
- (en) WebMuseum Paris: Japanese Art and Architecture
- (en) Metropolitan Museum of Art: Five Thousand Years of Japanese Art
- (en) A World History of Art: Ukiyo-e
- (en) The Art of Bonsai Project
- (en) Tokyo School of Fine Arts: Okakura Kakuzo, History of Japanese Art
- ↑ Shin hanga De nieuwe prenten van Japan 1900 – 1960. Musées royaux d'Art et d'Histoire. Geraadpleegd op 22 februari 2026.
- 1 2 Over-stromingen, Geschiedenis van de moderne schilderkunst, De Japanse schilderkunst. www.art7d.be. Geraadpleegd op 22 februari 2026.