Javaanse Surinamers

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een Surinaams-Javaanse dalang speelt wayang kulit, poppenspel met beschilderde poppen van leer

Suriname heeft sinds eind 19e eeuw een Javaanse bevolkingsgroep, waarvan de eerste leden door de Nederlandse kolonisators uit toenmalig Nederlands-Indië werden aangevoerd. Een deel van hun afstammelingen woont tegenwoordig in Nederland.

Geschiedenis[bewerken]

Voorgeschiedenis[bewerken]

Na de afschaffing van de slavernij in 1863 hadden de plantages op Suriname een nieuwe bron van arbeidskrachten nodig. In aanloop van de afschaffing werden al proeven gedaan om arbeidskrachten uit China, Madeira en de Nederlandse Antillen te halen.[1] In 1853 werd zelfs een groep Chinezen uit Java geïmporteerd.[2] Deze experimenten werden echter als niet succesvol beschouwd en de omvang bleef beperkt (in totaal ongeveer 5000 arbeiders). Na 1872 werden hoofdzakelijk contractarbeiders uit Brits-Indië ingevoerd, de voorouders van de huidige Hindoestaanse bevolkingsgroep.[1]

Contractarbeiders[bewerken]

Voor de invoer van Hindoestaanse contractarbeiders was echter de toestemming van het Verenigd Koninkrijk nodig. Deze kon die op elk moment terugtrekken, zoals het dat ook in 1875 voor enkele jaren deed. Men ging dus op zoek naar een betrouwbaardere bron van arbeidskrachten. Het oog viel hierdoor op de Javanen.[3]

De eerste groep contractarbeiders kwam op 9 augustus 1890 aan boord van de Prins Willem II[4] aan in Suriname. Zij waren met 94, hoofdzakelijk afkomstig uit Surakarta, en waren bestemd voor de plantage Mariënburg, eigendom van de Nederlandsche Handel-Maatschappij.

De proef werd succesvol geacht en vanaf 1894 nam de koloniale overheid de werving van Javanen zelf ter hand. Zij werden in kleine groepen vanuit Nederlands-Indië naar Nederland gebracht, en vandaar groepsgewijs naar Paramaribo. Het vervoer van de Javaanse immigranten verliep tot 1914 (behalve in 1894) in twee etappes via Amsterdam.

Zij kwamen uit dorpen op Midden- en Oost-Java. De vertrekplaatsen op Java waren Batavia, Semarang en Tandjoeng Priok. De geworven arbeiders en hun eventuele gezinsleden wachtten daar hun vertrek af in een depot, waar zij werden geregistreerd en gekeurd en waar zij ook hun contract ondertekenden.

Crisisjaren[bewerken]

Tot 1930 waren de meeste Javanen werkzaam op de plantages. Uitzondering hierop vormde een groep in 1904; toen zijn 77 Javanen speciaal voor arbeid aan de Koloniale Spoorwegen geworven. Als gevolg van de crisisjaren sloten echter veel plantages. Veel Javanen stapten hierdoor grotendeels over op zelfstandige, kleinschalige landbouw. De daarvoor benodigde gronden werden hen door de overheid gegeven, zogenaamde gouvernementsvestigingsplaatsen, vaak opgeheven, verkavelde plantages. Het effect was merkbaar; terwijl in 1930 nog maar 18% van het benutte land in handen van kleinschalige landbouwers was, was het in 1935 al 52%.[3]

De grootschalige opheffing van de plantages zorgde er echter niet voor dat de immigratie van Javanen stopte. Door de afschaffing van de poenale sanctie in 1931 ging het hierbij echter om zogenaamde vrije immigranten.[3] De immigratie ging door tot 13 december 1939. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog verhinderde de uitvoering van een groot opgezet plan om hele desa’s vanuit Java naar Suriname over te planten.

Tweede Wereldoorlog[bewerken]

De Tweede Wereldoorlog zorgde voor de sluiting van nog meer plantages. De hierdoor arbeidsloos geworden Javanen gingen meestal werken in de bauxietmijnen. Door de oorlog was immers ook de vraag naar aluminium sterk gestegen. Ook de komst van Amerikaanse soldaten zorgde voor veel werkgelegenheid. Dit was het begin van een urbanisatietrend die zich tot de dag van vandaag verderzet.[3]

Aantal[bewerken]

In totaal kwamen tussen 1890 en 1939 32.956 Javanen naar Suriname. Daarvan keerden er voor 1938 7684 (iets minder dan 25%) terug naar Indonesië. In 1953 vertrok nog een groep van ongeveer 1000 mensen (zie Sumatra, hieronder), waardoor het totale repatriëringspercentage tot boven de 26% steeg. Een kleinere groep vertrok in 1956 naar Frans Guyana.[3] Zo’n 24.000 Javaanse immigranten bleven in Suriname.

Bij de volkstelling van 1972 werden in Suriname 57.688 Javanen geteld en in 2004 waren dat er 71.879. Daarnaast werden in 2004 ruim 60.000 inwoners van gemengde afkomst genoteerd; ook van hen is een onbekend aantal van (deels) Javaanse afkomst.

Sumatra[bewerken]

In 1953 ging een grote groep terug naar Indonesië met het schip Langkuas van de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd, onder leiding van Salikin Hardjo. Het ging om zo'n 300 families (ongeveer 1200 personen). Zij wilden zich vestigen op Java of in Lampung, maar hun verzoek werd niet ingewilligd door de toenmalige Indonesische regering. In plaats daarvan werden zij naar West-Sumatra gestuurd. Daar stichtten zij het dorp Tongas in Kabupaten Pasaman, ten noorden van de stad Padang. Zij ontgonnen nieuw land en bouwden huizen. Zij integreerden vlot met de Minangkabause gemeenschap ter plekke, ondanks het feit dat de meesten van hen christelijk waren. Huwelijken met de Minangkabauers, die overwegend moslim waren, waren gebruikelijk en overledenen werden begraven op de islamitische begraafplaats. De huidige generatie voelt zich meer Indonesisch dan Surinaams, maar onderhoudt nog contacten met familie en vrienden in Suriname en Nederland en reist er soms naartoe.

Nederland[bewerken]

In de jaren zeventig kwamen 20.000 tot 25.000 Surinaamse Javanen naar Nederland. Zij vestigden zich vooral in en rond steden als Groningen, Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Zoetermeer. Zij zijn goed geïntegreerd in de Nederlandse samenleving en zorgen er tegelijkertijd voor hun Javaanse identiteit te behouden, o.a. via verenigingen die regelmatig bijeenkomsten organiseren. De meesten hebben familieleden in Suriname die zij cadeaus en geld sturen. Velen gaan regelmatig naar Suriname.

Bekende Javaanse Surinamers[bewerken]

In Suriname[bewerken]

In Nederland[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  • Bersselaar, van den, D., H. Ketelaars, 1991, De komst van contractarbeiders uit Azië: Hindoestanen en Javanen in Suriname, Leiden, ISBN 90-5292-037-0
  • Breunissen, K., 2001, Ik heb Suriname altijd liefgehad: het leven van de Javaan Salikin Hardjo, Leiden, ISBN 90-6718-183-8
  • Bruin, de, H., 1990, Javanen in Suriname, Paramaribo
  • Derveld, F.E.R., 1982, Politieke mobilisatie en integratie van de Javanen in Suriname : Tamanredjo en de Surinaamse nationale politiek, Groningen: Bouma's boekhandel, ook verschenen als proefschrift Leiden, ISBN 90-6088-078-1
  • Grasveld, Fons en Klaas Breunissen, 1990, Ik ben een Javaan uit Suriname, Hilversum: Stichting Ideële Filmprodukties, ISBN 90-9003600-8
  • Hardjomohamed, R., 1998, Javanese female immigrants in the historiography of Suriname, Suriname
  • Hoefte, R., 1990, De betovering verbroken: de migratie van Javanen naar Suriname en het rapport-Van Vleuten (1909), Dordrecht, ISBN 90-6765-458-2
  • Hoefte, R., 1998, In place of slavery: a social history of British Indian and Javanese laborers in Suriname, Gainesville, ISBN 0-8130-1625-8
  • Jorna, E., 1985, "Naar een land van melk en honing?": Javaanse emigratie naar Suriname 1890-1917, Leiden, doctoraalscriptie
  • Kempen, M. van, 2003, 'Javanen'. In: Een geschiedenis van de Surinaamse literatuur. Breda: De Geus, pp. 197-209. (overzicht van de Surinaams-Javaanse orale literatuur)
  • Mangoenkarso, P.P., 2002, De eerste 94 Javanen op plantage Mariënburg in Suriname, Rijswijk
  • Mitrassing, F.E.M., 1990, Etnologische trilogie: Suriname: Creolen, Hindostanen, Javanen: gedenkschriften, Paramaribo
  • Mulder, K., 1987, Reserve-arbeid in een reserve-kolonie: immigratie en kolonisatie van de Javanen in Suriname 1890-1950, Rotterdam, doctoraalscriptie.
  • Six-Oliemuller, B.J.F.G., 1998, Aziaten vergeleken: Hindoestanen en Javanen in Suriname, 1870-1875, Leiden, doctoraalscriptie
  • Suparlan, P., 1995, The Javanese in Suriname: ethnicity in an ethnically plural society, Tempe
  • Vruggink, Hein i.s.m. John Sarmo, 2001, Surinaams-Javaans - Nederlands Woordenboek, KITLV Uitgeverij, Leiden, ISBN 90-6718-152-8
  • Waal Malefijt, de, A., 1963, The Javanese of Surinam, Assen
  • Waal Malefijt, de, A., 1960, The Javanese population of Surinam, Colombia
  • Wengen, van, G.D., 1975, The cultural inheritance of the Javanese in Surinam, Leiden, ISBN 90-04-04365-9
  • Winden, van der, Y., 1978, Javanen in Suriname: bibliografie van publicaties verschenen over de Javaanse bevolkingsgroep in Suriname, Den Haag

Referenties[bewerken]

  1. a b Suriname.nu, De Hindoestanen
  2. Suriname.nu, De Chinezen
  3. a b c d e Suriname.nu, De Javanen, pagina 1
  4. Suriname.nu, De Javanen, pagina 6

Externe links[bewerken]