Johan De Stoop

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Johan De Stoop (Brugge, 7 februari 1824Roeselare, 30 oktober 1898 was een West-Vlaamse componist, dirigent, pianist, organist en muziekleraar.

Leven en werk[bewerken]

Johan De Stoop kwam uit een muzikale familie. Hij kreeg zijn eerste muzieklessen van zijn vader Frans en later van de Brugse componist Jules Busschop. In 1848 werd hij organist in de Sint-Gilliskerk te Brugge en 1856 tot 1885 was hij muziekleraar in het Klein Seminarie te Roeselare, waar hij bevriend was met Guido Gezelle. In 1862 werd De Stoop dirigent van de plaatselijke Société de Sainte-Cécile.

Onder invloed van de Groote Stooringe van Albrecht Rodenbach componeerde hij in 1875 o.a. Het lied der Vlaamsche zonen en Klokke Roeland. Zang was voor hem belangrijk in het muziekonderwijs. Verder componeerde hij ook liturgische muziek.

Composities[bewerken]

Hij toondichtte ook verschillende liederen op tekst van Guido Gezelle, zoals:

  • t Ruischen van het ranke riet
  • Het Vlaamsche woord
  • Hebt gij niet gezien… omschreven als Koddige duo voor 2 gelykige stemmen door J & G Spoker pseudoniemen voor Johan De Stoop en Guido Gezelle

Externe links[bewerken]