Johannes Vollebregt

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Het Vollebregt-orgel in de Sint-Catharinakerk ('s-Hertogenbosch)
Het Vollebregt-orgel uit 1846 in de Hervormde Kerk te Sleen
Het Vollebregt-orgel uit 1852 in de Sint-Odulphuskerk te Best

Johannes Vollebregt (ook: J.J. Vollebregt) (Maassluis, 21 mei 1793 - 17 mei 1872) was een Nederlands orgelbouwer.

Levensloop[bewerken]

Hij verhuisde in 1800 met zijn familie naar Vlaardingen waar hij werkte als orgelbouwer en meubelmaker. Op 3 april 1818 trouwde hij met Anna Maria van den Tempel, afkomstig uit Schiedam, alwaar het echtpaar zich vestigde. Het was een gemengd huwelijk: Johannes was katholiek en Anna was hervormd. Omstreeks 1820 verhuisde het echtpaar naar Rotterdam, waar Johannes voornamelijk het meubelmakersvak beoefende. Omstreeks 1827 gingen zij weer naar Vlaardingen en in 1830 weer naar Schiedam.

Op 18 april 1841 overleed Anna, vijf kinderen achterlatend. Vanaf 1839 bekwaamde Johannes zich in het vak van orgelmaker. Hij ging in de leer bij de bouwers Lohman, Bätz en Naber. In 1845 vertrok hij naar Noord-Brabant, en wel naar Waalwijk. In deze provincie werden veel katholieke kerken gebouwd wat voor een orgelmaker een goede boterham betekende. In 1846 presenteerde hij zich als meester orgelbouwer. In 1847 vestigde het gezin zich in 's-Hertogenbosch. Ook Johannes' zoon, Jacobus Vollebregt, was intussen als orgelbouwer actief. Op 5 mei 1847 trad ook deze in het huwelijk en wel met Helena Barends, dochter van een koffiebrander. Jacobus stierf in 1888.

Werk[bewerken]

Vader en zoon Vollebregt hebben 37 nieuwe orgels vervaardigd. Vele daarvan zijn later rigoureus omgebouwd en weinige verkeren nog in de originele staat. Het eerste Vollebregt-orgel stamt uit 1846 en bevindt zich tegenwoordig te Sleen. Orgels met een neoclassicistische orgelkast bevinden zich te Erp, Gemonde, de Sint Catharinakerk te 's-Hertogenbosch, Zevenbergen en de Johannes de Doperkerk te Kaatsheuvel. Voorts zijn er Vollebregt-orgels in Sint-Odulphuskerk Best, Breugel en Besoyen (1657).