John Heartfield

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
John Heartfield op een postzegel van de DDR.

John Heartfield (oorspronkelijke naam Helmut Herzfelde) (Berlijn, 19 juni 1891 - Oost-Berlijn, 26 april 1968) was een Duits Dada kunstenaar.

Hij veranderde zijn naam van Helmut Herzfelde in John Heartfield uit protest tegen het Duitse militarisme en het Duitse leger waarin hij tot 1915 dienstplichtig was. In 1916 verzorgde hij de uitgave en het ontwerp van het tijdschrift 'Neue Jugend'. In 1917 richtte hij samen met zijn broer Wieland de uitgeverij Malik Verlag op en raakte hij bevriend met George Grosz, Carl Gustav Jung en Huelsenbeck. Hij was stichtend lid van de Berliner Dada in 1919 en was een spilfiguur in de vernieuwing van de offsetprinting. Hij gaf tijdschriften uit als 'Jedermann sein eigener Fußball' en 'Der Kunstlump'. Van 1921 tot 1923 was hij decorontwerper voor de films van Max Reinhardt. In 1929 maakte hij foto's en fotomontages voor Deutschland über alles van de auteur Kurt Tucholsky.

Heartfield gebruikte fotomontage als een propagandamiddel. Hij heeft zelf nooit beelden gemaakt, maar hergebruikte prints uit tijdschriften die hij herwerkte tot collages. John Heartfield viel de persvrijheid aan in een surrealistische poster 'weg met de bourgeoisiekranten: ze zijn stom'. Ander bekend werk is Yuletideposter, een kerstboom zonder takken op een voet in de vorm van een hakenkruis. De tekst luidt: 'Oh, dennenboom, waar zijn uw takken?', een affiche die het opkomende nazisme bespotte. In 1921 werd hij, vanwege zijn beeldhouwwerk Preußischer Erzengel, aangeklaagd wegens belediging van het Duitse patriottisme.

Voor het magazine A/Z ontwierp hij de cover in 1934, met daarop een kathedraal waarvan de torens door kogels zijn vervangen, en op de toppen bevinden zich de Amerikaanse dollar, het swastika-symbool en de Britse pond. Latere affiches zoals 'Adolf der Übermensch: slikt goud en spreekt blik'. Na een overval van de SA op zijn huis in 1933 vluchtte Heartfield naar Praag. Na de bezetting van Tsjechoslowakije door de Duitsers in 1938 verhuisde hij naar Londen.

In 1950 keerde hij terug naar Duitsland, naar de net opgerichte DDR, waar hij zich vestigde in Leipzig en in Oost-Berlijn. Daar werkte hij samen met toneelschrijver en regisseur Bertolt Brecht. Via z'n fotomontage-technieken zou hij zich opnieuw inzetten tegen de Vietnamoorlog. Hij was een voorstander van de wereldvrede, wat het betoog was van de dadaïsten.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]