Jubileumaflaat voor de nieuwbouw van de St Pieterskerk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search

De nieuwbouw van de Sint-Pietersbasiliek in Rome vond plaats van 1506-1615. Om de kosten daarvan te dekken verkocht de rooms-Katholieke Kerk aflaten. In Duitsland kwamen daarbij praktijken voor die uiteindelijk mede zouden leiden tot de Reformatie.

Albrecht van Brandenburg[bewerken]

Albrecht van Brandenburg was op 23-jarige leeftijd (1513) aartsbisschop van Maagdenburg en administrator van Halberstadt. Een jaar later (9 maart 1514), werd hij door het domkapittel van Mainz als keurvorst en aartsbisschop van Mainz voorgedragen, mede omdat Albrecht beloofd had de door Mainz te betalen servituten en palliumgelden te betalen.

Albrecht bezat evenwel al de bisschoppelijke zetels van Maagdenburg en Halberstadt. Dit was echter in strijd met de kerkelijke wet en zelfs voor die tijd van simonie, een buitengewone cumulatie van prebenden. Doch de curie verleende hem dispensatie tegen 10.000 dukaten.

Samen met de servituten en palliumgelden van Mainz (14.000 dukaten) moest Albrecht nog 24.000 dukaten hebben, waarvoor hij 29.000 Rijnlandse goudgulden leende bij de bank van de Fuggers in Augsburg. Hij moest dit geld bij elkaar brengen door zich gedurende acht jaar te belasten met de prediking van de aflaat en de verzameling van de opbrengsten uit de verkoop ervan voor de Sint Pieterskerk, waarvan hij de helft mocht houden.

Zie ook[bewerken]