Kabinet-Drees I

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Kabinet-Drees I
Drees II
De ministers van het kabinet-Drees I in de Trêveszaal op 18 augustus 1952
De ministers van het kabinet-Drees I in de Trêveszaal op 18 augustus 1952
Coalitie KVP, PvdA, CHU, VVD
Zeteltal TK 32 + 27 + 9 + 8 = 76
Premier dr. W. (Willem) Drees
Beëdiging 15 maart 1951
Demissionair 25 juni 1952
Ontslagdatum 2 september 1952
Voorganger Drees-Van Schaik
Opvolger Drees II
Zetels in de Tweede Kamer
Zetels in de Tweede Kamer
Overzicht kabinetten
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Het kabinet-Drees I (ook bekend als Drees II)[1] was het Nederlandse kabinet van 15 maart 1951 tot 2 september 1952. Het werd gevormd door de politieke partijen Katholieke Volkspartij (KVP), Partij van de Arbeid (PvdA), Christelijk-Historische Unie (CHU) en de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD) na de val van het Drees-Van Schaik op 25 januari 1951. Het centrum kabinet-Drees I was een meerderheidskabinet dat zowel in de Eerste Kamer en Tweede Kamer kon rekenen op een ruime meerderheid. Het kabinet-Drees I was een voortzetting van het vorige kabinet Drees-Van Schaik en de rooms-rode coalitie.[2]

Verloop[bewerken]

Als eerste stap naar een mogelijke Europese eenwording wordt Nederland in 1951 lid van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS). Naast Nederland treden ook België, Luxemburg, Frankrijk, Italië en West Duitsland toe.

Het geschilpunt dat leidde tot de val van het vorige kabinet Drees-Van Schaik, de positie van Nieuw-Guinea in de Nederlands-Indonesische Unie, wordt in de 'ijskast' gezet. Het kabinet richt zich met name op het te voeren financieel-economische beleid. Nederlandse militairen nemen in VN-verband deel aan de strijd tussen Noord- en Zuid-Korea. De Korea-crisis leidt tot een lichte economische recessie.

Het kabinet brengt onder meer een nieuwe Winkelsluitingswet en een Kinderbijslagwet voor zelfstandigen tot stand. Verder komen er wetten over de bescherming van de burgerbevolking en om de regering bijzondere bevoegdheden te geven in geval van oorlogsdreiging of binnenlandse onrust. Op 2 oktober 1951 vindt in Nederland de eerste officiële tv-uitzending plaats.

Op 15 september 1951 wordt de naam van het Ministerie van Sociale Zaken veranderd in Ministerie van Sociale Zaken en Volksgezondheid.

Personele wijzigingen[bewerken]

Op 18 november 1951 overleed minister van Binnenlandse Zaken Johannes Henricus van Maarseveen (KVP) op 57–jarige leeftijd. Vicepremier en minister voor Burgerlijke Verdediging en Bescherming Bevolking Frans Teulings (KVP) neemt de functie waar tot en met 6 december 1951 als voormalig minister-president Louis Beel (KVP), die tot dan werkzaam is als hoogleraar bestuursrecht- en bestuurskunde op de Katholieke Universiteit Nijmegen, wordt beëdigd als minister van Binnenlandse Zaken.

Op 1 juli 1952 treedt minister van Financiën Piet Lieftinck (PvdA) af, nadat hij een hoge functie bij de Wereldbank in Ankara heeft aanvaard. Minister-president Willem Drees (PvdA) neemt de portefeuille waar tot het aantreden van het nieuwe kabinet op 2 september 1952.

De bewindslieden van het kabinet-Drees I tijdens de presentatie op 14 maart 1951.
Minister-president Willem Drees legt de regeringsverklaring af aan de Tweede Kamer op 17 maart 1951.
Minister van Justitie Hendrik Mulderije, bestuursvoorzitter van Philips Frits Philips en vicepremier en minister voor Burgerlijke Verdediging en Bescherming Bevolking Frans Teulings tijdens de presentatie van de eerste televisie uitzending op 2 October 1951.
Staatssecretaris van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen Jo Cals tijdens de opnamen van een toespraak voor de eerste televisie-uitzending op 2 oktober 1951.

Ambtsbekleders[bewerken]

Ambtsbekleders Ministers / Ministerie Termijn Partij
W. (Willem) Drees dr.
W. (Willem) Drees

(1886–1988)
Minister-president /
Minister
Algemene Zaken 7 augustus 1948 –
22 december 1958
PvdA
F.G.C.J.M. (Frans) Teulings mr.
F.G.C.J.M. (Frans) Teulings

(1891–1966)
Vicepremier /
Minister
Burgerlijke Verdediging en Bescherming Bevolking
(Binnenlandse Zaken)
15 maart 1951 –
2 september 1952
KVP
J.H. van Maarseveen mr.
J.H. van Maarseveen

(1894–1951)
Minister Binnenlandse Zaken 15 maart 1951 –
18 november 1951
(overleden)
KVP
F.G.C.J.M. (Frans) Teulings mr.
F.G.C.J.M. (Frans) Teulings

(1891–1966)
18 november 1951 –
6 december 1951
(waarnemend)
KVP
L.J.M. (Louis) Beel mr.dr.
L.J.M. (Louis) Beel

(1902–1977)
6 december 1951 –
7 juli 1956
KVP
D.U. (Dirk) Stikker mr.
D.U. (Dirk) Stikker

(1897–1979)
Minister Buitenlandse Zaken 7 augustus 1948 –
2 september 1952
VVD
P. (Piet) Lieftinck mr.dr.
P. (Piet) Lieftinck

(1902–1989)
Minister Financiën 25 juni 1945 –
1 juli 1952
(afgetreden)
PvdA
W. (Willem) Drees dr.
W. (Willem) Drees

(1886–1988)
1 juli 1952 –
2 september 1952
PvdA
H. (Hendrik) Mulderije mr.
H. (Hendrik) Mulderije

(1896–1970)
Minister Justitie 15 maart 1951 –
2 september 1952
CHU
J.R.M. (Jan) van den Brink dr.
J.R.M. (Jan) van den Brink

(1915–2006)
Minister Economische Zaken 21 januari 1948 –
2 september 1952
KVP
C. (Kees) Staf ir.
C. (Kees) Staf

(1905–1973)
Minister Oorlog 15 maart 1951 –
19 mei 1959
CHU
Marine
A.M. (Dolf) Joekes mr.dr.
A.M. (Dolf) Joekes

(1885–1962)
Minister Sociale Zaken 7 augustus 1948 –
15 september 1951
PvdA
Sociale Zaken en Volksgezondheid 15 september 1951 –
2 september 1952
F.J.Th. (Theo) Rutten dr.
F.J.Th. (Theo) Rutten

(1899–1980)
Minister Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen 7 augustus 1948 –
2 september 1952
KVP
H.H. (Hendrik) Wemmers H.H. (Hendrik) Wemmers
(1897–1983)
Minister Verkeer en Waterstaat 15 maart 1951 –
2 september 1952
Onafhankelijk
S.L. (Sicco) Mansholt S.L. (Sicco) Mansholt
(1908–1995)
Minister Landbouw, Visserij en Voedselvoorziening 25 juni 1945 –
1 januari 1958
PvdA
J. (Joris) in 't Veld mr.dr.
J. (Joris) in 't Veld

(1895–1981)
Minister Wederopbouw en Volkshuisvesting 1 maart 1948 –
2 september 1952
PvdA
W. (Willem) Drees dr.
W. (Willem) Drees

(1886–1988)
Minister Uniezaken en Overzeese Rijksdelen 15 maart 1951 –
30 maart 1951
(waarnemend)
PvdA
L.A.H. (Leonard) Peters ir.
L.A.H. (Leonard) Peters

(1900–1984)
30 maart 1951 –
2 september 1952
KVP
Ambtsbekleder Minister / Portefeuille / Ministerie Termijn Partij
A.H.M. (Guus) Albregts dr.
A.H.M. (Guus) Albregts

(1900–1980)
Minister Publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie,
Middenstand en Productiviteitsbevordering
(Economische Zaken)
15 maart 1951 –
2 september 1952
KVP
Ambtsbekleders Staatssecretarissen / Portefeuille / Ministerie Termijn Partij
N.S. (Nico) Blom mr.
N.S. (Nico) Blom

(1899–1972)
Staatssecretaris Nederlands-Indonesische Aangelegenheden
(Buitenlandse Zaken)
16 februari 1950 –
2 september 1952
Onafhankelijk
H.C.W. (Harry) Moorman H.C.W. (Harry) Moorman
(1899–1971)
Staatssecretaris Marinebeleid
(Marine)
1 mei 1949 –
19 mei 1959
KVP
Personeelszaken en Legervorming
(Oorlog)
23 oktober 1950 –
2 september 1952
F.J. (Ferdinand) Kranenburg mr.
F.J. (Ferdinand) Kranenburg

(1911–1994)
Materieelvoorzieningen
(Oorlog)
1 juni 1951 –
1 juni 1958
PvdA
A.A. (Aart) van Rhijn mr.dr.
A.A. (Aart) van Rhijn

(1892–1986)
Staatssecretaris Sociale Zaken en Werkgelegenheid
(Sociale Zaken)
15 februari 1950 –
15 september 1951
PvdA
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
(Sociale Zaken en Volksgezondheid)
15 september 1951 –
22 december 1958
P. (Piet) Muntendam dr.
P. (Piet) Muntendam

(1901–1986)
Volksgezondheid
(Sociale Zaken)
1 april 1950 –
15 september 1951
PvdA
Volksgezondheid
(Sociale Zaken en Volksgezondheid)
15 september 1951 –
1 oktober 1953
J.M.L.Th. (Jo) Cals mr.
J.M.L.Th. (Jo) Cals

(1914–1971)
Staatssecretaris Jeugdvorming, Media, Cultuur en Natuur
(Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen)
15 maart 1950 –
2 september 1952
KVP
L. (Lubbertus) Götzen L. (Lubbertus) Götzen
(1894–1979)
Staatssecretaris Nederlands-Indonesische Unie
en Begrotingstechnische Zaken
(Uniezaken en Overzeese Rijksdelen)
15 maart 1951 –
2 september 1952
Onafhankelijk
Bron: Kabinet-Drees I Rijksoverheid.nl

Kabinetsformatie[bewerken]

Na de val van het kabinet-Drees-Van Schaik wordt de Tweede Kamer niet ontbonden. Koningin Juliana geeft minister van Buitenlandse Zaken Dirk Stikker (VVD) opdracht informatie in te winnen over de mogelijkheden een nieuw kabinet te vormen dat het vertrouwen van de Tweede Kamer kan krijgen en benoemt hem tot informateur.

Het uitgangspunt van Stikker en later ook van informateur Max Steenberghe (KVP) is de stevige positie van de PvdA te verzwakken. De PvdA voelt daar uiteraard niets voor. Daartussendoor hebben minister-president Drees en vicepremier Josef van Schaik (KVP) ook nog een poging gewaagd het kabinet te reconstrueren. Deze poging mislukt echter ook, omdat Stikker vindt dat de positie van de VVD en CHU in een nieuw kabinet versterkt moet worden. Ten slotte weet KVP–leider Carl Romme tot een oplossing te komen. De PvdA behoudt het premierschap en Ministerie van Financiën. De VVD tolereert dat partijgenoot Stikker minister van Buitenlandse Zaken mag blijven en geeft daarmee feitelijk gedoogsteun aan het kabinet.

Reden ontslagaanvraag[bewerken]

Einde van de parlementaire periode.

Noemenswaardigheden[bewerken]

Zie ook[bewerken]