Naar inhoud springen

Kabinet-Jetten

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Kabinet-Jetten
De bordesscène van de ministers van het kabinet-Jetten met vooraan koning Willem-Alexander bij Huis ten Bosch op 23 februari 2026.
De bordesscène van de ministers van het kabinet-Jetten met vooraan koning Willem-Alexander bij Huis ten Bosch op 23 februari 2026.
Coalitie D66, VVD en CDA
Zeteltal TK (26 + 22 + 18 =) 66 / 150
Zeteltal EK (7 + 9 + 6 =) 22 / 75
Premier Rob Jetten
Beëdiging 23 februari 2026
Formatie 2025-2026
Kabinet-Jetten
Opvolging kabinetten
Schoof  
Overzicht kabinetten
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Nederlandse politiek
Rijkswapen der Nederlanden.svg
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Nederland

Het kabinet-Jetten is sinds 23 februari 2026 het Nederlandse kabinet, resulterend uit de Tweede Kamerverkiezingen van oktober 2025. Het kabinet wordt gevormd door Democraten 66 (D66), Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD) en Christen-Democratisch Appèl (CDA) en staat onder voorzitterschap van minister-president Rob Jetten (D66). Deze drie partijen beschikken gezamenlijk over 66 van de 150 zetels in de Tweede Kamer en over 22 van de 75 zetels in de Eerste Kamer, waarmee dit een minderheidskabinet is.

Totstandkoming

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Kabinetsformatie Nederland 2025-'26 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De formatie van een nieuw kabinet, als opvolger van het kabinet-Schoof, volgde op de Tweede Kamerverkiezingen van 29 oktober 2025, waarbij D66 de meeste stemmen kreeg en daardoor het initiatief kreeg om een regering te vormen. Op 4 november werd D66'er Wouter Koolmees aangewezen als verkenner. Op zijn advies begon D66 negen dagen later onderhandelingen met het CDA, aanvankelijk gericht op een deelakkoord. Nadat hierover overeenstemming was bereikt, werd besloten ook de VVD bij de besprekingen te betrekken. Vanaf 10 december 2025 werden de onderhandelingen voortgezet onder leiding van informateur Rianne Letschert. De drie partijen spraken vervolgens de intentie uit een minderheidskabinet te vormen, dat noch in de Tweede Kamer noch in de Eerste Kamer over een meerderheid beschikt en daardoor voor het aangenomen krijgen van wetsvoorstellen afhankelijk is van steun van andere fracties.

Letschert bereikte op 30 januari 2026 met de drie partijen een coalitieakkoord, getiteld Aan de slag. Bouwen aan een beter Nederland.[1][2] Vijf dagen later werd Jetten aangewezen als formateur.[3] De beëdiging van de bewindslieden door koning Willem-Alexander was op 23 februari dat jaar.[4]

Regeerakkoord

[bewerken | brontekst bewerken]

In het coalitieakkoord staan plannen voor het versneld verhogen van de AOW-leeftijd, het versoberen van de WW en de WIA en krimp van het ambtenarenapparaat. De hypotheekrenteaftrek blijft ongewijzigd. De stikstofuitstoot dient in 2030 23-25% lager te zijn in de landbouw. De uitgaven aan Defensie nemen toe om te groeien naar de 3,5% bnp-norm. Op medisch terrein is gekozen voor meer preventie en passende zorg. De groei in de zorg wordt beperkt door gerichte beperking van de kostengroei. Het eigen risico in de zorg wordt verhoogd. Vliegveld Lelystad Airport wordt opengesteld voor vakantievluchten.

Samenstelling

[bewerken | brontekst bewerken]

D66 mocht zeven ministers en drie staatssecretarissen leveren, de VVD zes ministers en drie staatssecretarissen, en het CDA vijf ministers en drie staatssecretarissen. Verder werd afgesproken dat de partijloze Sandra Palmen aan zou blijven als staatssecretaris Herstel Toeslagen. Tweede Kamerlid Nathalie van Berkel werd op 9 februari 2026 door D66 voorgedragen als beoogd staatssecretaris Financiën. Zeven dagen later trok zij zich voor die functie terug, nadat dagblad de Volkskrant die dag aan het licht had gebracht dat zij jarenlang in haar curriculum vitae onjuiste informatie had verstrekt.[5]

Bewindspersonen

[bewerken | brontekst bewerken]
Ministers[6]
Ambtsbekleders Minister Ministerie Termijn Partij
R.A.A. (Rob) Jetten
(1987)
Minister-president /
Minister
Algemene Zaken 23 februari 2026 – heden D66
D. (Dilan) Yeşilgöz
(1977)
Vicepremier /
Minister
Defensie 23 februari 2026 – heden VVD
P.E. (Pieter) Heerma
(1977)
Minister Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 23 februari 2026 – heden CDA
T.B.W. (Tom) Berendsen
(1983)
Minister Buitenlandse Zaken 23 februari 2026 – heden CDA
E. (Eelco) Heinen
(1981)
Minister Financiën 2 juli 2024[7]heden VVD
D.M. (David) van Weel
(1976)
Minister Justitie en Veiligheid 23 februari 2026 – heden VVD
H. (Heleen) Herbert
(1972)
Minister Economische Zaken en Klimaat 23 februari 2026 – heden CDA
R.M. (Rianne) Letschert
(1976)
Minister Onderwijs, Cultuur en Wetenschap 23 februari 2026 – heden D66
S.Th.M. (Sophie) Hermans
(1981)
Minister Volksgezondheid, Welzijn en Sport 23 februari 2026 – heden VVD
J.A. (Hans) Vijlbrief
(1963)
Minister Sociale Zaken en Werkgelegenheid 23 februari 2026 – heden D66
V.P.G. (Vincent) Karremans
(1986)
Minister Infrastructuur en Waterstaat 23 februari 2026 – heden VVD
J. (Jaimi) van Essen
(1991)
Minister Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur 23 februari 2026 – heden D66
Ministers zonder portefeuille[6]
Ambtsbekleders Minister Ministerie Termijn Partij
G. (Bart) van den Brink
(1978)
Vicepremier /
Minister
Asiel en Migratie

(Justitie en Veiligheid)
23 februari 2026 – heden CDA
Sj.W. (Sjoerd) Sjoerdsma
(1981)
Minister Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

(Buitenlandse Zaken)
23 februari 2026 – heden D66
E. (Elanor) Boekholt-O'Sullivan
(1976)
Minister Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

(Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties)
23 februari 2026 – heden D66
S. (Stientje) van Veldhoven
(1973)
Minister Klimaat en Groene Groei

(Economische Zaken
en Klimaat
)
23 februari 2026 – heden D66
W.R.C. (Mirjam) Sterk
(1973)
Minister Langdurige Zorg, Jeugd en Sport

(Volksgezondheid, Welzijn en Sport)
23 februari 2026 – heden CDA
A.A. (Thierry) Aartsen
(1989)
Minister Werk en Participatie

(Sociale Zaken en Werkgelegenheid)
23 februari 2026 – heden VVD
Staatssecretarissen[8]
Ambtsbekleders Minister Ministerie Termijn Partij
E. (Eric) van der Burg
(1965)
Staatssecretaris • Slagvaardige Overheid
• Rijksdienst
• Koninkrijksrelaties

(Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties)

23 februari 2026 – heden VVD
E. (Eelco) Eerenberg
(1984)
Staatssecretaris • Fiscale Zaken
• Belastingdienst
• Staatsloterij
• Toeslagen
• Douane

(Financiën)

23 februari 2026 – heden D66
S.Th.P.H. (Sandra) Palmen
(1972)
• Herstel Toeslagen

(Financiën)

5 september 2025[7]heden O
W.J.M. (Willemijn) Aerdts
(1983)
Staatssecretaris • Digitalisering
• Digitale Overheid
• Digitale Economie
• Telecommunicatie
• Digitale Samenleving
• Soevereiniteit

(Economische Zaken en Klimaat)

23 februari 2026 – heden D66
J.A. (Jo-Annes) de Bat
(1980)
• Klimaat en Groene Groei
• Staatstoezicht op de Mijnen
• Kernenergie
• Netcongestie

(Economische Zaken en Klimaat)

23 februari 2026 – heden CDA
D.G. (Derk) Boswijk
(1989)
Staatssecretaris • Personeelsbeleid
• Materieelvoorzieningen
• Bedrijfsvoering

(Defensie)

23 februari 2026 – heden CDA
C. (Claudia) van Bruggen
(1980)
Staatssecretaris • Rechtsbescherming
• Privaatrecht
• Privacybeleid
• Personen- en Familierecht
• Jeugdbescherming
• Kansspelen
• Reclassering
• Delinquentenzorg
• Gevangeniswezen

(Justitie en Veiligheid)

23 februari 2026–heden D66
J.Z.C.M. (Judith) Tielen
(1972)
Staatssecretaris • Primair Onderwijs
• Voortgezet Onderwijs
• Speciaal Onderwijs
• Volwasseneneducatie
• Lerarenbeleid
• Emancipatie

(Onderwijs, Cultuur en Wetenschap)

23 februari 2026–heden VVD
A.W.H. (Annet) Bertram
(1959)
Staatssecretaris • Milieuzaken
• Openbaar Vervoer
• Spoorwegen
• KNMI

(Infrastructuur en Waterstaat)

23 februari 2026 – heden CDA
S.P.A. (Silvio)
Erkens

(1990)
Staatssecretaris • Visserij
• Voedselzekerheid
• Dierenwelzijn
• Tuinbouw

(Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur)

23 februari 2026 – heden VVD

Wijziging ministeries

[bewerken | brontekst bewerken]

Bij de verdeling van de ministerposten werden enkele wijzigingen aangebracht in ministeries en portefeuilles. Het ministerie van Economische Zaken wordt hernoemd naar ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Er werden drie ministeries opgeheven, namelijk het ministerie van Asiel en Migratie (A&M), het ministerie van Klimaat en Groene Groei (KGG) en het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO). De bijbehorende ministersposten werden ondergebracht bij de departementen van respectievelijk Justitie en Veiligheid, Economische Zaken en Klimaat en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Aldaar waar zij ook een eigen begroting behielden.

Er werden twee nieuwe ministers zonder portefeuille ingesteld, te weten Langdurige Zorg, Jeugd en Sport en Werk en Participatie, die respectievelijk werden ondergebracht bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Alle ministers kregen daarbij dezelfde benaming om gelijkwaardigheid te creëren, terwijl zij organisatorisch wel inwonend bleven bij hun departementen.[9]

Daarnaast werd het beleidsterrein circulaire economie overgeheveld van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat naar het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, en werd ook het beleidsterrein digitalisering overgeheveld van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties naar Economische Zaken en Klimaat.