Kakkerlakken

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kakkerlakken
Boven- en onderzijde van Blaberus giganteus
Boven- en onderzijde van Blaberus giganteus
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse: Insecta (Insecten)
Onderklasse: Pterygota
Infraklasse: Neoptera
Superorde: Dictyoptera
Orde
Blattodea
Afbeeldingen Kakkerlakken op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Kakkerlakken op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Insecten

De kakkerlakken (Blattodea) vormen een orde van insecten, die oppervlakkig enigszins lijken op kevers maar hiervan toch sterk verschillen, onder andere door het ontbreken van een volledige gedaanteverwisseling. Bidsprinkhanen en termieten zijn sterker verwant aan de kakkerlakken dan andere insectenorden. Deze drie groepen behoren tot de superorde Dictyoptera. Er zijn 4690 soorten kakkerlakken beschreven, waarvan er ongeveer twintig wel eens als plaag kunnen voorkomen.

Kenmerken[bewerken]

De lengte van diverse soorten kakkerlakken varieert van minder dan een centimeter tot 8 cm. In Nederland komen in huizen de Duitse kakkerlak en de Amerikaanse kakkerlak nog wel eens voor als plaag. In Nederlandse bossen vindt men 5 soorten uit de familie Blatellidae waarvan 4 oorspronkelijk inheems zijn en behoren tot het West-Palearctische geslacht Ectobius: de heidekakkerlak (Ectobius panzeri), de boskakkerlak (Ectobius sylvestris), de bleke kakkerlak (Ectobius pallidus), en de noordse kakkerlak (Ectobius lapponicus). Deze soorten leven vrijwel uitsluitend in de bladstrooisellaag van kruidrijke bermen en bosranden. De vijfde soort, de Duitse kakkerlak (Blattella germanica), is al ruim 150 jaar in Nederland te vinden en wordt als ingeburgerd beschouwd. Deze laatste niet-vliegende soort is vooral binnenshuis te vinden en bij geschikte, droge weersomstandigheden ook in de natuur.

Kakkerlakken hebben een eironde en verticaal afgeplatte lichaamsvorm en zijn meestal goed gecamoufleerd, doorgaans bruin tot zwart. Sommige tropische soorten zijn meer bont gekleurd zoals rood en geel, of ook wel groen. Ze kunnen vaak zeer snel lopen en veel soorten kunnen vliegen. Kakkerlakken zijn alleseters. Sommige soorten kunnen tien tot veertig dagen zonder eten.

Er is bekend dat ze elkaars geursignalen oppikken en hierop reageren, al is dit niet te vergelijken met sociale insecten zoals mieren. De lange voelsprieten zijn ook bij een kakkerlak in rust meestal voortdurend in beweging.

Kakkerlakken hebben een snelle voortplanting. De hoeveelheid kakkerlakken in een eipakketje is soortspecifiek. De snelheid van ontwikkeling hangt af van de omgeving, vooral de temperatuur en het voedselaanbod: het voorkomen van kakkerlakken in een huis kan een teken zijn van te wensen overlatende hygiëne, zoals rondslingerende etensresten. Een vrouwelijke kakkerlak draagt ongeveer dertig kakkerlakken in een eipakket die na 3 à 5 weken van het lichaam worden afgezet. Hoewel kakkerlakken zelf voor de mens onschadelijk zijn, kunnen ze bacteriën en ziektes overbrengen door van voedsel te eten, er hun behoefte op te doen of er overheen te lopen.

Exoten zoals de Australische kakkerlak en de oosterse kakkerlak of bakkerstor (Blatta orientalis) zijn hier gekomen door transport van handelswaar. Met name in houtsoorten en kurk kunnen zich grote aantallen eieren bevinden. Daardoor zijn deze exoten in West-Europa verspreid en houden zich voornamelijk op in broeikassen, gebouwen en broodbakkerijen.

Bestrijding[bewerken]

Kakkerlakkenplagen in huis kunnen moeilijk te bestrijden zijn, omdat de kakkerlakken in spleten wegkruipen en verbazend goed tegen de meest gebruikte gifstoffen kunnen. Door massaal en preventief gebruik van bestrijdingsmiddelen treedt namelijk resistentie op. Een andere, zeer efficiënte en niet-giftige methode is de zogenaamde "Vegas roach trap". Deze bestaat eenvoudigweg uit een glazen pot met nauwere opening (bijvoorbeeld een groentepot), gedeeltelijk gevuld met koffiedik (en eventueel water). De buitenkant van de pot kan desnoods worden bedekt met ruw plakband, zodat de kakkerlakken makkelijker naar binnen kunnen klimmen. De "Vegas roach trap" is in zoverre insectvriendelijk, dat andere insecten niet aangetrokken worden. In kassen en op andere plaatsen met veel planten wordt tegenwoordig gebruikgemaakt van het kakkerlakkenlokdoosje.

Kakkerlakken als huisdier[bewerken]

Sommige soorten worden gehouden als huisdier zoals deze doodshoofdkakkerlak met twee nimfen
Bekende plaagsoorten in huis: de Duitse kakkerlak (A), de Amerikaanse kakkerlak (B), de Australische kakkerlak (C) en de oosterse kakkerlak (D♀ en E♂ )

Sommige tropische soorten (alleen soorten die bij ontsnappen op den duur niet in huis overleven en zo een plaag zouden kunnen worden) worden wel als huisdier in een terrarium gehouden, hetzij voor hun eigen charme dan wel om als voedseldieren te dienen voor andere terrariumdieren zoals grotere hagedissen. Dit zijn bijvoorbeeld de sissende reuzenkakkerlak van Madagaskar, (Gromphadorhina portentosa, afbeelding), de Surinaamse kakkerlak Pycnoscelus surinamensis, de doodshoofdkakkerlak Blaberus craniifer (afgebeeld) en Blaberus discoidalis en de kleine grottenkakkerlak Blaberus fusca (die niet klein is, maar wel kleiner dan de reuzengrottenkakkerlak, Blaberus giganteus).

Deze zijn niet moeilijk te houden als men de temperatuur voldoende hoog houdt (25-30°C) en ze wat schuilplaatsen geeft (oude eierdozen zijn zeer geschikt). Als voedsel eten ze vrijwel alles wat mensen ook eten. Een dieet van een stukje appel of banaan, wat visvoervlokken, goedkope honden- of kattenbrokjes en havervlokken is voldoende rijk om ze op te laten gedijen. Drinkwater moet aanwezig zijn maar niet op zo'n manier dat ze erin kunnen verdrinken. De voortplantingssnelheid hangt nogal af van de temperatuur maar een generatietijd van enkele maanden tot één à twee jaar voor de grootste soorten is haalbaar. Kamertemperatuur is voor de meeste soorten net te koud en dat is maar goed ook in het geval van ontsnapping. Kakkerlakken gaan zeer zuinig met hun energie om: ze zitten liefst het grootste deel van de tijd verborgen en komen alleen tevoorschijn om even te eten en te paren.

Taxonomie[bewerken]

De orde van kakkerlakken kent de volgende onderverdeling:

Anekdote[bewerken]

De kakkerlak staat reeds lang te boek als een ongewenste gast zoals blijkt uit Reize naar Surinamen van John Gabriël Stedman (1772):

Aanhalingsteken openen

De Kakkerlak is een soort van Kever, een duim en zomtyds twee duimen lang; derzelver gedaante is eirond en plat, en de kleur hoog rood: hy kruipt door het gat van 't slot der koffers en valiesen, en legt aldaar niet alleen zyne eijeren, maar hy doorknaagt ook het linnen, stoffen, zyde, en alles wat hy vind; hy dringt ook in eet- en drinkbaare waaren van allerleije zoort; het geen dezelve zeer walgelyk maakt, want hy laat aldaar eene leelyke reuk agter, vry veel gelykende naar die der wandluizen. Dewyl de meeste Oost-Indische 'Schepen, vooral die met suiker geladen zyn, altoos met deeze insecten besmet zyn, zal ik alleenlyk melden, dat men ze zelden ziet vliegen, maar dat ze zeer schielyk loopen. Het beste, en, zoo ik geloof, het eenige middel, om de koffers of kassen daar voor te beveiligen, bestaat hier in, dat men dezelve op vier groote wel schoon gemaakte glaase flessen plaatst, op dat derzelver gladheid aan deeze insecten de gelegenheid beneeme, om op te klauteren en daar binnen te komen, het zy door het gat van 't slot, het zy door de kleinste spleet.

Aanhalingsteken sluiten

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]