Kamerplant

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Kamerplanten
De Chlorophytum, een luchtfilterende kamerplant

Een kamerplant is een cultuurplant die binnenshuis ter decoratie - vaak in een bloempot - gehouden wordt. Kamerplanten stammen oorspronkelijk vaak uit landen met een tropisch klimaat; in de Nederlandse of Belgische buitenlucht kunnen ze niet overleven.

Kleur en vorm zijn vaak bepalend voor de aanschaf. De populariteit van een soort is daarbij onderhevig aan de mode van het moment.

Plaats in huis[bewerken | brontekst bewerken]

In de winter hebben kamerplanten het moeilijk door gebrek aan daglicht en droge lucht. In de zomer hebben schaduwplanten het moeilijk op een vensterbank op het zuiden. Planten uit woestijnen en halfwoestijnen zoals leden van de cactusfamilie, Euphorbia, Aloe, Agave, Aeonium en andere vetplanten gedijen daar goed.

Veel kamerplanten komen uit de vochtige tropische regenwouden en nevelwouden van de tropen en zullen het in de West-Europese winters moeite hebben door gebrek aan daglicht en lage relatieve luchtvochtigheid. Anthurium, Philodendron en Heliconia zijn voorbeelden van kamerplanten uit het tropisch regenwoud. In de felle zomerzon kunnen de bladeren minder fraai worden als de overgang van schaduw naar zon te plotseling is.

Sterke kamerplanten die al sinds het einde van de negentiende eeuw tegen minder gunstige omstandigheden in huis bestand blijken, zijn onder andere Livistona en Howeapalm. Soorten als de Chinese schermpalm en Howea forsteriana zijn langdurig goed bestand tegen een huiskamerklimaat.

Sommige kamerplanten zoals de Fatsia japonica en de Camellia japonica worden ook als tuinplant gebruikt. Ze kunnen vorst verdragen. Droge lucht en volle zon op een vensterbank op het zuiden wordt verdragen door cactussen, succulenten, paradijsvogelbloem (Strelitzia reginae) en Strelitzia nicolai.

Bedreigingen[bewerken | brontekst bewerken]

Bedreigingen van kamerplanten zijn te veel of te weinig water geven, lage relatieve luchtvochtigheid en gebrek aan daglicht in de winter. Ook wolluis, bladluis, schildluis, trips en witte vlieg kunnen kamerplanten aantasten. Meeldauw en grauwe schimmel(botrytis) vormen ook een bedreiging voor kamerplanten. Verzorgers van kamerplanten die geen chemische bestrijdingmiddelen willen gebruiken kunnen aangetaste kamerplanten in de zomer in de tuin of op het balkon laten revalideren. Insecten en vogels die zich voeden met het ongedierte op de kamerplanten kunnen daar hun werk doen.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Potted plants van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.