Naar inhoud springen

Karel van de Woestijne

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Karel van de Woestijne
Van de Woestijne (1912)
Van de Woestijne (1912)
Persoonsgegevens
Volledige naam Carolus Petrus Eduardus Maria (Karel) van de Woestijne
Geboortedatum 10 maart 1878
Geboorteplaats Gent
Overlijdensdatum 24 augustus 1929
Overlijdensplaats Zwijnaarde
Geboorteland Vlag van België België
Opleiding en beroep
Opleiding gevolgd aan Universiteit GentBewerken op Wikidata
Beroep schrijver, dichter, journalist,[1] academisch docent[1]Bewerken op Wikidata
Werkveld(en) Vlaamse literatuur[2]Bewerken op Wikidata
Oriënterende gegevens
Floruit 1917Bewerken op Wikidata
Werken
Stroming(en) symbolismeBewerken op Wikidata
Erkenning en lidmaatschap
Lid van Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en LetterenBewerken op Wikidata
Werken in collectie CODA Museum,[3] Stedelijk Museum Amsterdam[4]Bewerken op Wikidata
Archief­locatie Letterenhuis[5]Bewerken op Wikidata
Opgenomen in Canon van de Nederlandse letterkunde (2002, MNL)[6]Bewerken op Wikidata
Dbnl-profiel
(en) IMDb-profiel
RKD-profiel
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Carolus Petrus Eduardus Maria (Karel) van de Woestijne (Gent, 10 maart 1878Zwijnaarde, 24 augustus 1929) was een Belgisch schrijver en broer van de schilder Gustave.

Karel van de Woestijne met zijn zoon Paul (1928).

Karel van de Woestijne werd geboren in de Sint-Lievenspoortstraat te Gent. Aan zijn geboortehuis hangt een gedenkplaat. Zijn jeugdjaren bracht hij echter door in het nummer 106 in de Sleepstraat in Gent (waar ook een gedenkplaat hangt). Toen hij twaalf was, stierf zijn vader, een koperslager, aan een beroerte, waardoor hij het morele gezag overnam over zijn broers Edward, Maurice en Gustave. Hij genoot zijn middelbaar onderwijs aan het Koninklijk Atheneum aan de Ottogracht te Gent. Hij was erg getroffen door het Franse symbolisme en de poëzie van Charles Baudelaire.

In Gent studeerde hij ook Germaanse filologie. Hij verbleef van april 1900 tot januari 1904 en van april 1905 tot november 1906 te Sint-Martens-Latem.

In 1903 stierf zijn moeder, waardoor hij mede de verantwoordelijkheid kreeg over het ouderlijk bedrijf, dat zijn moeder had beheerd sinds zij weduwe was. Op 13 februari 1904 trouwde hij met Mariette van Hende, met wie hij een zoon Paul (1904) en een dochter Lily (1919) had. Van de Woestijnes vrouw overleefde hem veertig jaar.

Van de Woestijne was tijdelijk ambtenaar bij het Ministerie van Kunsten en Wetenschappen.

Zijn woning te Laken

Vanaf 1906 werd hij op aanbeveling van de dichter Emmanuel De Bom correspondent van de Nieuwe Rotterdamsche Courant te Brussel, met zijn rubriek "Kunst te Brussel" en met een weergave van de sociale en politieke gebeurtenissen in België. Tijdens de Eerste Wereldoorlog leverde hij daarbij ook over de bezetting van België tal van bijdragen die door de Duitse militaire overheid werden gecensureerd.

Van de Woestijne woonde een tijdlang in Laken, onder meer in een bel-etagewoning aan de De Vrièrestraat 13. Hij verzorgde deze rubrieken drieëntwintig jaar lang.[7]

Met zijn gezin woonde hij tussen april 1920 en voorjaar 1925 in Oostende van waaruit hij zijn rubriek "Kunst te Brussel" voortzette. Hij had in deze badstad regelmatig contact met de lokale kunstschilders James Ensor en Constant Permeke, zoals hij beschreef in de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 3 september 1922.

Tussen 1920 en 1929 doceerde Van de Woestijne Nederlandse literatuurgeschiedenis aan de Rijksuniversiteit Gent. Hij vestigde zich in 1925 in Zwijnaarde in "La Frondaie" op de Oude IJzerenweg 2 (nu Leebeekstraat) waar hij overleed op 24 augustus 1929.

Karel van de Woestijne door Henri Van Straten (1937)

Hij was redacteur van achtereenvolgens de tijdschriften Van Nu en Straks (tweede reeks, 1896-1901) en Vlaanderen (1903-1907). Van dat laatste tijdschrift werd hij redactiesecretaris in 1906. De dichter stond bekend als een harde werker. Peter Theunynck, die 15 jaar lang werkte aan een nieuwe biografie over de dichter, omschrijft hem als heel eenzelvig en teruggetrokken, maar anderzijds zeer actief.

Zijn journalistieke werk werd in vijftien delen uitgegeven van 1986 tot 1995.

Van de Woestijne (door Ramah, 1920
  • Parabel en Laethemsche brieven over de lente (1904) (Digitale versie)
  • Janus met het dubbele voorhoofd (1908) (Digitale versie)
  • Afwijkingen (1910) (Digitale versie)
  • Ilias van Homeros; proza-bew. door Karel v.d. Woestijne (Digitale versie)
  • Interludiën. Bevat: DE PAARDEN VAN DIOMEDES; DE TERUG-TOCHT; DE VLIEGENDE MAN (1912-1914) (Digitale versie)
  • De tweede bundel der interludiën (1914) (Digitale versie)
  • Goddelijke verbeeldingen (1918)
  • De bestendige aanwezigheid. Bevat: 1. Drie heiligen: Adilia. Arnulphus. De heilige van het getal - 2. De vijf zinnen: De boer die sterft. De geboorte van Eva (1918) (Digitale versie)
  • Beginselen der chemie (1925) (Digitale versie)
  • Christophorus (1926)
  • Proza. Bevat: De boer die sterft, Christophorus en De heilige van het getal (1933)
  • De nieuwe Esopet (1933) (Digitale versie)
  • Wiekslag om de kim (1942) (Digitale versie)

Symbolistisch-impressionistische lyriek

[bewerken | brontekst bewerken]
  • Het vader-huis (1903) (Digitale versie)
  • De boomgaard der vogelen en der vruchten (1905)
  • De gulden schaduw (1910)
  • Proza. Bevat: De boer die sterft, Christophorus en De heilige van het getal (1933)

Spiritualistisch drieluik

[bewerken | brontekst bewerken]

Kunstkritische en literaire essays

[bewerken | brontekst bewerken]
  • De Vlaamsche primitieven: hoe ze waren te Brugge (1903)
  • Kunst en geest in Vlaanderen. Eerste bundel opstellen (1911) (Digitale versie)
  • De schroeflijn (1928)
    • I: Opstellen over plastische kunst
    • II: Opstellen over literaire kunst (Digitale versie)
  • De Nieuwe Esopet (1933) met tekeningen door Jozef Cantré
  • Over schrijvers en boeken (1933-1936, postuum)
  • Werken (1928-1930)
    • Dl. 1: Lyriek I: Vroegere gedichten ; Het vader-huis ; De boom-gaard der vogelen en der vruchten (Digitale versie)
    • Dl. 2: Lyriek II: Het gedicht ; De gulden schaduw: De rei der maanden, Het huis van den dichter (Digitale versie)
    • Dl. 3: Kritiek I: Kunst en geest in Vlaanderen (Digitale versie)

Epische poëzie

[bewerken | brontekst bewerken]
  • Verzen van Karel van de Woestijne (1905) (Digitale versie)
  • De gulden schaduw; Het gedicht; De rei der maanden; Het huis van den dichter; Poëmata (1910) (Digitale versie)
  • Interludiën I en II (1912-1914)
  • Substrata (1924)
  • Zon in de rug (1924) (Digitale versie)
  • Het zatte hart (1926)
  • Het menschelijk brood (1926) (Digitale versie)
  • Gedichten van Karel van de Woestijne, gekozen uit zijn bundels Verzen, De gulden schaduw, De modderen man, Het zatte hart, God aan zee, Het berg-meer en uitgegeven ter gelegenheid van zijn vijftigsten verjaardag op 10 maart 1928, (samengest. door J. Greshoff) (Digitale versie)
  • Nagelaten gedichten van Karel van de Woestijne, d. MDCCCCXXVIIII (1931)
  • verzamelde gedichten (1958) (Digitale versie)

Brievenroman in samenwerking met Herman Teirlinck

[bewerken | brontekst bewerken]
  • Jan Albert GORIS, Karel van de Woestijne, 1920.
  • J. EECKHOUT, Karel van de Woestijne, 1925.
  • J. EECKHOUT. Karel van de Woestijne, 1928 (Digitale versie)
  • J. EECKHOUT, Herinneringen aan Karel van de Woestijne, 1930. (Digitale versie)
  • URBAIN VAN DE VOORDE, Essay over Karel van de Woestijne, 1934 (Digitale versie)
  • MATH. RUTTEN, De lyriek van Karel van de Woestijne, 1934
  • P. MINDERAA, Karel van de Woestijne: Zijn leven en werken, 1942.
    • [I]: (Tot aan den wereldoorlog). Proefschrift Utrecht (Digitale versie)
    • II: De jaren 1914-1919 : bezette stad en geestelijke vernieuwing
  • Bernard VERHOEVEN, Karel van de Woestijne: Een karakteristiek en een keur uit zijn gedichten, 1942. (Digitale versie)
  • Albert WESTERLINCK, De psychologische figuur van Karel van de Woestijne als dichter: Een litterair-psychologische studie, 1952.
  • Herman TEIRLINCK, Karel van de Woestijne 1878-1929, 1956.
  • M. RUTTEN, Karel van de Woestijne, 1970.
  • R. BAEYENS, Selectieve bibliografie van & over Karel van de Woestijne, 1992.
  • Anne Marie MUSSCHOOT, Karel van de Woestijne en het symbolisme, 1975.
  • Peter THEUNYNCK, Karel van de Woestijne: Biografie, Uitg. Meulenhof/Manteau, Antwerpen, 2010 ISBN 978-94-6042-403-8
  • Karel en ik, memento van Gustave van de Woestyne; tekstbezorging en commentaar door Johan De Smet, Leo Jansen, Peter Theunynck en Hans Vandevoorde, 2020 ISBN 978-90-02-26905-9
[bewerken | brontekst bewerken]
  1. 1 2 Nationaal Normbestand van Tsjechië; geraadpleegd op: 17 december 2022; NKC-identificatiecode: mub2016911732.
  2. Nationaal Normbestand van Tsjechië; geraadpleegd op: 7 november 2022; NKC-identificatiecode: mub2016911732.
  3. "Janus met het dubbele voor-hoofd"; geraadpleegd op: 14 maart 2021.
  4. "De nieuwe Esopet. Met zestien teekeningen van Jozef Cantré"; geraadpleegd op: 7 september 2021.
  5. http://www.archiefbank.be/dlnk/AE_12653.
  6. https://www.dbnl.org/letterkunde/enquete/enquete_dbnlmnl_21062002.htm#10; Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren; URL (gearchiveerd): https://web.archive.org/web/20190309214957/https://www.dbnl.org/letterkunde/enquete/enquete_dbnlmnl_21062002.htm#10; archiveringsdatum: 9 maart 2019; geraadpleegd op: 19 september 2020.
  7. Ada Deprez, Karel van de Woestijne: Verzameld journalistiek werk, Cultureel Documentatiecentrum, Gent, 1990-1995
  8. Stem mee voor de Publieksprijs van de Karel van de Woestijneprijs! | Poëziecentrum. www.poeziecentrum.be (4 augustus 2020). Geraadpleegd op 9 november 2025.
Zie de categorie Karel van de Woestijne van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.