Kattenburg (Amsterdam)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Kattenburg
Wijk van Amsterdam
Kerngegevens
Gemeente Amsterdam
Stadsdeel Centrum
Coördinaten 52°22'22,4"NB, 4°55'8,0"OL
Oppervlakte 12 ha.  
Inwoners (2017) 1.680[1]
Overig
Postcode(s) 1018
1776: plattegrond van 's Lands Werf, het Zeemagazijn en het Dok op Kattenburg; uitsnede uit de stadsplattegrond van Mortier Covens en Zoon
30 Mei 1787: strijd tussen patriotten en de Oranjegezinden, de zog. 'Bijltjes' (zijn de scheepstimmerlieden van Kattenburg); de Bijltjes hebben de brug opgehaald ter bescherming
Resterende bebouwing van 's Lands Werf, bouwjaar 17e eeuw
Het Scheepvaartmuseum (van 1655) na de renovatie; foto, juli 2011
's Lands werf en dok, 1875

Kattenburg is het meest westelijke van de drie Oostelijke Eilanden in Amsterdam die in de tweede helft van de 17e eeuw in het IJ werden aangeplempt. Een verklaring voor de naam Kattenburg is gelegen in het feit dat hier ooit een kat was, een verdedigingswerk. Dit is nog steeds zichtbaar in de knik van de Kattenburgerstraat die vanaf het Kattenburgerplein langs het Marine Etablissement loopt. Aan de westzijde van de stad worden de buurten 'eiland' genoemd zoals Bickerseiland en Prinseneiland; aan de oostkant worden ze 'burg' genoemd zoals Kattenburg, Wittenburg, Oostenburg en Petersburg. De combinatie van 'kat' en 'burg' maakte samen de naam 'Kattenburg'.

Sinds 1968 vormt de Kattenburgerstraat een drukke doorgaande route. De straat is via de Mariniersbrug (brug 272) over de Dijksgracht en een spoorwegonderdoorgang verbonden met de Piet Heinkade. De Kattenburgerstraat is een van de toevoerwegen vanuit het Centrum naar de Piet Heintunnel. De doorgaande route vanaf het Centraal Station naar Oost, de Eilandenboulevard, waar de Kattenburgergracht een onderdeel van is, in 2018 en 2019 opnieuw ingericht.[2]

Geschiedenis van Kattenburg[bewerken]

Ontstaan van Kattenburg[bewerken]

Tot in de zestiende eeuw waren de Oostelijke Eilanden een moerassig buitendijks gebied: dan weer nat droog, dan weer nat.. In het zuiden was het gebied begrensd door een zomerdijk, de Cadijck geheten; in het noorden was het begrensd door het IJ. Vanaf de zeventiende eeuw kende Amsterdam een ongekende groei. Niet alleen economisch, ook de stad zelf breidde voortdurend uit, en ook de haven. Eind zestiende eeuw was de Lastage al bij de stad gevoegd en waren toen de eilanden Valkenburg, Rapenburg en Uilenburg aangeplempt. In 1633 werd de rede rond de Oude Waal verder het IJ in geplaatst om zo meer ruimte te bieden aan de schepen daar. In 1641 werd het plan aangenomen om in het IJ een eiland aan te leggen dat als golfbreker en fortificatie van de onbeschermde Waal dient. Dit nieuwe bolwerk, het Nieuwe Eylandt zou komen ter hoogte van het huidige Kadijksplein. Voordat dit echter klaar was werd het naar het noorden al weer uitgebreid met een tweede bolwerk, dat in eerste instantie 'Het Nieuwe Hooft' heette. Door verdere aanplempingen rondom dat bolwerk ontstond er uiteindelijk een eiland dat de naam Cattenburgh kreeg.[3]

Door de aanleg van de Lijnbaansgracht om de gehele stad werd het bolwerk op Kattenburg al snel overbodig. Dit werd de aanleiding om in 1654 toestemming te geven tot de aanleg van houtwallen en scheepswerven op de aangeslibde grond tussen het niet meer functionerende bolwerk en het aangrenzende buitendijkse land. Een half jaar later al werd het bolwerk zelf ontmanteld en in 1655 was het gehele eiland in gebruik door de scheepswerven. De scheepsbouw zou tot in de twintigste eeuw Kattenburg blijven domineren. AI vanaf het eerste moment werden er vanaf 1655 niet alleen werven aangelegd, maar ook woningen gebouwd voor de vak- en werklieden.[4]

In 1656 kreeg de Admiraliteit in ruil voor 'hun' Uilenburg en Rapenburg, het onverhuurde en bouwrijpe gebied van Kattenburg terug; ze bouwde hier 's Lands Zeemagazijn (thans het Nederlands Scheepvaartmuseum), naar een ontwerp van stadsbouwmeester Daniel Stalpaert. Het was voor die tijd een indrukwekkend gebouw en inspireerde Joost van den Vondel tot zijn lofdicht "Zeemagazijn gebouwt op Kattenburgh t'Amsterdam" en opgedragen "aen de weledele en mogende Heeren Zeeraed ter Admiraliteit in de gemelde stad". De ontwikkeling van Kattenburg werd hierna eeuwenlang gedomineerd door de Admiraliteit - later overgegaan in het Marine Etablissement. Ze breidde haar complex stapje voor stapje uit naar het noorden, waardoor uiteindelijk de karakteristieke langgerekte structuur van Kattenburg is gegroeid. Er werden veel oorlogsbodems gebouwd op de werven van de Admiraliteit. Vrij snel erna kwam er een grote werf, 's Lands zeewerf. Hier werden de oorlogsschepen gebouwd. In de periode tot de opheffing van de Admiraliteit in 1795 werden er ruim 500 schepen gebouwd, waaronder de Hollandia van admiraal Tromp en de kanonneerboot van Van Speyk.

Aan de oostzijde, langs de Kattenburgervaart ontstonden veel particuliere werven; de vele arbeiders die hiervoor nodig waren konden hun huisvesting vinden in de woningen op Kattenburg. Kort na 1660 werd het eiland al volgebouwd, met krappe huizen en smalle straten als gevolg. Ook het naastgelegen eiland Wittenburg (gebouwd c. 1662-1663) heeft deze typische lange structuur: werven langs de kaden en smalle straten en opeengepakte, smalle bouwblokken met kleine huizen; vaak zonder binnenterrein in het midden. Langs deze werven werden bovendien stroken met woningen gebouwd, vaak in opdracht van de werfeigenaren zelf.[3] De meeste bewoners van Kattenburg vonden hun werk op de werven en waren dus ambachtslieden; zij hadden ook als bijnaam de 'Bijltjes' - genoemd naar het voornaamste gereedschap in de scheepsbouw van houten schepen. Toen de marine de werf later overnam, volgde er een reorganisatie maar het bleef wel een werf voor de bouw van oorlogsschepen.

19e eeuw[bewerken]

In 1867 werd de werf geschikt gemaakt voor de bouw van ijzeren schepen. In 1909 werd het laatste schip, De Zeven Provinciën, te water gelaten; in 1915 vond de definitieve opheffing van de werf plaats. In 1791 brandde het Zeemagazijn af en bleven alleen de stenen muren over. Het werd opnieuw opgebouwd, waarbij de zwartgeblakerde bakstenen muren werden bepleisterd, zodat ze eruit zien alsof ze uit zandsteen zijn opgetrokken. Na het faillissement in 1795 van de Admiraliteit werd het Zeemagazijn eigendom van de marine en haar opslagplaats voor kleding en levensmiddelen.

Met de intrede van de stoomboot, en later de diesel, veranderde de scheepvaart drastisch. De boten werden groter en het Ooster- en Westerdok worden al snel weer te klein. De Nieuwe Vaart werd toegewezen als laad- en losplaats van schepen die op de Zuiderzee vaarden en het aanzicht van de Nieuwe Vaart veranderde daarmee drastisch: een verbreding van de kade en de bouw van veel opslagloodsen en stoomkranen. Hierdoor werd de buurt weer een belangrijk havenkwartier, maar langzamerhand leken de eilanden als werfgebied toch hun langste tijd gehad te hebben. Werven verdwenen en de ruimte die vrij kwam werd volgebouwd met meer smalle, langgerekte bouwblokken. Deze blokken waren weliswaar iets ruimer van opzet en hadden wel binnenterreinen, maar de panden bleven echter erg krap en de etages vaak door meerdere families bewoond. Aan het eind van de negentiende en begin twintigste eeuw kwamen er enkele vernietigende rapporten uit over de woontoestanden op de Oostelijke Eilanden, waarbij de kelderwoningen het meest schrijnend waren door hun vocht. Ondanks de invoering van de woningwet in 1902 zou het nog lang duren voor hier een eind aan komt.

20e eeuw[bewerken]

Van 1906 tot 1918 reed tramlijn 7 en daarna tot 1931 tramlijn 18 door Kattenburg van de Kattenburgerbrug (brug 274) via het Kattenburgerplein tot aan het Mariniersplein. In 1931 verdween de tram uit de buurt, die door de economische recessie zwaar was getroffen.

Door aanplemping van de Kattenburgervaart en het Marinedok vergroeide een gedeelte van Kattenburg in de 20e eeuw steeds meer met het marine-etablissement. Oorspronkelijk kende Kattenburg de aloude indeling van een drietal lange straten] in de lengte, van oost naar west de Grote Kattenburgerstraat, Kleine Kattenburgerstraat en de Kattenburgerkade die liepen van het Kattenburgerplein naar het Mariniersplein. Deze werden gekruist door korte straten, de 1e Kattenburgerdwarsstraat, 2e Kattenburgerdwarstsraat en de Kattenburgerdwarstraat. Daarnaast bestond nog de Kattenburgertusschenstraat.[5] Op het overige deel van Kattenburg bleven de bewoning en de kleine bedrijfjes tot in de 20e eeuw gehandhaafd. In 1928 kwam het vierkante gebouw van het Zeemagazijn op de voorlopige monumentenlijst. Na lang onderhandelen met gemeente en Marine werd er in 1973 het Scheepvaartmuseum in gevestigd. Tussen 2007 en 2011 vond er een grootscheepse renovatie plaats, waarna het geheel vernieuwde museum op 2 oktober 2011 weer voor het publiek werd geopend.

Sloop en nieuwbouw[bewerken]

Op oude foto's van Kattenburg had de buurt veel weg van een vergelijkbare zeventiende-eeuwse Amsterdamse volksbuurt, de Jordaan. Alleen was de verpaupering op Kattenburg groter. Voor 1940 stond 13 procent van de huizen leeg door ernstige verkrotting. Volgens plannen uit 1953 werden in de jaren zestig alle huizen gesloopt en werd het historische stratenpatroon volledig gewist.[6] Deze sanering werd uitgevoerd naar plannen uit 1953. Op Kattenburg verrezen door Dick Apon[7] naar het tuinstadsidee ontworpen nieuwbouwflats. De bewoners van Kattenburg kregen zolang elders een woning en velen keerden terug.

Op Kattenburg was vrijwel geen verzet geweest tegen de nieuwbouwplannen, waar dat later in de Jordaan en in de Dapperbuurt wel het geval was. Kattenburg kende een door de CPN gedomineerd bewonerscomité dat samen met de gemeente Amsterdam streefde naar het opruimen van de krotten en de bouw van fatsoenlijke woningen. Het vroeger levendige Kattenburg, met winkels, werkplaatsen en cafés, was na de oplevering van de nieuwbouw in 1976 een stille woonwijk geworden met galerijflats met parkeergarages, omringd door groenstroken. De voorzieningen bestonden uit een kleine supermarkt, een buurthuis en een kinderdagverblijf.[6] Aanvankelijk had het stadsbestuur de grote drie- en vierkamerwoningen voor de middenklasse bestemd, maar het bewonerscomité Kattenburg eiste dat de voormalige bewoners konden terugkeren. Naast oude Kattenburgers kwamen er ook bewoners van het naburige Wittenburg wonen toen daar in de jaren 1970 ook het grootste deel van de oude bebouwing werd gesloopt.

De gereconstrueerde geveltjes aan het Kattenburgerplein herinneren aan de historische bebouwing. De gevelwand van deze panden is ontworpen door Theo Rouwhorst van het Amsterdamse Bureau Monumentenzorg en is geïnspireerd op de bebouwing die vroeger op Kattenburg stond. Het ontwerp kreeg kritiek van enkele historici, die de reconstructie als een falsificatie beschouwden.[8]

Huidige Kattenburg[bewerken]

Kattenburg stond eind jaren zeventig en begin jaren tachtig bekend om de strijd van de bewoners tegen hoge huren. Marie Altelaar, voorzitter van het bewonerscomité Kattenburg, was de drijvende kracht achter de meer dan vijftien jaar durende huurdersactie. De huurprijs van de nieuwbouwwoningen op Kattenburg was namelijk hoger dan eerder beloofd. De bewoners hielden uit protest maandelijks een bedrag in op de huur.[9] De actie veroorzaakte een langdurig conflict met de gemeente en de woningbouwverenigingen "Onze Woning" en "Rochdale". Het leidde tot rechtszaken. De woningbouwvereniging dreigde met uitzetting van de huurders, maar een vonnis van 19 september 1986 voorkwam dat. Het huurdersactivisme van de jaren '70 en '80 werd tussen 2007 en 2010 gememoreerd in een triomfboog op de Kattenburgerkruisstraat.[6]

In 2013 ontstond op de Oostelijke Eilanden en Kadijken het actiecomité "Stop de Uitverkoop" dat zich richtte tegen de verkoop van huurwoningen door de woningbouwcorporaties. Zij bereikten een resultaat. De Amsterdamse gemeenteraad besloot in 2016 dat op Oostenburg-Noord het aandeel sociale woningbouw wordt verhoogd van 14 naar 20 procent.[6]

Oude en recente foto's van Kattenburg[bewerken]

Bibliografie[bewerken]

- Cor Bruyn, Koentje van Kattenburg, Em Querido's Uitgeverij b.v., Amsterdam, 1944
- J.H. Kruizinga, Adieu Kattenburg. De geschiedenis van de Oostelijke eilanden, gemeentelijke commissie heemkennis Amsterdam, 1966
- Ton Heijdra, Een roerig volkje. De geschiedenis van de Oostelijke Eilanden, Kadijken en Czaar Peterbuurt (1999), De Milliano, Alkmaar
- Dam van Arend Peter, de tsaar van Kattenburg, Sjaloom, Amsterdam, 1996 ISBN 9789062492640
- Lily van Rijswijk Clerkx, Kattenburg, een bijzondere buurt, 1958-1962, uitgave in eigen beheer, 2015 (met foto's en eigen notities uit 1958-62)

Externe links[bewerken]

Wapen gemeente Amsterdam

Amsterdam-Centrum · Amsterdam Nieuw-West · Amsterdam-Noord · Amsterdam-Oost · Amsterdam-West · Amsterdam-Westpoort · Amsterdam-Zuid · Amsterdam-Zuidoost · Amstel III · Admiralenbuurt · Amsteldorp · Andreas Ensemble · Apollobuurt · Bajes Kwartier · Banne Buiksloot · Bellamybuurt · Betondorp · Bijlmer · Binnenstad · Bloemenbuurt · Borgerbuurt · Borneo · Bos en Lommer · Buiksloot · Buiksloterham · Buikslotermeer · Buitenveldert · Bullewijk · Burgwallen Oude Zijde · Burgwallen Nieuwe Zijde · Centrumeiland · Chassébuurt · Chinatown · Cremerbuurt (Amsterdam) · Cruquius · Czaar Peterbuurt · Da Costabuurt · Dapperbuurt · De Aker · De Baarsjes · De Eendracht · De Heining · De 9 Straatjes · De Omval · De Pijp · Diamantbuurt · Driemond · Disteldorp · Dubbele Buurt · Duivelseiland · Elzenhagen · Erasmusparkbuurt · Floradorp · Frederik Hendrikbuurt · Gaasperdam · Gein · Geuzenveld · Gibraltarbuurt · Gouden Reael · Gulden Winckelbuurt · Grachtengordel · Haarlemmerbuurt · Hallenkwartier · Haveneiland · Havenstraatterrein · Haven-Stad · Helmersbuurt · Holendrecht · Hoofddorppleinbuurt · Houthaven · IJ-oevers · IJburg · IJdock · IJplein · Indische Buurt · Jan Maijenbuurt · Java-eiland · Jeruzalem · Jodenbuurt · Jordaan · Julianapark · Kadijken · Kadoelen · Kattenburg · Kinkerbuurt · KNSM-eiland · Kolenkitbuurt · Kop van Jut · Van der Kunbuurt . Laan van Spartaan · Landlust · Landstrekenbuurt . Lastage · Leidsebuurt · Marineterrein · Marken · Marktkwartier · Mercatorbuurt · Middelveldsche Akerpolder · Molenwijk · Museumkwartier · Nellestein · Nieuw Sloten · Nieuw-West · Nieuwe Pijp · Nieuwendam · Nieuwendammerdijk en Buiksloterdijk · Nieuwendammerham · Nieuwmarkt · Noorderhof · Noordse Bos . Olympisch Kwartier · Omval · Oostelijk Havengebied · Oostelijke Eilanden · Oostelijke Handelskade · Oostenburg · Oosterdokseiland · Oosterparkbuurt · Oostoever · Oostpoort · Oostzanerwerf · Osdorp · Oud Osdorp · Oud-Oost · Oud-West · Oud-Zuid · Oude Pijp · Overamstel · Overhoeks · Overtoombuurt · Overtoomse Buurt · Overtoomse Veld · Park Haagseweg · Park de Meer · Plan West · Plan Zuid · Planciusbuurt · Plantagebuurt · Postjesbuurt · Prinses Irenebuurt · Rapenburg · Reigersbos · Riekerpolder · Rieteilanden · Rietlanden · Rivierenbuurt · Robert Scottbuurt · Roeterseiland · Ruigoord · Schinkelbuurt · Science Park · Sloten · Sloterdijk · Sloterdijk Centrum · Slotermeer · Slotervaart · Sluisbuurt · Spaarndammerbuurt · Spieringhorn · Sporenburg · Staatsliedenbuurt · Stadionbuurt · Steigereiland · Transvaalbuurt · Trompbuurt · Tuindorp Buiksloot · Tuindorp Buiksloterham · Tuindorp Nieuwendam · Tuindorp Oostzaan · Tuttifruttidorp · Uilenburg · Universiteitskwartier · Van der Pekbuurt · Van Lennepbuurt · Venserpolder · Vlooienburg · Vogelbuurt · Vogeldorp · Vogeltjeswei · Volewijck · Vondelparkbuurt · Vrije Geer · Waalseiland · Watergraafsmeer · Waterlandpleinbuurt · Waterwijk · Weesperbuurt · Weespertrekvaartbuurt · Weesperzijde · Westelijke Eilanden · Westelijke Tuinsteden · Westerdokseiland · Westerpark · Westpoort · Willemspark · Wittenburg · Zeeburg · Zeeburgereiland · Zeeheldenbuurt · Zuidas · Zuideramstel