Kees de jongen (boek)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Kees de jongen (1923) is de bekendste roman van de Nederlandse schrijver Theo Thijssen, uitgegeven door C.A.J. van Dishoeck.

Synopsis[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Kees Bakels is een jongen die eind 19e eeuw opgroeit in Amsterdam als zoon van een schoenverkoper. Het boek beschrijft de lagereschooltijd van Kees, zijn eerste liefde (voor Rosa Overbeek) en zijn vriendschappen. Hij is ogenschijnlijk een gewone jongen aan het begin van de puberteit, al ziet hij zichzelf, zoals het hoort, als bijzonder. Die bijzonderheid uit zich vooralsnog echter vooral in zijn levendige fantasie. Over hoe alles zou kunnen gaan 'als'...

Hij ziet zichzelf in zijn fantasie als een 'jongen van stand', alhoewel uit het verhaal blijkt dat zijn ouders, als middenstanders, het zeker niet makkelijk hebben; zijn vader wordt ernstig ziek en Kees' fantasieën komen uiteindelijk tot niets als hij van school gaat om te gaan werken. De realiteit zet Kees, die misschien wel meer in zijn mars had gehad, de voet dwars, daar waar Theo Thijssen, ook een schoenmakerszoon, een beurs kreeg om door te leren.

Achtergrond[bewerken]

Thijssen slaagde erin om van Kees een jongen te maken waarin iedereen eigen jeugdherinneringen en -opvattingen terugvindt. Thijssen heeft altijd ontkend dat het boek autobiografisch is, maar er zijn zeker raakvlakken terug te vinden met zijn autobiografie In de ochtend van het leven. Dat geldt in ieder geval voor de vroege dood van zijn vader, in 1890 en voor de Jordaan van zijn jeugd, ook het decor van de film Kees de jongen.

Thijssen zei dat in zijn ogen eigenlijk ieder kind wel droomt dat zijn verborgen kwaliteiten worden ontdekt: vandaar de titel: 'Kees de jongen'.

Zwembadpas[bewerken]

De zwembadpas is een speciale manier van lopen die Thijssen beschrijft in Kees de jongen. Het gaat hierbij om een manier om je snel te kunnen verplaatsen. Daarbij is het de kunst om te lopen alsof je voorover valt, terwijl je met je armen heen en weer zwaait

De zwembadpas is een begrip geworden in de Nederlandse literatuur. Het wordt het weleens gebruikt in gedichten, zo heeft Freek de Jonge er een liedtekst over geschreven, waar Boudewijn de Groot muziek voor componeerde en het ook opnam.

Het Theo Thijssen Museum organiseerde op 16 juni 2001 een Dag van de Zwembadpas (met lezingen in de Amsterdamse Westerkerk en manifestaties op de Westermarkt). Hoogtepunt van de dag waren de Eerste Nederlandse Zwembadpaskampioenschappen.

Navolging[bewerken]

Remco Campert laat in zijn boek Het leven is vurrukkulluk (1961) Kees, inmiddels verworden tot een haveloze grijsaard, nog eenmaal diens jeugdliefde Rosa Overbeek (inmiddels 'juffrouw van de retirade' in het Vondelpark) ontmoeten. Gerben Hellinga bewerkte Kees de jongen in 1970 tot een toneelstuk, dat met veel succes werd opgevoerd. De rol van Kees werd daarin gespeeld door Wim van der Grijn en Hans Dagelet die respectievelijk de Kees-in-de-werkelijkheid en de Kees-in-diens-dagdromen vertolkten. In het boek 'De laatste held' van Rick de Leeuw wordt het boek meermalen vermeld. De Leeuw maakt er geen geheim van zich verwant te voelen met Thijssens romanheld.

In 2003 werd Kees de jongen verfilmd door André van Duren. De hoofdrol in de gelijknamige film Kees de jongen werd vertolkt door Ruud Feltkamp.

In 2004 zong Boudewijn de Groot over het latere leven van Kees in het nummer De zwembadpas op het album Het eiland in de verte. In 2011 bracht Frank Groothof, in samenwerking met De Kift en Kiki Heessels, Kees de Jongen, dé Rockopera. De Kift schreef de muziek en Harrie Geelen schreef het script en de liedteksten.

In 2012 bracht uitgeverij Atheneaum, Polak & Van Gennep de roman ‘Kees de jongen’ als graphic novel. De verstripping werd gemaakt door Dick Matena. Matena heeft in deze uitgave de integrale tekst van de oorspronkelijke roman behouden.

In september 2014 is bij Aerial Media Company een hertaalde versie van Kees de Jongen verschenen. Auteur Tiny Fisscher vond het zonde als het boek door het intussen ouderwets geworden taalgebruik in de vergetelheid zou raken en maakte het boek ook toegankelijk voor jonge lezers (10+). Het originele verhaal en de ouderwetse sfeer heeft de auteur gehandhaafd.

In 2015 verscheen bij LibriVox een luisterversie gelezen door Bart de Leeuw.

Op 25 augustus 2017 ontving Geert Mak het eerste exemplaar van een Engelstalige editie van het boek onder de titel "Kees the boy". Taalkundige en docent Bas Voorhoeve heeft het initiatief genomen tot de vertaling. De vertaling is een Printing on demand-uitgave.

Canon van Amsterdam[bewerken]