Kessenich (België)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kessenich
Kèsing
Deelgemeente in België Vlag van België
Kessenich (België)
Kessenich (België)
Situering
Gewest Vlag Vlaams Gewest Vlaanderen
Provincie Vlag Limburg Limburg
Gemeente Vlag Kinrooi Kinrooi
Coördinaten 51° 9′ NB, 5° 49′ OL
Algemeen
Oppervlakte 10,26 km²
Hoogte 29 m
Overig
Postcode 3640
Detailkaart
Kessenich (België)
Kessenich (België)
Portaal  Portaalicoon   België
Voorgevel van de Sint-Martinuskerk
De motte tegenover de kerk, met de grafkapel van de familie Michiels van Kessenich en restanten van de burcht
De Spaanjerdplas tijdens het dempen (situatie 2014)

Kessenich[1] (Limburgs [kɪ:səŋ]?, geschreven als Kèsing en Kaesing) is een dorp in Belgisch-Limburg en een deelgemeente van de gemeente Kinrooi.

Geografie[bewerken]

Kessenich is het meest noordoostelijke dorp van België. De grens met Nederland valt grotendeels samen met rivieren, met name de Grensmaas en de Itterbeek. Een andere rivier in Kessenich is de Witbeek. Tussen het dorp en de Maas liggen de Maasplassen "Spaanjerdplas" en "Dragesaplas" ten gevolge van de grindwinning.

Kessenich ligt aan de Maas, maar de riviervlakte beslaat slechts 2/5 van de deelgemeente. In Kessenich is er sprake van "de O(h)é" en "het Broek". De overige 3/5 ligt op het hogere Middenterras van de Maas: "het Kessinger/Kessenicher Veld", "de Bommesaar" en "de Hees".[2] Kessenich omvat twee natuurgebieden: het Vijverbroek en de Kollegreend.

Alle woonkernen liggen op het middenterras. Het dorp zelf ligt op het Kessinger Veld. In de Hees liggen vier gehuchten: de Hoeven (Schoolstraat), de Hezerheide (Langvenstraat), 't Schuttevendelen (Lakerweg) en Borgitter (rond het "Witte Kasteeltje"). Vroeger heette 't Schuttevendelen "de Gallert"[3] en vormde het nabije "ter Dolen" ook een gehucht.

Kessenich telt uitsluitend landbouwbedrijven. Het spreekt voor zich dat de Oé dankzij de afzettingen van klei erg vruchtbaar is. Op het middenterras lag daarentegen nog tot in de 19e eeuw een uitgestrekte heide. Ze werd toen in cultuur gebracht voor veeteelt. De zgn. CIRO-waterleiding heeft grootschalige groenteteelt mogelijk gemaakt.

Naam[bewerken]

Kessenich had historisch maar liefst drie verschillende benamingen:

  • Casallum (950) en Casselin (1155). Duidde oorspronkelijk enkel op de burcht (castellum) in Kessenich.
  • Kesnic (1102), waarvan de uitgang onder invloed van het Duits verzachtte tot "-ich": Kes(e)nich. Heeft mogelijk een Keltische (Cassanacum = eikenbos)[4] of Romeinse (Cassiniacum = domein van Cassinius)[5] herkomst.
  • Kessing(e) (vanaf ±1550), misschien afkomstig van Kessen'ch. Komt regelmatig voor in archieven en op kaarten tot 1850.[6] Tegenwoordig beperkt het gebruik van Kèsing zich tot het dialect.

Geschiedenis[bewerken]

Ontstaan[bewerken]

Kessenich is de oudste woonkern van Kinrooi. Hoewel archeologische sites in de Oé weggevaagd zijn bij overstromingen, werden te Kessenich tal van vondsten gedaan, waaronder één prehistorische en twee Romeinse begraafplaatsen. Aan de grensovergang werd bovendien de heirbaan Maastricht-Nijmegen blootgelegd. Het Romeinse Kessenich lag waarschijnlijk in het huidige dorpscentrum, vanwege zijn strategische ligging: op een 700 m lange uitloper van het Middenterras in het Maasdal.

Vlak langs de "Horst van Geistingen" loopt de meest westelijke bedding van de Maas. Doorheen de tijd verlegde de rivier haar hoofdbedding, waardoor ze vandaag zo'n 1,5 km buiten het dorpscentrum stroomt. Wel liepen de oude Maasbeddingen tot in de 20e eeuw vol bij hoogwater; de plaatsnamen "Vilgerten" (vuile gaarden), "Vuilbempden" (vuile beemden), "Schoor" (schor) en "Broek" herinneren hier nog aan.

Rijksheerlijkheid Kessenich[bewerken]

In 950 verleende Otto de Grote stadsrechten aan Casallum. Kessenich werd zo een vrijgebied: de rijksheerlijkheid Kessenich. Mogelijk strekte ze zich oorspronkelijk uit over de hele Drie Eyghen. Sinds het einde van de 8e eeuw lag Kessenich bovendien vlak bij de Kempenweg. Tussen Ittervoort en Thorn lag een tolpost, die de vrijheer van Kessenich in de 11e eeuw ophief.[7]

De vrijheren en -vrouwen, vanaf 1656 baronn(ess)en, bestuurden het gebied vanuit de burchten Den Berg en Borgitter. Kessenich werd geplunderd in 1635, 1649, 1658 en 1702. De laatste plundering, door troepen onder leiding van de hertog van Marlborough, ligt aan de oorsprong van het jaarlijkse "Malbroek verbranden", een traditie die ook bestaat in Stokkem en Eisden.

Kessenich na 1800[bewerken]

De Fransen maakten Kessenich tot een gemeente in de Zuidelijke Nederlanden. Het kasteel en de bijhorende landgoederen werden in 1804 gekocht door Hendrik Josef Michiels van Kessenich. In 1843 werd de gemeente uitgebreid met gebieden die terug Belgisch werden, om in 1845 gesplitst te worden in drie gemeentes (zie Herindeling van de Drie Eyghen).

Tijdens de Tweede Wereldoorlog waren er verschillende incidenten. In 1943 stortten er drie gevechtsvliegtuigen neer, waarvan twee Geallieerd (23 juni en 31 augustus) en één Duits (14 oktober). Later werd een mislukte aanslag gepleegd op de burgemeester (5 augustus 1944). Verzetslieden schoten een soldaat dood (8 augustus) en werden vermoord bij de razzia op Molenbeersel. Begin september dreef de Brigade Piron de Duitsers terug tot achter de Maas en het Kanaal Wessem-Nederweert. Die positie behielden de Duitsers tot in december. Omwille van mortiervuur werd in Kessenich een evacuatiebevel afgekondigd (5 november).

Kessenich was de eerste plaats waar grindwinning buiten de rivierbedding van de Maas gebeurde (1949). Tot 2008 werd in het hele gebied tussen Witbeek en Maas (1,5 km²) grind en kwartszand afgegraven. Van 2008 tot 2015 werden de Maasplassen gedeeltelijk gedempt, ten bate van de landbouw en van "Agropolis".[8] Het overblijvende deel dient nu voor watersport en recreatie.

Demografie[bewerken]

  • 1796: 768 (samen met delen der gemeentes Kinrooi en Molenbeersel)
  • 1857: 679
  • 1900: 718
  • 1950: 1.233
  • 1970: 1.543 (laatste cijfer voor de deelgemeente)

Bezienswaardigheden[bewerken]

Bekende inwoners[bewerken]

Trivia[bewerken]

  • Het Limburgs volkslied werd geschreven ten midden van een thans verdwenen eikengaard in Borgitter.
  • Het eerste Oud Limburgs Schuttersfeest werd hier gehouden (1876). In 2003 vond het er opnieuw plaats.
  • Volgens een legende lag tussen Kessenich en Thorn ooit een stad genaamd Vijvere.
  • De bijnaam van Kessingers die vooral tijdens het carnaval nog gebruikt wordt is ertesjieters (erwtenschijters). Deze naam gebruikte het volk uit Thorn en Neeritter spottend in de 18e eeuw, in hun afgunst jegens de Kessingers die aan het Witte Kasteeltje werkten en er het luxeproduct erwten voorgeschoteld kregen.[9]

Externe links[bewerken]