Khamûl

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Khamûl is een wezen uit de wereld van J.R.R. Tolkien.

Khamûl, ook bekend als de Donkere Oosterling (Engels: the Black Easterling), is de tweede van de Nazgûl ook wel Ringgeesten, en was voordien één van de Oosterlingen. De naam Khamûl komt uit de Nagelaten vertellingen. In In de Ban van de Ring zelf wordt hij niet bij naam genoemd.

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Toen Sauron de negen Ringen van macht onder de mensen verdeelde, gaf hij er een aan Khamûl. Khamûl was voor de gebeurtenissen van In de Ban van de Ring de bestuurder van Dol Guldur. Nadat Sauron van de Gouw wist, werd Khamûl hiernaartoe gestuurd samen met de Tovenaar-koning van Angmar en de andere Nazgûl. Ze vielen de Ringdrager aan bij Weertop maar werden teruggedreven door Aragorn.

Khamûl was later ook aanwezig bij de belegering van Osgiliath, de slag om Minas Tirith en bij de Zwarte Poort. Bij de slag om Minas Tirith sneuvelde de Tovenaar-koning van Angmar en werd Khamûl de nieuwe Heer van de Nazgûl. Wanneer de Ring vernietigd is in de Doemberg wordt Khamûl, samen met de andere Nazgûl, eveneens vernietigd.