Klassenjustitie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Van klassenjustitie is sprake wanneer meer vermogenden of beter opgeleiden door wetgeving, behandeling of rechterlijke uitspraken bevoorrecht worden ten opzichte van anderen. Wanneer leden van deze groep juist strenger beoordeeld worden spreekt men van omgekeerde klassenjustitie.

Vormen van klassenjustitie[bewerken]

Klassenjustitie in het strafrecht betekent dat minder draagkrachtigen voor hetzelfde of een soortgelijk vergrijp zwaarder gestraft worden dan welgestelden, bijvoorbeeld als timmerlieden vaak tot gevangenisstraf worden veroordeeld wegens verduistering van een schroevendraaier, terwijl er nooit een hoogleraar wordt veroordeeld wegens verduistering van een ballpointpen.

Klassenjustitie in het burgerlijk recht betekent dat bij conflicten tussen werkgevers en werknemers of tussen verhuurders en huurders de beslissing meestal in het voordeel van de meest vermogende partij uitvalt.

Het werd indertijd als ongelijke oordeel ervaren dat de daders van de Baarnse moordzaak tijdens hun straf anders werden behandeld dan andere delinquenten. Zo mochten ze tijdens het uitzitten van hun straf met vakantie en werden zeilend op het water gezien. Dat inspireerde Gerard Cox in het liedje: Een broekje in de branding tot een verwijzing in de tekst: Dobbert het aan tegen een miljonair of bollebof of tegen een welgestelde delinquent met zeilverlof.

Mogelijke oorzaken van klassenjustitie[bewerken]

  • Leden van de wetgevende en rechterlijke macht zouden meer begrip hebben voor mensen van hun eigen klasse, de hoog opgeleide welgestelde burgers.
  • Mensen met een hoger inkomen en betere opleiding kunnen zichzelf beter verdedigen en hebben betere toegang tot de advocatuur. Mensen met een lager inkomen zullen door de hoge kosten geneigd zijn een advocaat niet of te laat in te schakelen met juridische miskleunen tot gevolg die nadelig kunnen zijn voor de rechtspositie.
  • Hiermee samenhangend is de angst van veel mensen met een lager inkomen en lagere opleiding voor de rechterlijke macht, waardoor ze minder snel geneigd zijn een juridische strijd aan te gaan en het sneller opgeven. Vaak is men bang dat een juridische strijd niet helpt of tot een nog slechtere positie leidt. Hierdoor zijn ze ook makkelijker te intimideren.
  • Rechters houden rekening met de toekomst van de dader. Een student zal bijvoorbeeld eerder een uitbrander krijgen van de officier van justitie en vervolgens vrijgesproken worden, dan een laag opgeleide jongere. Rechters houden dus rekening met resocialisatie.
  • Wanneer een rechter corrupt is, kan iemand van een hogere klasse met zijn hogere inkomen makkelijker een rechter omkopen.
  • Beinvloedbaarheid van de rechtspraak (o.a. vriendjespolitiek en belangenverstrengeling).

Maatregelen tegen klassenjustitie[bewerken]

  • Een wetgevende macht die als gevolg van algemeen kiesrecht het hele volk vertegenwoordigt zodat bij juiste toepassing van de wetten geen klassenjustitie kan optreden.
  • Het garanderen van onafhankelijkheid van de rechterlijke macht.
  • De vorming van organisaties van minder draagkrachtigen, zoals vakverenigingen, die de belangen van hun leden juridisch kunnen verdedigen.
  • Juridische steun aan mindervermogenden door pro-Deoadvocaten en rechtswinkels.
  • Juryrechtspraak, waarbij burgers uit alle klassen meewerken aan de rechtspraak.
  • Aandacht voor de gevaren van klassenjustitie in de juridische opleiding.

Bronnen[bewerken]

  • Micha Kat, "O & M - Klassenjustitie in Nederland", Nederlandsch juristenblad : weekblad behoorende bij de Nederlandsche jurisprudentie. Vol. 77 (2002) nr.32, pp. 1611–1613.
  • Jongman, R. W. (1993). "Klassejustitie in Nederland". In Jongman, R. W. (red.), De Armen van Vrouwe Justitia. Sociale Positie en Justitiële Reacties. Ars Aequi Libri, Nijmegen, pp. 19–40.