Kranenbreukerhuis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kranenbreukershuis
Kranenbreukershuis in Tegelen, 2011
Kranenbreukershuis in Tegelen, 2011
Locatie Hoekstraat 6, Tegelen
Oorspr. functie brouwerij, pottenbakkerij en tabaksfabriek
Huidig gebruik woningen
Bouw gereed 1767
Monumentstatus Rijksmonument
Monumentnummer 34979
Achterzijde Kranenbreukerhuis
Achterzijde Kranenbreukerhuis
Detail Kranenbreukerhuis
Detail Kranenbreukerhuis
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

Het Kranenbreukershuis is een rijksmonument en industrieel erfgoed in het Noord-Limburgse dorp Tegelen, gemeente Venlo.

Geschiedenis[bewerken]

Het Kranenbreukershuis is in 1767 door Paulus Houba en Wendelina Cruysberg gebouwd als herberg annex brouwerij. Het pand ligt aan de Hoekstraat midden in de historische dorpskern, nabij de loop van de voormalige Engerbeek. In 1829 werd het complex omgebouwd en uitgebreid met een pottenbakkerij. Uit deze tijd stamt ook de naamsaanduiding van het pand. Pottenbakker Godfried Krambrucher was namelijk de toenmalige eigenaar en via verbasteringen is de naam 'Kranenbreukershuis' ontstaan. Vanaf 1877 werd het complex door de familie Beurskens gebruikt als tabaksfabriek. Vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw stonden de gebouwen leeg, waardoor het complex geleidelijk in verval is geraakt. In 2002 stortte het achterste deel in als gevolg van ernstige verwaarlozing. Om het Kranenbreukershuis veilig te stellen heeft de gemeente Venlo het pand in 2009 aangekocht. Op dat moment was de achterbouw uit 1829-1830 een overwoekerde ruïne en stond het oorspronkelijke hoofdhuis uit 1767 op instorten. Om verder verval te voorkomen heeft de gemeente in 2010 preventieve maatregelen genomen en het pand in 2011 overgedragen aan erfgoedorganisatie Vereniging Hendrick de Keyser uit Amsterdam.

Monument van de klei-industrie[bewerken]

Rond het midden van de achttiende eeuw kreeg de Tegelse economie een belangrijke impuls doordat de plaatselijke klei als grondstof voor de productie van aardewerk en dakpannen werd herontdekt. In die tijd was onder andere een nieuwe verordening van kracht geworden die bepaalde dat huizen omwille van de veiligheid niet meer met stro, maar met pannen gedekt moesten worden. Tegelen nam, net zoals eeuwen daarvoor, weer een centrale positie in als productiecentrum. De naam van het dorp is mogelijk zelfs afgeleid van de Romeinse aanduiding Tegula, wat dakpan betekent. Ook het pottenbakkersambacht kwam in de achttiende eeuw tot grote bloei.

In de tweede helft van de achttiende eeuw is sprake van een nieuwbouwgolf in Tegelen. Deze bouwexplosie is zeer waarschijnlijk in verband te brengen met de sterke opkomst van de keramische nijverheid. Met name tussen 1750 en 1800 werden in de dorp voorname huizen met hoogopgaande topgevels opgetrokken. Tot dan toe waren de huizen veelal van hout of in vakwerk, met een dak van stro. Voor het eerst verschenen op grote schaal hoge stenen huizen met pannendaken. Voorbeelden hiervan zijn onder andere het gesloopte Posthuis aan de Grotestraat uit 1766, Herberg Den Gouden Berg aan de Sint-Martinusstraat van omstreeks 1800, en het brouwershuis van de familie Houba, tegenwoordig Kranenbreukershuis genoemd, aan de Hoekstraat uit 1767. De opzet van deze panden komt nagenoeg overeen. Het brouwershuis borduurt min of meer nog voort op het klassieke ‘hallenhuistype’, maar laat tevens de overgangsfase zien naar een plattegrond met centrale gang en aan weerszijden woonvertrekken.

Restauratie[bewerken]

Tussen 2011 en 2013 werd op initiatief van Vereniging Hendrick de Keyser een zeer ingrijpende restauratie van het Kranenbreukershuis uitgevoerd. De restauratie kon met steun van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de provincie Limburg en Venlo (gemeente) worden gerealiseerd. Het oude hoofdgebouw uit 1767 werd constructief gestabiliseerd en de achterbouw uit 1829-1830 werd in oorspronkelijke vorm herbouwd. Aan de zijde van de Hoekstraat werden verdwenen 18e-eeuwse blokkozijnen met luiken gereconstrueerd. Inwendig werden historische balklagen met stucplafonds (troggewelfjes), deuren en vloeren hersteld. De historische keuken met schouw uit de bouwtijd werd zorgvuldig gerestaureerd en de verdwenen bedstee onder de trap werd teruggebracht. Op de zolderverdieping werden in de oude knechtenkamers sanitaire voorzieningen gerealiseerd. Ook werd de oude hopzolder van de brouwerij in ere hersteld. [1][2] [2]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]