Krijn Giezen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Krijn Giezen (Noordwijk aan Zee, 8 oktober 1939 – Caen, 30 januari 2011) was een Nederlands kunstenaar uit de tweede helft van de twintigste eeuw. Hij begon als assemblagekunstenaar in de jaren 60 en speelde begin jaren 70 een belangrijke rol in de ontwikkeling van land art en conceptuele kunst in Nederland. Giezen woonde en werkte tot 1990 afwisselend in Noordwijk, Katwijk, Den Haag en Noordwijkerhout, waarna hij verhuisde naar een bouwvallig kasteel in Magny-en Bessin aan de Normandische kust.

Biografie[bewerken]

Leertijd en erkenning[bewerken]

Van 1956 tot 1961 studeerde Krijn Giezen aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag, waar hij eind jaren 70 ook les gaf. Als student kreeg hij in 1957 van de Haagse kunstenaarsvereniging Pulchri Studio de Jacob Marisprijs. In 1960 studeerde hij een jaar aan de academie in Aubusson met een beurs van de Franse regering en leerde het vak van tapijtweven. Hij ontving in 1968 de Prix de la Critique van de Nederlandse kunstcritici (AICA) voor zijn textielinstallaties. In 1978 vertegenwoordigde Giezen tijdens de Biënnale van Venetië Nederland samen met Douwe Jan Bakker, Sjoerd Buisman en Hans de Vries. Hij installeerde een rookhut en bood bezoekers zijn eigenhandig geviste en gerookte tonijn aan. Foto’s en tekeningen hiervan exposeerde hij in het Nederlands paviljoen.

Reizen[bewerken]

Van 1960 tot in de jaren 80 maakte Giezen een groot aantal reizen binnen en buiten Europa, waaronder een fietstocht van Noorwegen naar de Pyreneeën. In 1981 werkte hij enige tijd in IJsland en aansluitend als artist-in-residence een jaar in New York waar hij zijn mail orders startte. Van zijn reis door China met de kunstenaar JCJ Vanderheyden in 1989 verscheen een reisverslag als Bulkboek.

Levenshouding en werkwijze[bewerken]

Krijn Giezens mentaliteit, werkhouding en leefwijze getuigden van een no-nonsense houding, waarbij hij werd geboeid door elementaire levensbehoeften zoals wonen, werken, koken en kleden. Hij hield zich bezig met de thema's duurzaamheid, goed voedsel en een efficiënte omgang met afval, lang voordat de urgentie daarvan in veel breder verband gevoeld werd.

Respect voor het vergankelijke typeert zijn oeuvre. Hij streefde ernaar om het bruikbare en 'wezenlijke' van de natuur en het menselijk handelen te behouden en revitaliseren. Objecten en werken in de openbare ruimte stelde hij samen uit ter plaatse gevonden materialen, functioneel zodat ze op hun beurt weer deel konden uitmaken van de dagelijkse omgeving.

De anarchistische humor van de kunststroming Fluxus, met nadruk op spel en zelfbedachte regels, lag aan veel van Giezens acties en objecten ten grondslag. In zijn werk verbond hij het robuuste van de natuur met de inventiviteit van de boer, de visser en de handwerksman. Recepten, handleidingen en uitvindingen werden door Giezen verwerkt in beeldende documentatie. De kunstwerken die hij maakte waren vooral bedoeld om aangeraakt en gebruikt te worden. Hij deed er alles aan om zijn ontwerpen zoveel mogelijk te ‘ont-kunsten’ en stond in zijn latere leven ambivalent tegenover museumpresentaties van zijn werk.

Het werk van Krijn Giezen is in meerdere museale collecties opgenomen, te weten die van het Van Abbemuseum, het Museum De Lakenhal, het Textielmuseum, het Stedelijk Museum Schiedam en het Kröller-Müller museum. Het grootste gedeelte van zijn werk werd echter niet geconserveerd. Elke poging om zijn oeuvre kunsthistorisch te documenteren, om een officieel overzicht van zijn oeuvre samen te stellen, ondermijnde hij in zijn latere leven. Hij wilde geen boeken en catalogi, tenzij hij er zelf de hand in had. Hij was wars van welke modieuze tendens dan ook, op het gevaar af om weer volledig te verdwijnen.

Werk[bewerken]

Tekeningen en assemblages[bewerken]

Naast werktekeningen en zeegezichten, maakte Krijn Giezen tekeningen en aquarellen, snelle notities die iets vastlegden dat hem fascineerde. Tussen 1961 en 1974 stelde hij een groot aantal assemblages samen; collage-achtige wandtapijten uit zeildoek, delen van leren motorpakken, huiden, katrollen, visnetten en touw. Deze manier van werken ontleende hij aan de Spaanse materieschilder Antonio Tàpies en de Zwitserse kunstenaar Daniël Spoerri die toentertijd assemblages met afval en etensresten maakten.

Print on Demand[bewerken]

Krijn Giezen maakte kunstenaarsboeken als publicaties bij een tentoonstelling, maar vaak ook als zelfstandige uitgaven. Ze bevatten documentaire foto’s, werktekeningen en handgeschreven notities. Er staan ontwerpen in voor paardendekens, hondentuigen en bouwsels uit tentdoek. Of foto’s, korte notities en tekeningen van vindingrijke oplossingen en gebruiken die typisch zijn voor diverse beroepsgroepen; een metaalbewerker die een nieuwe vinger van staal voor zichzelf heeft gemaakt, een arts die zijn trapleuning repareert met leukoplast-tape of een slager die een koelkast verplaatst met een stuk spek als glijmiddel. (Publicaties Haags Gemeentemuseum, 197?)

Enkele jaren voor zijn overlijden heeft Krijn Giezen, als vervolg op zijn mailorder activiteiten die hij in 1981 in New York startte, een mailorder catalogus samengesteld. Het is een vuistdik boekwerk met gefotokopieerde foto’s van zijn objecten, voorzien van korte teksten en jaartallen en geeft een informatief beeld van zijn ideeën vanaf midden jaren 70 (oplage 5, productie Stroom Den Haag in 2004).

Zijn ruimtelijke projecten documenteerde hij samen met zijn vrouw Martina Giezen in een print-on-demand publicatie ‘Haagse Beek en andere projecten’ (Stroom Den Haag, 2000). Op verzoek kon deze publicatie worden uitgeprint, opdat niet nodeloos papier werd opgeofferd.

Kunst in de openbare ruimte[bewerken]

Voorstellen voor kunstwerken in de openbare ruimte gingen uit van begrippen uit de bouwwereld zoals ‘gebiedseigen materiaal’, ‘beperkt vervoer’, ‘duurzaam bouwen’ en ‘werk met werk maken’. Een voorbeeld daarvan is de slangenmuur die Giezen in 1991 in Rhoon heeft gebouwd. Hij liet het puin van een afgebroken wijk opstapelen in een ijzeren kooi, die meanderend het bedrijventerrein afsluit van het landschappelijk gebied daar achter.

Andere landschapsontwerpen waren er vaak op gericht om het specifieke karakter van een bepaalde plek te ondergaan. Voorstellen om een gebied op te schonen bleken in de praktijk vaak problematischer dan iets toevoegen.

In Den Haag maakte hij in 1992 een analyse van de Haagse Beek die vanuit de duinen (Kijkduin) via het Vredespaleis ondergronds naar de Hofvijver stroomt. De beek was in de afgelopen eeuwen sterk van karakter veranderd, onder meer door kanalisatie en vervuiling. Begin 2000 werd Giezens plan ‘Het zichtbaar maken van de Haagse Beek’, gerealiseerd en de bron in Kijkduin onthuld. Door Giezen uitgenodigde kunstenaars Remko Scha, herman de vries en Ian Hamilton Finlay maakten destijds ook een werk met betrekking tot de Haagse Beek.

Het laatste grote - en wellicht bekendste - werk dat Giezen realiseerde is ‘Kijk Uit attention' in 2005 in de beeldentuin van het Kröller-Müller Museum: een hoge trap van 300 treden, die een uniek zicht biedt op de de Hoge Veluwe.

Tentoonstellingen[bewerken]

  • 1965: ‘Gruppe Ur’, Galerie 845, Amsterdam en Atelier Lissabon, Den Haag, groepstentoonstelling.
  • 1965: ‘Tien Haagse kunstenaars’, Galerie Numero, Venetië, groepstentoonstelling.
  • 1965: ‘Kunstruhe’, Düren, solotentoonstelling.
  • 1966: Kunstzaal De Jong-Bergers, Maastricht, solotentoonstelling.
  • 1966/1967: Institute of Contemporary Art, Londen.
  • 1967: Galerie Punt 4, Schiedam, solotentoonstelling.
  • 1967/69/71/73: Biennale de Tapisserie, Lausanne.
  • 1968: ‘Werken in Textiel I’, De Hallen Haarlem.
  • 1969: Stedelijk Museum De Lakenhal, Leiden, solotentoonstelling.
  • 1970: Atelier 7, Stedelijk Museum, Amsterdam.
  • 1971: ‘Werken in Textiel II’, De Hallen Haarlem.
  • 1971: Galerie Judith Weingarten, Amsterdam, solotentoonstelling.
  • 1973: Pander Kunstcentrum, Den Haag, solotentoonstelling.
  • 1973: Bellfires De Schouwzaal, Hapert (N.B.), solotentoonstelling.
  • 1974: ‘Krijn Giezen: ontwerpen en uitvoeringen van tenten, paardedekken en scheepstextiel’, Stedelijk Van Abbemuseum, Eindhoven, solotentoonstelling.
  • 1975: ‘Krijn Giezen, Wim Gijzen, Sjoerd Buisman, Besson, Jan de Bruin’, De Hallen, Haarlem.
  • 1978: ‘Natura-Arte’ Biennale van Venetië.
  • 1978: ‘Natuur vorm kultuur’, Het Kruithuis, Den Bosch, groepstentoonstelling.
  • 1979: ‘Nature [versus] Art’, Fruit Market Gallery, Edinburgh, groepstentoonstelling.
  • 1981: ‘Krijn Giezen, meubels/furniture’, ’t Hoogt, Utrecht, solotentoonstelling.
  • 1982: ‘Krijn Giezen, Fer Hakkaart, Frans de Wit’, Stedelijk Museum de Lakenhal, Leiden, groepstentoonstelling.
  • 1994: Stroom Den Haag, solotentoonstelling.
  • 2000: Stroom Den Haag, groepstentoonstelling.
  • 2002 ‘Kijk Uit, een ongewone wandeling door de beeldentuin’, Kröller-Müller Museum, Otterlo.

Opdrachten (uitgevoerd)[bewerken]

  • 1970: Drinkwaterproductiebedrijf De Berenplaat, Rotterdam.
  • 1971: Provinciehuis Den Bosch.
  • 1971: Cultureel Centrum De Lindenberg, Nijmegen.
  • 1972: Henkelhuis, Amstelveen
  • 1972: Siemenskantoor, Den Haag
  • 1973: Cultureel Centrum ’t Hoogt, Utrecht.
  • 1975: Observatiehut Edam.
  • 1976: Observatiepost en ontvangsthuis, Flevoland.
  • 1983: ‘Midden Delfland', boekje over verborgen recreatievoorzieningen.
  • 1984: Markering Nederlands Scheepvaartmuseum, Amsterdam.
  • 1987: bos met geluidswal, Franeker Bos, Gemeente Franekerdeel.
  • 1988: zebrapad, MDGO school, Vlissingen.
  • 1988: oranjerie en promenade in de Grittenborgh, Hoogeveen.
  • 1991: geluidswal, Distripark Eemhaven, Rhoon.
  • 1985-1993 broeiwoning Polderpark Cronesteyn, Gemeente Leiden.
  • 1995: bunker recycling langs de Deense westkust.
  • 1996: ‘Proeftuin’, schuil- en overwinteringsplek voor kleine dieren bij het Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek in Wageningen.
  • 1976-1997: observatiepost en ontvangstruimte, Harderbroek.
  • 1997: ‘Hier kunst’, vinexcomplex Delfgauw, Pijnacker.
  • 1998: schuil- en overwinteringsplek voor flora en fauna, Natuurtuin Lumen.
  • 2000: lijntekening van een Zeeuws werkpaard in het land als betreedbare beeldenroute, ‘Hommage aan Gemma’, Zonnemaire.
  • 2001: uitvoering amfibische verblijfsplaats, Zeewolde.
  • 2003: kaart ‘Hopen en Gaten’, Duin- en Bollenstreek.
  • 1986: ‘Kijk Uit / Attention’, Kröller-Müller Museum, Otterlo.