Kruidje-roer-mij-niet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kruidje-roer-mij-niet
Kruidje-roer-mij-niet
Kruidje-roer-mij-niet
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'Nieuwe' tweezaadlobbigen
Clade: Fabiden
Orde: Fabales
Familie: Leguminosae / Fabaceae (Vlinderbloemenfamilie)
Onderfamilie: Mimosoideae
Geslacht: Mimosa
Soort
Mimosa pudica
L. (1753)
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Kruidje-roer-mij-niet of gevoelige mimosa (Mimosa pudica) behoort tot de vlinderbloemenfamilie (Leguminosae of Fabaceae).

Het is een kruidachtige plant die aantoont dat planten niet alleen leven, maar ook zeer snel kunnen reageren hoewel ze geen zenuwstelsel hebben. Dit gebeurt met behulp van signaalstoffen. Bij aanraking van het evengeveerde samengestelde blad of door de wind gaan de 1 cm lange blaadjes "dicht" (vouwen samen). Dit fenomeen treedt alleen op bij luchttemperaturen boven de 18 °C. De bladsteel waar de bladeren aan zitten kantelt ook richting de stam. Niet de hele plant reageert maar alleen het deel dat aangeraakt wordt. Na enkele minuten strekken de bladstelen weer en vouwen de bladeren zich weer open.

's Nachts zijn de blaadjes ook samengevouwen. Daarom wordt dit ook wel de slaapstand genoemd.

De bewegingen worden mogelijk gemaakt door de bladscharnieren. Het scharnier bestaat uit zwellingen (pulvini) op de bladsteel. De bladbewegingen ontstaan door veranderingen in de celdruk (turgor) van de motorische cellen, die in de zwellingen liggen.

Mimosa pudica De blaadjes sluiten na aanraking
Mimosa pudica open.JPG Mimosa pudica closed.JPG

De plant komt van nature voor in tropisch Zuid-Amerika (Brazilië, Suriname) en bloeit in juli en augustus. Jonge planten hebben een rechtopgaande stengel, maar bij oudere planten zijn ze kruipend. De stengel kan 1,5 m lang worden en is bezet met stekels. De samengestelde bladeren hebben tien tot zesentwintig blaadjes. Aan de bladstelen zitten ook stekels. De bloemen zijn lichtroze of paars en vormen een 0,8 -1 cm groot bloemhoofdje. De bloemblaadjes zijn aan de top rood en de helmdraden roze of lavendelkleurig. De vrucht bestaat uit twee tot acht peulen, die 1-2 cm lang zijn en aan de randen stekelig zijn. De rijpe peul breekt in twee tot vijf stukken. Het zaad is ongeveer 2,5 mm lang.

Groei en bloeiwijze[bewerken]

Vruchten
Groei van de bladeren

Uit het zaadje komen eerst twee zaadlobben (de bladeren die vrij dik zijn op de foto in het midden). Deze zaadlobben bevatten vocht dat voor een buffer zorgt, in het geval de beginnende wortel te weinig water krijgt. Daarna komen de veerdelige bladeren: eerst een blad met zes kleine blaadjes (op de foto: middenrechts), daarna een blad met meestal twee maal zes kleine blaadjes (op de foto linksboven), daarna een blad met vaak twee maal acht blaadjes (op de foto rechtsbeneden). Daarna zijn de bladeren iets anders van vorm, en het aantal blaadjes hangt van de groeiomstandigheden af, maar het aantal neemt wel toe naarmate de plant groter wordt. De jonge plant begint zonder stekels, maar op de steel komen scherpe kleine stekels.

De pluizige bloemhoofdjes

Bij een bepaalde grootte kan de plant bloemknoppen gaan maken. Het kan enkele weken duren voor een groene bloemknop gaat bloeien. De bloemhoofdjes zijn roze pluizenbollen die slechts één dag bloeien. Het openen van het bloemhoofdje van een groene bloemknop tot een volledig hoofdje duurt ongeveer een uur, dat gebeurt meestal 's ochtends bij het opengaan van de bladeren.

Spreekwoordelijk[bewerken]

De term kruidje-roer-mij-niet wordt in het Nederlands tevens spreekwoordelijk gebruikt voor een lichtgeraakt, gevoelig en snel geïrriteerd persoon.