Kruisweg (religie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Deel van een serie artikelen over het
christendom
Christendom
..Pijlers
..Christelijke feesten

Portaal  Portaalicoon  Christendom

De Kruisweg (Via crucis in het Latijn) is een onderdeel van de traditie van het christelijke Paasfeest. Het is een nabootsing in de vorm van schilderijen of beeldhouwwerken van de lijdensweg van Christus vanaf het gerechtsgebouw (het paleis van de Pontius Pilatus) tot en met de begrafenis van Christus. Een kruisweg stelt de gelovige in staat stil te staan bij de belangrijkste gebeurtenissen van deze lijdensweg aan de hand van 14 kruiswegstaties (van het Latijn statio, dat halteplaats betekent). Het idee van een Kruisweg is dat de gelovige zo in gebed de Via Dolorosa kan doorlopen zonder in Jeruzalem te zijn geweest.

Geschiedenis[bewerken]

In de rooms-katholieke traditie is het sinds de 15e eeuw ook een godsdienstoefening, die onder andere op Goede Vrijdag plaatsvindt. De godsdienstoefening wordt aan verschillende bronnen toegeschreven. Zo zou de kruiswegoefening teruggaan op de H. Maagd Maria die in Jeruzalem de plaatsen van de Via Dolorosa bezocht. Algemeen wordt echter vooral de werkzaamheid van de H. Franciscus van Assisi verantwoordelijk geacht voor de verspreiding van de gebeden kruisweg.

Vooral de Franciscanen, waaronder Leonard van Porto Maurizio, zijn verdienstelijk geweest in het oprichten van kruiswegen. Aan het verrichten van de kruisweg is door de pausen gedurende meerdere eeuwen een volle aflaat verbonden, onder de normale voorwaarden. In 1726 bepaalde Paus Benedictus XIII dat iemand die een kruisweg langs ging dezelfde aflaten ontving als iemand die in Jeruzalem de Via Dolorosa bezocht. Omdat het aantal staties hier en daar verschilde, bepaalde Paus Clemens XII (paus van 1730-1740) het aantal op veertien. In 1741 werd onder Paus Benedictus XIV de aanwezigheid van een kruisweg verplicht in alle rooms-katholieke kerken. Bij Franciscanen en Clarissen werd de kruisweg elke vrijdag gebeden.

Over de plaatsing van de kruisweg hebben nooit voorschriften bestaan, maar meestal liep hij eerst op de noordwand van oost naar west en op de zuidwand van west naar oost. Deze gewoonte is waarschijnlijk gebaseerd op de kruisweg in de Christus de Verlosser-kerk in Jeruzalem. Op een aantal plaatsen is er later nog een statie aan toegevoegd, de zogenaamde paasstatie die uitbeeldt hoe Jezus Christus verrijst uit de doden, nadat Hij door het kruisoffer de mensen verlost heeft.

Overzicht van alle 14 kruiswegstaties[bewerken]

I Jezus wordt ter dood veroordeeld. Mattheus 27:1, Markus 15:15, Lukas 23:25, Johannes 19:16 Statie I in de Sint-Romboutskathedraal in Mechelen (1925) Statie II in de Sint-Romboutskathedraal in Mechelen (1925)
II Jezus neemt het kruis op Zijn schouders. Johannes 19:17
III Jezus valt voor de eerste maal onder het kruis. Staat niet in de Bijbel. III IV
IV Jezus ontmoet Zijn Heilige Moeder. Staat niet in de Bijbel, maar Maria was bij de kruisiging wel aanwezig. Markus 15:40, Johannes 19:25
V Simon van Cyrene helpt Jezus het kruis te dragen. Mattheus 27:32, Markus 15:21, Lukas 23:26 V VI
VI Veronica droogt het aangezicht van Jezus af. Staat niet in de Bijbel
VII Jezus valt voor de tweede maal. Staat niet in de Bijbel VII VIII
VIII Jezus troost de wenende vrouwen. Lukas 23:28-31
IX Jezus valt voor de derde maal. Staat niet in de Bijbel IX X
X Jezus wordt van Zijn klederen beroofd. Staat niet in de Bijbel, maar er staat dat de soldaten zijn kleren tijdens de kruisiging verdeelden. Mattheus 27:35, Markus 15:24, Lukas 23:34, Johannes 19:23-24, Psalm 22:18-29
XI Jezus wordt aan het kruis genageld. Markus 15:24, Lukas 23:33, Johannes 19:18 XI XII
XII Jezus sterft aan het kruis. Mattheus 27:50, Markus 15:37, Lukas 23:46, Johannes 19:30
XIII Jezus wordt van het kruis afgenomen. Lukas 23:53, Johannes 19:38 XIII XIV
XIV Jezus wordt in het graf gelegd. Mattheus 27:59-60, Markus 15:46, Lukas 23:53, Johannes 19:42

Voorbeelden[bewerken]