Lenín Moreno

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Lenín Moreno Garcés
CENA LENIN MORENO (16217113764) (cropped).jpg
Geboren 19 maart 1953
Nuevo Rocafuerte (Ecuador)
Partij Alianza PAIS
President van Ecuador
Ambtstermijn 24 mei 2017 -
Voorganger Rafael Correa
Partner Rocío González
Handtekening Handtekening
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Lenín Boltaire Moreno Garcés (Nuevo Rocafuerte, 19 maart 1953) is de president van Ecuador. Eerder was hij vice-president onder Rafael Correa.

Moreno, zoon van een onderwijzer, werd vernoemd naar Vladimir Lenin. Hij werkte als manager en ambtenaar tot hij in 1998 bij een roofoverval in de rug werd geschoten en gedeeltelijk verlamd raakte. Daarna schreef hij diverse zelfhulpboeken over humor, die hem naar eigen zeggen hielp bij het revalideren.

Moreno was in 2006 mede-oprichter van de linkse Alliantie PAIS en werd vice-president toen PAIS-kandidaat Correa het jaar daarop president van Ecuador werd. Tijdens Correa's tijdelijke aftreden in het kader van de campagne voor zijn herverkiezing in 2011, was Moreno korte tijd 's werelds enige (plaatsvervangende) staatshoofd in een rolstoel. Hij werd genomineerd voor de Nobelprijs voor de Vrede 2012 vanwege zijn strijd voor de rechten van gehandicapten (de prijs ging uiteindelijk naar de Europese Unie).[1]

In 2013 trad Moreno af als vice-president en trok hij zich terug uit de nationale politiek om voor de Verenigde Naties te gaan werken als speciaal gezant van secretaris-generaal Ban Ki-moon.[2] Een paar jaar later keerde hij terug in de politiek en stelde hij zich kandidaat voor de presidentsverkiezingen van 2017, als tegenstrever voor de conservatieve oud-bankier Guillermo Lasso. Moreno won met een kleine voorsprong (51,2% vs. 48,8%). Lasso beschuldigde Moreno daarop van verkiezingsfraude, maar hertelling van 11% van de stemmen bevestigde het resultaat.[3]

In oktober 2019 kondigde zijn regering diverse bezuinigingen aan.[4] De brandstofsubsidies worden gestaakt, deze bestaan al sinds 1970 om brandstof betaalbaar te houden en de prijzen van diesel en benzine zijn sinds de aankondiging verdubbeld. Verder heeft Ecuador besloten per 1 januari 2020 uit de OPEC te stappen om zo onder de productiebeperking uit te komen. Deze acties zijn noodzakelijk vanwege de grote buitenlandse schuldenlast. Met deze maatregelen wil de regering US$ 1,3 miljard per jaar besparen.[4] De bewoners zijn woedend, uit protest zijn drie olievelden van het Petroamazones bezet.[4] Het leger wordt ingezet om de oliebronnen en andere energie-infrastructuur te beschermen. Moreno riep de noodtoestand uit en de regering verhuisde tijdelijk van Quito naar de kuststad Guayaquil. Na anderhalve week van felle protesten heeft de regering besloten de verhoging van de brandstofprijzen niet door te voeren.[5] Moreno had de bezuiniging nodig om een krediet van zo'n US$ 4 miljard te krijgen van het IMF om daarmee de economie en arbeidsmarkt te hervormen.[5]

Externe link[bewerken]

Voorganger:
Rafael Correa
President van Ecuador
2017-heden