Libido

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Libido (Latijn: begeerte), ook wel geslachtsdrift genoemd, is een term die in de seksuologie wordt gebruikt om te verwijzen naar de mate waarin een persoon behoefte heeft aan seksualiteit. Het woord heeft verschillende betekenissen gekregen in de loop van de tijd.

Psychoanalyse[bewerken]

'Libido' is ook een begrip uit de psychoanalyse. Het duidt dan op de drijfveren die met de seksualiteit verbonden zijn: bij Freud in de engere zin, bij Jung in de zin van levensenergie en in het algemeen het "streven naar". In de Jungiaanse psychoanalyse bedoelt men met libido dus niet een fysische maar een psychische energie (zie libido (Jung)). Hoewel van oorsprong een vakbegrip, is 'libido' in de volksmond min of meer synoniem geworden met geslachtsdrift.

Moderne betekenis[bewerken]

Het libido kan van persoon tot persoon sterk verschillen. Bij een sterk verhoogd libido spreekt men van hyperseksualiteit. Andersom spreekt men bij een sterk verminderde seksuele drang van anafrodisie. Het libido kan in een mensenleven fluctueren. Vaak is het in de puberteit op zijn hoogtepunt en neemt het later in meerdere of mindere mate af, maar dat is niet altijd het geval. Ook tachtigplussers kunnen nog een sterk libido hebben.

De geslachtsdrift wordt in grote mate bepaald door hormonen in het lichaam. Bij vrouwen is daarnaast de menstruatiecyclus van invloed op de drang tot seks. Emoties kunnen ook van invloed zijn op het libido: bij spanning, angst, stress of depressiviteit kan het libido verminderen of soms juist toenemen. Sommige stoornissen kunnen de seksuele drang versterken, bijvoorbeeld manie en soms hyperthyreoïdie.

Zie ook[bewerken]