Lisanne de Witte

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Lisanne de Witte
Lisanne de Witte viert haar bronzen medaille op de 400 m tijdens de EK van 2018, Berlijn.
Volledige naam Lisanne de Witte
Geboortedatum 10 september 1992
Geboorteplaats Vlaardingen
Nationaliteit Vlag van Nederland Nederland
Lengte 1,75 m
Gewicht 60 kg
Sportieve informatie
Discipline sprint + middellange afstand
Trainer/coach Guide Hartensveld en Ton Baltus (2007-2017),
Sven Ootjers (2017-heden)
Eerste titel Ned. kampioene 800 m 2015
OS 2016, 2020
Extra Ned. recordhoudster 400 m 2018-2021, 4 x 400 m (in- + outdoor), 4 x 400 m gemengd (1 dag)
Medailles
Portaal  Portaalicoon   Atletiek
Lisanne en haar zus Laura de Witte tijdens de Olympische Spelen in Rio de Janeiro.
De eerste drie van de EK van 2018: vlnr. María Belibasáki (zilver), Justyna Święty-Ersetic (goud) en Lisanne de Witte (brons).
Lisanne de Witte verslaat Red Swift, de zonnewagen van Solar Team Twente, in een snelle 36,78 s op de 300m Solar Challenge tijdens de FBK Games in 2019.

Lisanne de Witte (Vlaardingen, 10 september 1992) is een Nederlandse atlete, die is gespecialiseerd in de 400 en 800 m. Op het laatste onderdeel veroverde zij in 2015 haar eerste nationale titel. Sinds dat jaar is zij op de 4 × 400 m estafette tevens een van de Nederlandse recordhoudsters. Daarnaast slaagde zij er in 2018 als eerste Nederlandse in om op de 400 m een tijd binnen de 51 seconden te realiseren; met 50,96 s werd zij op 1 juli 2018 op dit onderdeel nationaal recordhoudster. Datzelfde jaar scherpte zij haar record op de Europese kampioenschappen van 2018 verder aan tot 50,77. In 2021 veroverde zij als lid van het Nederlandse estafetteteam de Europese indoortitel op de 4 × 400 m tijdens de EK indoor in Toruń in de nationale recordtijd van 3.27,15.

Loopbaan[bewerken | brontekst bewerken]

Successen als junior[bewerken | brontekst bewerken]

Reeds in haar juniortijd bleek de bijzondere aanleg van De Witte voor de 400 m. Bij de B-meisjes eindigde zij op de nationale kampioenschappen al in 2008 bij de eerste drie op dit onderdeel en vanaf 2009 verzamelde zij in de verschillende leeftijdscategorieën vrijwel uitsluitend gouden NK-medailles. Slechts één keer, in 2011, haar laatste jaar bij de junioren, moest zij op haar favoriete onderdeel genoegen nemen met het zilver.

Eerste internationale ervaringen[bewerken | brontekst bewerken]

Het Europees Olympisch Jeugdfestival van 2009 in het Finse Tampere was het eerste internationale toernooi waar De Witte, zestien jaar oud, aan deelnam. Ze kwam er niet verder dan de eerste ronde in 57,43 s. Twee jaar later maakte zij deel uit van het nationale team op de 4 × 400 m tijdens de Europese kampioenschappen voor U20-junioren in Tallinn, Estland. Samen met Marije Wever, Anna Voskamp en Madiea Ghafoor werd zij daar vierde in 3.37,44, een Nederlands U20-record. De week erna veroverde zij op de Nederlandse kampioenschappen in Amsterdam haar eerste individuele seniorenmedaille op de 400 m: brons.
Vanaf 2012 legde zij in eigen land op NK's en andere belangrijke wedstrijden een forse verzameling zilveren en bronzen medailles aan. Op het EK U23 in Tampere in 2013 kwam zij in de finale van de 400 m echter niet verder dan een achtste plaats in 53,97.

Tijdens de wereldindoorkampioenschappen van 2014 drong De Witte op de 400 m door tot de halve finale. In de serie had ze een persoonlijk record van 52,61 gelopen, maar in haar halve finale werd zij gediskwalificeerd na een protest van het Amerikaanse team, dat claimde dat ze Joanna Atkins ten val had gebracht.[1]

Records op EK en OS 2016[bewerken | brontekst bewerken]

In 2016 nam De Witte deel aan de Europese kampioenschappen in Amsterdam. Zij kwam er uit op de 400 m en de 4 × 400 m estafette. Op het individuele onderdeel eindigde zij in haar halve finale als derde en kwam zij met haar tijd van 52,37 driehonderdste seconden te kort om zich te kwalificeren voor de finale. Op het estafetteonderdeel haalde zij, samen met haar teamgenotes Nicky van Leuveren, Laura de Witte en Eva Hovenkamp de finale wel. De tijd van het Nederlandse team, 3.29,18, betekende zelfs een nationaal record. In de finale liep dezelfde ploeg in 3.29,23 nauwelijks langzamer en eindigde als zevende. Belangrijker was dat het team zich kwalificeerde voor de Olympische Spelen in Rio de Janeiro. In de Braziliaanse stad werden Madiea Ghafoor, Lisanne de Witte, Nicky van Leuveren en Laura de Witte in hun serie weliswaar uitgeschakeld voor de finale, maar hun eindtijd van 3.26,98 betekende een ruime verbetering van het in Amsterdam gevestigde nationale record.

Succesvol seizoen strandt in Londen[bewerken | brontekst bewerken]

In 2017 nam De Witte tijdens het indoorseizoen deel aan de EK indoor, waar zij doordrong tot de halve finale. Tijdens het baanseizoen groeide zij op weg naar de wereldkampioenschappen in Londen naar haar topvorm toe en bij de FBK Games in Hengelo dook zij op de 400 m voor het eerst in haar loopbaan onder de 52 seconden: met 51,93 kwalificeerde zij zich voor de WK. Dat dit geen uitschieter was bewees zij vervolgens op de NK, waar zij in 52,12 haar tweede nationale titel veroverde. Om vervolgens op de EK voor landenteams in Rijsel haar PR verder aan te scherpen tot 51,71.
Haar deelname aan de WK eindigde echter in een deceptie. Want na eerst op de individuele 400 m met haar tijd van 52,48 haar serie al niet te hebben overleefd, ging het vervolgens op de 4 × 400 m estafette mis bij de eerste wissel tussen Ghafoor en De Witte. Eerstgenoemde liet bij het wisselen het estafettestokje namelijk vallen en toen De Witte dat daarna opraapte en de race vervolgde, ook al finishte het team door dit incident als laatste, werden de Nederlandse loopsters ook nog eens gediskwalificeerd. Volgens de regels had Ghafoor het stokje namelijk eerst zelf moeten oprapen en het daarna aan De Witte moeten doorgeven. Zo eindigde een veelbelovend seizoen in een deceptie.

Hoogtepunt in 2018[bewerken | brontekst bewerken]

De Witte toonde in 2018 al vrij vroeg aan, dat zij haar goede vorm van het jaar ervoor had weten te behouden. Bij de FBK Games begin juni liet zij op de 400 m met 51,84 opnieuw een tijd binnen de 52 seconden voor zich noteren, waarmee zij zich ruimschoots kwalificeerde voor deelname aan de EK in Berlijn. Wel werd zij daarna op de NK verrassend geklopt door Madiea Ghafoor, die dat nota bene in exact dezelfde tijd (51,84) deed als die welke eerder door De Witte was gelopen. Die werd nu tweede in 52,22. Het was blijkbaar een goede 'wake-up call', want een week later kwam zij tijdens een wedstrijd in het Zwitserse La Chaux-de-Fonds tot 50,96. Hiermee verbeterde zij het Nederlandse record van 51,35 van Ester Goossens uit 1998 en was zij tevens de eerste Nederlandse die de 51 seconden barrière doorbrak.
Op de EK in Berlijn was het nog even spannend of De Witte door de halve finale heen zou komen, want zij finishte hierin als derde en plaatste zich dus niet rechtstreeks voor de eindronde. Met haar tijd van 51,24 ging zij echter als een van de tijdsnelsten door. In die finale steeg De Witte boven zichzelf uit en eiste zij vanuit laan 2 na een felle achtervolgingsrace de bronzen medaille voor zich op in haar beste tijd ooit, 50,77, tevens een verbetering van haar eigen recente nationale record. Het was voor het eerst sinds de bronzen medaille van Tilly van der Zwaard op de EK van 1962 in Belgrado dat een Nederlandse op de 400 m een EK-medaille veroverde en een hoogtepunt in de carrière van De Witte.

Club[bewerken | brontekst bewerken]

Lisanne de Witte is de oudere zus van Laura de Witte, lid van AV Trias in Heiloo en traint sinds begin 2017 onder leiding van Sven Ootjers bij de groep Topsport Trias.[2]

Kampioenschappen[bewerken | brontekst bewerken]

Internationale kampioenschappen[bewerken | brontekst bewerken]

Onderdeel Titel Jaar
4 x 400 m Europees indoorkampioene 2021

Nederlandse kampioenschappen[bewerken | brontekst bewerken]

Outdoor
Onderdeel Jaar
400 m 2016, 2017, 2019, 2021
800 m 2015
Indoor
Onderdeel Jaar
200 m 2019, 2020
400 m 2016

Persoonlijke records[bewerken | brontekst bewerken]

Outdoor
Onderdeel Prestatie Datum Plaats
300 m 38,96 s 11 mei 2013 Lisse
400 m 50,77 s (ex-NR) 11 augustus 2018 Berlijn
600 m 1.28,13 26 augustus 2018 Lisse
800 m 2.05,39 24 augustus 2013 Merksem
Indoor
Onderdeel Prestatie Datum Plaats
60 m 7,96 s 25 januari 2014 Apeldoorn
200 m 23,67 s 17 februari 2019 Apeldoorn
400 m 51,90 s 8 februari 2020 Toruń
500 m 1.10,50 25 januari 2020 Boston
800 m 2.13,01 7 februari 2015 Gent

Prestatieontwikkeling[bewerken | brontekst bewerken]

Jaar 100 m 200 m 400 m 800 m
2009 12,84 25,66 56,16 -
2010 12,81 25,53 55,96 2.16,80
2011 - 25,03 54,59 -
2012 12,32 24,72 53,92 2.12,69
2013 12,32 24,59 52,92 2.05,39
2014 - - - -
2015 - - 52,53 2.05,89
2016 - - 52,14 -
2017 - - 51,71 -
2018 - 24,35 50,77 -
2019 - - 51,30 -
2020 - - - -
2021 - - 52,08 2.09,85

Palmares[bewerken | brontekst bewerken]

200 m[bewerken | brontekst bewerken]

400 m[bewerken | brontekst bewerken]

  • 2009: 4e NK - 57,52 s
  • 2010: 5e NK - 56,10 s
  • 2011: 5e NK indoor - 57,40 s
  • 2011: Brons NK - 54,59 s
  • 2012: Brons NK indoor - 54,73 s
  • 2012: Brons Gouden Spike - 55,69
  • 2012: Zilver NK - 54,33 s
  • 2013: Zilver Flynth Recordwedstr. te Hoorn - 54,57 s
  • 2013: Zilver Gouden Spike - 54,63 s
  • 2013: 8e EK U23 te Tampere - 53,97 s (in serie 52,93 s)
  • 2013: Zilver NK - 52,92 s
  • 2014: Zilver NK indoor - 52,62 s
  • 2014: DQ WK indoor (in serie 52,61 s)
  • 2015: 6e FBK Games - 53,28 s
  • 2015: Goud Gouden Spike - 53,50 s
  • 2015: Zilver NK - 52,75 s
  • 2015: 8e Memorial Van Damme - 52,53 s
  • 2016: Goud NK indoor – 52,61 s
  • 2016: Zilver Gouden Spike - 52,71 s
  • 2016: Goud NK – 53,12 s
  • 2016: 3e in ½ fin. EK - 52,37 s
  • 2017: Zilver NK indoor - 52,95 s
  • 2017: 6e in ½ fin. EK indoor - 54,81 s (in serie 53,61 s)
  • 2017: Brons FBK Games - 51,93 s
  • 2017: Goud NK - 52,12 s
  • 2017: Goud EK landenteams te Rijsel - 51,71 s
  • 2017: 5e in serie WK - 52,48 s
  • 2018: 6e FBK Games - 51,84 s
  • 2018: Zilver NK - 52,22 s
  • 2018: Brons EK - 50,77 s (NR)
  • 2019: Brons EK indoor - 52,34 s
  • 2019: Goud NK - 52,29 s
  • 2019: 5e in ½ fin. WK - 51,41 s (in serie 51,31 s)
  • 2021: 4e in ½ fin. EK indoor - 53,10 s (in serie 52,82 s)
  • 2021: Goud NK - 52,08 s
  • 2021: 8e in ½ fin. OS - 52,09 s (in serie 51,68 s)
  • 2022: Brons NK indoor - 52,65 s
Diamond League-resultaten

800 m[bewerken | brontekst bewerken]

  • 2015: Goud NK - 2.05,89

4 x 400 m[bewerken | brontekst bewerken]

  • 2011: 4e EK U20 in Tallinn - 3.37,44 (NJR)
  • 2016: 7e EK - 3.29,23 (in serie 3.29,18 = NR)
  • 2016: 6e in serie OS - 3.26,98 (NR)
  • 2017: DQ in kwal. WK
  • 2019: Goud B-fin. World Relays in Yokohama - 3.29,03
  • 2019: 7e WK - 3.27,89 (in serie 3.27,40)
  • 2021: Goud EK indoor - 3.27,15 (NR)
  • 2021: 6e OS - 3.23,74 (NR)
  • 2022: Zilver WK indoor – 3.28,57 s

4 x 400 m gemengd[bewerken | brontekst bewerken]

  • 2021: 4e OS - 3.10,36 (NR)[3]
Zie de categorie Lisanne de Witte van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.