Long covid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Long Covid (Engels voor langdurige Covid, in het Engels ook long-haul Covid), Chronisch Covid Syndroom (CCS) of Post-Acute Sequelae of SARS-CoV-2 infection (PASC) is een verzameling van symptomen die bij tien tot twintig procent van de COVID-19-patiënten langer dan een maand en bij iets meer dan twee procent langer dan drie maanden aanhouden. Het ziektebeeld is nieuw en wetenschappelijk nog niet goed begrepen.[1] Actueel onderzoek, uitgevoerd sinds de tweede helft van 2020, richt zich op het in kaart brengen van de verschijnselen, het onderzoeken van mogelijke oorzaken en van therapiemogelijkheden. De naam van het syndroom is spontaan ontstaan en mogelijk nog niet definitief.[2] Het begrijpen van long Covid is van belang om de zin van het remmen van de verspreiding van Covid-19 door maatregelen te onderbouwen. Ook laat het de noodzaak zien van een robuust veiligheidssysteem inclusief ziekteverlof, zorgverlof, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, bescherming op de werkplek en arbeidsflexibiliteit.

Symptomen[bewerken | brontekst bewerken]

Het syndroom is nog niet zuiver begrensd of eenduidig vast te stellen, in tegenstelling tot bijvoorbeeld het chronischevermoeidheidssyndroom waarmee het een zekere gelijkenis vertoont. De volgende verschijnselen treden op bij de patiënten: extreme vermoeidheid (fatigue), hoofdpijn, kortademigheid benauwdheid, verlies van reukvermogen (anosmie), spierzwakte, lage koorts, cognitieve problemen. Niet alle symptomen komen bij elke patiënt voor en in de loop van de tijd kunnen symptomen elkaar afwisselen en van intensiteit veranderen.

Daarnaast melden patiënten ook: langdurig hoesten, geheugenproblemen, slaapproblemen, gewrichtspijnen, diarree en overgeven, keelpijn en slikproblemen, nieuwe diabetes en hoge bloeddruk, huiduitslag en pijn op de borst. Uit onderzoek bleek dat

Risicofactoren[bewerken | brontekst bewerken]

De klachten schijnen eerder voor te komen bij patiënten die in de eerste week van hun SARS-CoV-2-infectie meer dan vijf ziektesymptomen hadden, bijvoorbeeld zowel hoesten als moeheid als diarree als hoofdpijn en verlies van reukvermogen en eerder bij patiënten boven de 50, bij jongere patiënten eerder bij vrouwen, bij overgewicht en bij astma.[3] Bij patiënten die lang op de intensive care lagen, duurt het herstel ook bij andere ziektes veelal lang. Bijzonder aan long covid is dat een deel van de patiënten niet een opvallend zware infectie doormaakte.

Studies[bewerken | brontekst bewerken]

Verschillende studies vonden langetermijneffecten van de infectie aan verschillende organen zoals de nieren, lever, darmen en het zenuwstelsel. Symptomen zoals een verminderde functie van longen en hart en een lage lichamelijke belastbaarheid worden veel gezien.[4] De Lancet publiceerde begin 2021 een cohort-onderzoek bij patiënten uit Wuhan waaruit bleek dat 63% van hen leden aan fatigue en/of spierzwakte en 26% aan slaapstoornissen. Bij de patiënten die ernstiger ziek waren geweest, zag men de meeste longproblemen.[5] Een Zwitsers onderzoek bij een steekproef van ruim 400 COVID-19-patiënten[6] beschrijft, dat na zes maanden nog 26% zich niet als vanouds voelt. Onder patiënten die in het ziekenhuis waren opgenomen is 39% niet volledig hersteld, net als 23% van de patiënten die de ziekte thuis doormaakten. Iets meer dan de helft heeft nog steeds fatigue, een kwart depressieve en/of angstklachten. Een kwart had minstens lichte ademhalingsproblemen.[7]

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]

  • (en) [1] The lasting misery of coronavirus long-haulers, Nature News
  • (en) [2] COVID-19 (coronavirus): Long-term effects, Mayo Clinic