Louis Bertrand

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Louis Bertrand
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Algemene informatie
Geboren Sint-Jans-Molenbeek, 1856
Overleden Schaarbeek, 1943
Nationaliteit Belg
Beroep politicus, auteur
Bekend van pionier van het Belgische socialisme
Overig
Politiek socialisme
Portaal  Portaalicoon   politiek

Louis Philippe Bertrand (Sint-Jans-Molenbeek, 15 januari 1856 - Schaarbeek, 17 juni 1943) was een Belgisch politicus en een auteur. Hij was één van de pioniers van het socialisme in België.

Levensloop[bewerken]

Bertrand was net als zijn vader marmerbewerker van beroep. Tijdens een staking werd de jonge Bertrand naar voor geschoven als secretaris van de vereniging van marmerbewerkers en steenhouwers en begon hij artikels te schrijven voor het blad van de vakvereniging. Hij werd geïnspireerd door het opkomende socialisme en sloot zich omstreeks 1875 aan bij de Eerste Internationale. Hij richtte in Brussel een Chambre du Travail op waarin hij de Brusselse arbeidersbonden verzamelde samen de voormannen en politici Paul Janson, Hector Denis, Guillaume De Greef en César De Paepe.

Samen met De Paepe, die in 1860 reeds de Association du Peuple te Brussel had opgericht, richtte Bertrand in 1877 de Parti Socialiste Brabançon op die als opvolger van de Brusselse beweging deel ging uitmaken van de Eerste Internationale. Bertrand stichtten eveneens het dagblad La voix de l'ouvrier waarin De Paepe een aantal opmerkelijke artikels over sociale vraagstukken en het socialisme in het buitenland zou schrijven.

Louis Bertrand stond in 1885 eveneens mee aan de wieg van de Belgische Werkliedenpartij (BWP). Voordien, in april 1879, waren de Vlaamsche Socialistische Arbeiderspartij van de Gentenaar Edmond Van Beveren en de Parti Socialiste Brabançon van De Paepe en Bertrand gefuseerd tot de Belgische Socialistische Arbeiderspartij die onder leiding kwam te staan van Edward Anseele. Na een congres te Brussel, dat onder leiding stond van Bertrand, volgde dan de fusie met de Waalse partijen en de oprichting van de BWP. In datzelfde jaar stichtte hij ook het socialistische dagblad Le Peuple als opvolger van La voix de l'ouvrier en Le national belge die beide ophielden te bestaan. Van 1900 tot 1907 was hij directeur van het dagblad.

Louis Bertrand maakte in 1894 deel uit van de eerste lichting volksvertegenwoordigers die voor de BWP in de Kamer van volksvertegenwoordigers kon zetelen, eerst werd hij verkozen voor het kiesarrondissement Zinnik en vanaf 1900 voor Brussel. Hij bleef in het parlement tot in 1926 en nam er ontslag op de dag van zijn 70ste verjaardag. In het parlement was hij zeer actief en diende diverse wetsvoorstellen in die verband hielden met de organisatie van de arbeid, het statuut van arbeiders en de arbeidsduur. Van 1918 tot 1926 was hij er ondervoorzitter.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was Bertrand actief in de Brusselse afdeling van het Nationaal Hulp- en Voedingskomiteit. Na de wapenstilstand van 1918 begon hij wekelijkse bijdragen te leveren voor de Vrije Tribune van het onafhankelijke dagblad Le Soir waarin hij diverse socialistische standpunten verkondigde. Ook zijn polemieken met kardinaal Mercier vonden veel weerklank.

Tussen 1895 en 1920 was hij schepen in Schaarbeek en was hij de voortrekker van de stedenbouwkundige ontwikkeling van de gemeente in het begin van de 20ste eeuw. Hij had hierbij ook aandacht voor de sociaal zwakkeren en richtte de maatschappij Schaarbeekse Haard op om te voorzien in sociale woningen. Hij stierf er op 87-jarige leeftijd en ligt begraven op de begraafplaats van Schaarbeek te Evere.

Erkenning[bewerken]

In 1918 werd Louis Bertrand benoemd tot minister van Staat. In Schaarbeek werden de laan, die de Sint-Servaaskerk met het Josaphatpark verbindt, en een tramhalte naar hem vernoemd.

Bertrand als schrijver[bewerken]

Louis Bertrand was eveneens een schrijver en was auteur van enkele tientallen werken over het socialisme. Enerzijds schreef hij werken over de ontwikkeling van het socialisme zelf maar anderzijds schreef hij ook biografieën over socialistische voormannen. Zijn voornaamste werken zijn:

  • Cinquante années de bonheur et de prospérité (1880)
  • Vingt-cinq années de domination cléricale (1884)
  • Essai sur le salaire (1885)
  • Le parti ouvrier et son programme (1886)
  • La Belgique en 1886 (1887)
  • Qu'est-ce que le socialisme? (1887)
  • Le logement de l'ouvrier et du pauvre en Belgique (1888)
  • La coopération (1890)
  • Léopold II et son règne (1890)
  • Aux élécteurs communaux (1895)
  • Histoire de la coopération en Belgique (1902)
  • Histoire de la démocratie et du socialisme en Belgique depuis 1830 (1906)
  • César De Paepe, sa vie, son œuvre (1909)
  • Schaerbeek depuis cinquante ans (1912)
  • Ernest Solvay, réformateur social (1918)
  • L'occupation allemande en Belgique 1914-1918 (1919)
  • Édouard Anseele, sa vie, son œuvre (1925)
  • Souvenirs d'un meneur socialiste (1927, 2 delen)

Literatuur[bewerken]