Louis Einthoven

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Louis Einthoven
LouisEinthoven.jpg
Algemene informatie
Geboren Soerabaja, 30 maart 1896
Overleden Lunteren, 29 mei 1979
Beroep politiecommissaris, politicus, chef BVD
Bekend van Nederlandsche Unie

Louis Einthoven (Soerabaja, 30 maart 1896Lunteren, 29 mei 1979) was een Nederlands jurist en medeoprichter van de Nederlandsche Unie. Na de oorlog kreeg Einthoven de leiding over het Bureau Nationale Veiligheid, dat in 1946 werd omgedoopt tot Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD).

Levensloop[bewerken]

Chinezen[bewerken]

Eind 1933 vestigde Einthoven zich vanuit het voormalige Nederlands-Indië in Nederland en werd op 29 december van dat jaar hoofdcommissaris van politie in Rotterdam. In de jaren 30 kreeg Einthoven een hekel aan de politiek van verzuiling in Nederland. Als politiecommissaris had hij ook een hekel aan het grote aantal Chinezen in zijn stad en hij introduceerde daarom twee categorieën Chinezen: een categorie die een economische waarde werd toegedacht en zich mochten vestigen in Nederland en een categorie "overtollige Chinezen" die geen rechten hadden en zo snel mogelijk 'terug' naar China moesten worden gestuurd. Door hem werden van de naar schatting 3000 Chinezen in Nederland er met steun van de overheid ruim 1000 het land uitgezet.

Nederlandsche Unie[bewerken]

Toen in mei 1940 de Tweede Wereldoorlog uitbrak, ontmoette hij Jan de Quay en Hans Linthorst Homan. Samen richtten ze op 24 juli 1940 de Nederlandsche Unie op. Einthoven nam al gauw de organisatie van de Nederlandsche Unie op zich en reisde het hele land door om lezingen te geven. In augustus kreeg hij als hoofdcommissaris voor onbepaalde tijd verlof voor zijn werkzaamheden voor de Nederlandsche Unie en later zou hij niet meer in die functie terugkomen.

Linthorst Homan bleek echter pro-Duits te zijn en dit stuitte Einthoven tegen de borst. Toen begin 1941 pro-Duitse artikelen in het blad De Unie verschenen was dat voor Einthoven reden om zich eind januari 1941 terug te trekken uit de leiding van de Nederlandsche Unie. In juni 1941 keerde hij weer terug. Op 14 december 1941 werd de Nederlandsche Unie door de bezetter verboden, omdat ze niet zou meewerken aan het promoten van de strijd van de Duitsers tegen de Sovjet-Unie.

Na de oorlog[bewerken]

Einthoven werd in september 1944 in kamp Sint-Michielsgestel, waar hij sedert mei 1942 verbleef, bevrijd. Hij kwam in het inmiddels bevrijde zuiden van Nederland terecht en kwam daar in contact met Prins Bernhard. In februari 1945 zocht hij contact met koningin Wilhelmina in Londen. Premier Pieter Gerbrandy wilde hem een ministerspost geven, maar hij weigerde dit. Na de oorlog kreeg Einthoven de leiding over het Bureau Nationale Veiligheid, dat in 1946 werd omgedoopt tot Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD).

Kort na de oorlog werd Einthoven door de contragespionageafdeling van de Britse Secret Intelligence Service ingelicht dat Anton van der Waals voor hen werkte in Duitsland. Van der Waals was in de oorlog actief geweest voor de Duitse Sicherheitsdienst en had een groot aantal verzetsmensen verraden. Hij was een van de meeste gezochte Nederlandse handlangers van de nazi's op dat moment, iets dat de Britten hadden onderschat. Einthoven reageerde geschrokken: "Deze man is de enemy numer one van ons allen".[1] Tegelijkertijd verbood hij zijn ondergeschikten om actief jacht te maken op Van der Waals.[1] Na verloop namen de geruchten toe dat Van der Waals voor de Britten werkte. Achter de schermen drong Einthoven wel aan bij de Britten om hem aan Nederland uit te leveren, maar hield publiekelijk zijn mond.[2]

In 1961 ging Einthoven met pensioen. Hij publiceerde in 1974 zijn herinneringen en overleed vijf jaar later op 83-jarige leeftijd te Lunteren.

Bibliografie[bewerken]

Voorganger:
A.H. Sirks
hoofdcommissaris Rotterdam
1933 - 1940
Opvolger:
J.P. Roszbach (wnd.)