Louise van Sleeswijk-Holstein-Sonderburg-Augustenburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Louise van Sleeswijk-Holstein-Sonderburg-Augustenburg

Feodora Louisa Sophie Adelheid Henriette Amalie, kortweg Louise, prinses van Sleeswijk-Holstein-Sonderburg-Augustenburg (8 april 1866 Kiel - 28 april 1952 Bad Nauheim) was, door haar huwelijk met Frederik Leopold van Pruisen (Huis Hohenzollern), prinses van Pruisen.

Zij groeide op aan het hertogelijk hof van haar vader Frederik van Sleeswijk-Holstein-Sonderburg-Augustenburg en haar moeder Adelheid van Hohenlohe-Langenburg[1]. Het was duidelijk, na de Tweede Duits-Deense oorlog, dat haar vader alle plannen voor zijn hertogdom Sleeswijk-Holstein kon opbergen. Pruisen was de nieuwe machthebber. Zij leefde met haar gevluchte familie in Gotha. Haar zus Augusta trouwde met de Duitse keizer Wilhelm II (1881).

Jachtpaviljoen van het kasteel Glienicke

In 1889 huwde Louise met prins Frederik Leopold van Pruisen. Het koppel leefde vaak op het kasteel Glienicke bij Berlijn. Louise was regelmatig hofdame van haar zus Augusta. De officiële taken van de Louise en Frederik Leopold verminderden door de financiële put van haar man en de ruzies met de Duitse keizer[2]. Het koppel kon niet meer leven op het kasteel en woonde op het jachtslot, één van de vele bijgebouwen van het domein. Op een winterdag in 1896 zakten Louise en haar hofdame door het ijs van de kasteelvijver. Keizer Wilhelm II was razend op zijn schoonbroer Frederik Leopold omwille van diens onverschilligheid voor dit ongeluk. Pruisische militairen zetten vervolgens Frederik Leopold 2 weken op kamerarrest in het kasteel Glienicke[3].

Het koppel had vier kinderen:

Zij overleefde haar man en drie van haar kinderen. Zelf stierf ze in een villa in Bad Neuheim in 1952.