Louwman Museum

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Louwman Museum
Nationaal Automobiel Museum
Voorzijde museum in 2010
Voorzijde museum in 2010
Locatie 1969-1981: Leidschendam
1981-2010: Raamsdonksveer
sinds 2010: Den Haag
Oppervlakte gebouw 10.000 m², tuin 7.000 m²
Thema historische auto's
Opgericht 1969
Gebouwd 2010 (gebouw Leidsestraatweg)
Personen
Directeur Ronald Kooyman
Huisvesting
Architect Michael Graves
Website
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Het Louwman Museum is een museum voor automobielen in Den Haag. Het Louwman Museum heeft als doel een beeld te geven van wat de automobielindustrie sinds 1887 heeft voortgebracht.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

De verzameling van ruim 275 auto's is vanaf 1934 bijeengebracht[1] door twee generaties van de familie Louwman. In 1934 werd als eerste auto van de collectie een 20 jaar oude Dodge gekocht door P.W. Louwman, toentertijd Dodge- en Chrysler-importeur en -distributeur voor Nederland. De Dodge, een type 30, is voorzien van een groot aantal accessoires.

Nationaal Automobiel Museum[bewerken | brontekst bewerken]

In 1969 werd de collectie van Geerlig Riemer, oprichter van het Instituut voor den Autohandel en het Automuseum uit Driebergen-Rijsenburg, overgenomen en toegevoegd aan de inmiddels omvangrijke collectie van de familie Louwman.[bron?] In 1969 werd de collectie in Leidschendam onder de naam Nationaal Automobiel Museum voor het eerst opengesteld voor het publiek.[bron?] In 1981 verhuisde het museum naar het terrein van de Nederlandse importeur van Lexus en Toyota, Louwman & Parqui in Raamsdonksveer. Sinds 2010 is de collectie ondergebracht in het Louwman Museum in Den Haag. Op 2 juli 2010 werd de opening verricht door koningin Beatrix.

Gebouw[bewerken | brontekst bewerken]

Leeuw op het toegangshek

De ontwerper van het museumgebouw, de Amerikaan Michael Graves, heeft ervoor gezorgd dat het museum is ingepast in de bosrijke omgeving naast Paleis Huis ten Bosch. Het museumgebouw is een in hoofdzaak rechthoekig gebouw dat qua typologie verwijst het oorspronkelijke en inmiddels afgebroken landhuis Reigersbergen.[bron?] De rode bakstenen in de gevels zijn in een speciaal weefpatroon gemetseld. De architect liet zich inspireren door de Amsterdamse School.[bron?]

Het gebouw heeft een vloeroppervlak van circa 15.000 vierkante meter en een grondoppervlak van circa 7000 vierkante meter.[bron?] De zogenaamde grote hal is 90 meter lang en 15 meter hoog, en heeft een houten, gewelfd plafond. Het gebouw bestaat uit drie verdiepingen en ruim 10.000 m² expositieruimte.

De landschapsarchitect Lodewijk Baljon heeft ervoor gezorgd dat de omgeving van het museum landschappelijk is ingekleed in het landgoed Marlot-Reigersbergen, passend bij het karakter van het landgoed.[bron?]

Collectie[bewerken | brontekst bewerken]

Alle relevante tijdsperioden in de geschiedenis van de automobiel zijn vertegenwoordigd. Antieke automobielen uit de begintijd van de automobiel (Veteranen) (tot en met 1904), de Edwardians (tot en met 1918), automobielen uit de zogenaamde Vintage periode (tot en met 1930) en Post-Vintage periode (tot en met 1946) én de naoorlogse klassiekers. Tot de collectie behoort een van de oudste overgebleven automobielen ter wereld, een De Dion-Bouton et Trépardoux uit 1887.

Er zijn 18 landen (en meer dan 100 verschillende autofabrikanten) die belangrijk zijn geweest in het ontwerp en de bouw van automobielen vertegenwoordigd. Ook Nederlandse automerken zijn vertegenwoordigd. Zo toont het museum de enige overgebleven Eysink uit 1912, een groot aantal exemplaren van het Nederlandse merk Spyker (periode 1904-1924) en een prototype DAF 600 uit 1957.

De collectie omvat Ferrari’s, Maserati’s,  Alfa Romeo’s, Bugatti's een andere beroemde sport- en racewagens. Auto’s van bekende personen zoals een Cadillac van Elvis Presley, de Aston Martin waarin James Bond reed in de film Goldfinger, de Humber van Sir Winston Churchill, de Mercedes-Benz van keizer Wilhelm II.

Er is ook een omvangrijke kunstcollectie.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]

Noten[bewerken | brontekst bewerken]

  1. Over het gebouw. Louwman Museum. Geraadpleegd op 18 juni 2020.
Zie de categorie Louwman Collection van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.