Luchtmacht van de Sovjet-Unie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Russische Luchtstrijdkrachten

Vlag van Rusland Russische Rijk

Luchtmacht (1909 tot 1917)

Vlag van Sovjet-Unie Sovjet-Unie

Rode Luchtmacht (1918 tot 1991)

Maritieme Luchtvaart (1918 tot 1991)

Luchtverdediging (1948 tot 1991)

Strategische Raketstrijdkrachten (1959 tot 1991)

Vlag van Rusland Russische Federatie

Luchtmacht (sinds 1991)

Maritieme Luchtvaart (sinds 1991)

Strategische Raketstrijdkrachten (sinds 1991)

Russische Strijdkrachten

De Luchtmacht van de Sovjet-Unie (Russisch:Военно-воздушные силы (BBC), getranslitereerd tot Vojenno-Vozdoesjnyje Sily (VVS)) was de officiële benaming van de luchtmacht van de Sovjet-Unie.

Geschiedenis[bewerken]

De VVS werd opgericht als de "Arbeiders- en Boeren-Luchtvloot" in 1918 en volgde de Russische Keizerlijke Luchtmacht op. Nadat het onder het Rode Leger was geplaatst, met de officiële aanduiding VVS in 1930, werd de invloed op vliegtuigontwerpen groter.

Na de oprichting van de Sovjet staat werden er vele pogingen gedaan om de vliegtuigproductie te moderniseren en uit te breiden. De binnenlandse vliegtuigproductie steeg significant in het begin van de jaren 1930 en aan het eind van dat decennium was het mogelijk voor de luchtmacht om de I-15 en I-16 jagers en de SB-2, SB-2 BIS en DB-3 bommenwerpers te introduceren.

Een van de eerste grote tests voor de VVS kwam in 1936 met de Spaanse Burgeroorlog, waar de nieuwste ontwerpen werden getest tegen de laatste Duitse vliegtuigen. De eerdere successen van de I-16 jager werden overschaduwd door die van de Messerschmitt Bf 109 die pas laat in de oorlog luchtoverwicht bezorgen voor de Spaanse Nationalisten.

Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog was het Russische leger nog niet in zo een staat van paraatheid dat het de oorlog zou kunnen winnen. Stalin zei in 1931 dat de Russische industrie 50 tot 100 jaar achter lag op de Westerse machten. Aan het eind van de oorlog oversteeg de Russische vliegtuigproductie die van Duitsland ruim.

In 1939 gebruikte de VVS haar bommenwerpers om Finland aan te vallen in de Winteroorlog, maar de verliezen toegedaan door het relatief kleine Finse Leger toonde de tekortkomingen binnen het Sovjet leger, mede door de Grote Zuivering van de jaren 1930.

De Sovjet-Unie kreeg weinig tijd om dit op te lossen door Operatie Barbarossa, de Duitse invasie in 1941. In de eerste dagen van de slag verloor de Sovjet-Unie ongeveer 2000 toestellen tegen 35 Duitse, waarvan er 15 niets te maken hadden met de aanval. Net als veel ander geallieerde landen tijdens WOII kreeg de Sovjet-Unie westerse vliegtuigen onder de Lend-Lease Act.

Koude Oorlog[bewerken]

Tijdens de Koude Oorlog werd de Rode Luchtmacht herbewapend, uitgebreid en werden er modernere doctrines doorgevoerd. Op de piek in de jaren 1980 kon het ongeveer 10.000 vliegtuigen in de strijd in zetten en aan het begin van de jaren 1990 had de Sovjet-Unie een luchtmacht die zo groot was dat het voldeed aan de supermachtstandaard.

Tijdens de Koude Oorlog werd de VVS verdeeld in drie segmenten: Lange Afstands Luchtvaart (DA), gespitst op de langeafstands bommenwerpers, Frontale Luchtvaart (FA), voor de operaties op en rond het slagveld, en de Militaire Transport Luchtvaart (VTA), waar alle transportvliegtuigen onder vielen. De Luchtverdedigingsstrijdkrachten (of Voyska PVO) richtte zich op de luchtverdediging en onderscheppingsvliegtuigen en was een aparte en onderscheidende organisatie binnen de Sovjet militaire organisatie.

Op 1 september 1983 schoot de VVS Korean Air-vlucht 007 neer, nadat ze dachten het toestel zich illegaal in het Sovjet luchtruim bevond en dat het een spionagevliegtuig was.

De Russische Marine heeft haar eigen onafhankelijke luchtmacht, de Aviatsiya Voenno Morskogo Flota of AV-MF.

Jager programma's van 1980[bewerken]

In de jaren 1980 bevestigde de Sovjet-Unie de ontwikkeling van de Advanced Tactical Fighter in de VS en begon aan een equivalente jager om haar positie als supermacht te kunnen waarborgen.

Er werden twee programma's opgestart, waarvan er een direct verband hield met het Amerikaanse Advanced Tactical Fighter programma, wat uiteindelijk leidde tot de F-22 Raptor en YF-23. Dit toestel kreeg de aanduiding MFI.

Als reactie op het Amerikaanse X-32/F-35 project, begonnen de Russen met het LFI-programma waaruit een jager zou moeten voortkomen die zich kon meten met de X-32/F-35 met één motor, maar zonder multi-inzetbaarheid.

Later zou Rusland de aanduiding veranderen in LFS, waardoor het toch een multi-inzetbaar toestel zou worden, met de nadruk op grondaanvallen. Tijdens de jaren 1990 werd LFS project gestaakt en ging verder met MFI, maar wel met minder geld. Recentelijk is de PAK FA gepland, als opvolger voor de Su-27 en MiG-29. Soechoj heeft in 2002 de laatste Soechoj PAK FA gewonnen.

Val van de Sovjet-Unie[bewerken]

Na de val van de Sovjet-Unie in december 1991 werd al het materieel en personeel van de Sovjet VVS verdeeld onder de nieuwe staten. Rusland kreeg het grootste gedeelte, ongeveer 40% van de vliegtuigen en 65% van de manschappen, wat de basis vormde voor de nieuwe Russische Luchtmacht.

Inventaris in 1987[bewerken]

165 strategische bommenwerpers, 
150 Tu-95 Bear
15 M-4 Bison
550 middelgrote bommenwerpers 
155 Tu-22M Backfire
260 Tu-16 Badger
135 Tu-22 Blinder
2780 jachtvliegtuigen 
490 MiG-21 Fishbed
1570 MiG-23 Flogger
105 MiG-25 Foxbat
260 Su-15 Flagon
20 Tu-128 Fiddler
20 Yak-28 Firebar
275 MiG-29 Fulcrum
30 MiG-31 Foxhound
10 Su-27 Flanker
2835 aanvalsvliegtuigen
130 MiG-21 Fishbed
830 MiG-27 Flogger
895 Su-7/Su-17 Fitter
770 Su-24 Fencer
210 Su-25 Frogfoot
50 tankers 
30 M-4 Bison
20 Tu-16 Badger
658 tactische verkenning en ECM vliegtuigen 
65 MiG-21 Fishbed
195 MiG-25 Foxbat
165 Su-17 Fitter
65 Su-24 Fencer
195 Yak-28 Brewer
260 strategische verkenning en ECM aircraft 
115 Tu-16 Badger
15 Tu-22 Blinder
4 Tu-95 Bear
102 Yak-28 Brewer
24 MiG-25 Foxbat

3050 helikopters

1500 trainers en trainingshelikopters

576 transportvliegtuigen 
55 An-22 Cock
210 An-12 Cub
310 Il-76 Candid
2935 civiele en andere transportvliegtuigen, meestal van Aeroflot die eenvoudig om te bouwen zijn.