Magere Brug

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Magere Brug
Magere Brug (2012)
Magere Brug (2012)
Algemene gegevens
Locatie Amsterdam-Centrum
Coördinaten 52° 22′ NB, 4° 54′ OL
Overspant Amstel
Monumentale status rijksmonument
Monumentnummer 518383
Brugnummer 242
Bouw
Bouwperiode circa 1691, 1871 en 1934
Gebruik
Huidig gebruik voetgangers, fietsers
Architectuur
Type dubbele ophaalbrug
Architect(en) Piet Kramer, Piet Kramer
Bijzonderheden constant gerenoveerd
meermaals gebruikt als filmdecor
Magere Brug
Magere Brug
Portaal  Portaalicoon   Verkeer & Vervoer

De Magere Brug (brug nr. 242) is een dubbele ophaalbrug in Amsterdam-Centrum.

Ligging[bewerken]

Ze is gelegen over de rivier de Amstel. Ze verbindt daarbij de kades van de Amstel ter hoogte van de Kerkstraat/Nieuwe Kerkstraat, tussen de Keizersgracht/ Nieuwe Keizersgracht en de Prinsengracht/ Nieuwe Prinsengracht. De brug is sinds 2002 een rijksmonument. Op 14 juni 2015 kreeg het een ICOMOS Water en erfgoed schildje (Water & Heritage Awareness Schild). Jaarlijks vindt op Bevrijdingsdag bij de brug een concert plaats, meestal in aanwezigheid van prinses Beatrix en koning Willem-Alexander. De brug is het decor van menig film; de bekendste is ongetwijfeld de James Bondfilm Diamonds Are Forever.

Geschiedenis[bewerken]

Er ligt hier al eeuwen een brug. Stadsarchitect Daniël Stalpaert tekende al een brug in op zijn ontwerpplattegrond van 1662, maar er was toen hier nog geen enkele bebouwing ingetekend. Jacob Bosch’ plattegrond voor de vierde uitleg (1679) liet echter weer geen brug zien, ook een schilderij van Gerrit Berckheyde uit 1685 laat geen brug zien (wel de Amstelsluizen). Frederik de Wit tekende ter plaatste wel een brug met meerdere doorvaarten in op zijn plattegrond 1688. Toen vervolgens Gerrit de Broen zijn plattegrond maakte in 1737, tekende hij een brug in met negen doorvaarten. Hij vermeldde als naam Kerk Straats ofte Magere Brug.

De eerste stevige brug op deze plek is gebouwd rond 1691 naar een ontwerp van Hans Peterom en heette toen de Kerkstraatbrug. Deze had 13 doorvaarten, waarvan de buitenste in gebruik waren als opslag. In 1871 werd deze brug vanwege bouwvalligheid gesloopt en vervangen door een brug met negen doorvaarten, vergelijkbaar met de huidige brug; het ontwerp was daarbij van Wichert Arend de Graaf van de Dienst der Publieke Werken . Vijftig jaar later was ook deze brug aan vervanging toe. Architect P.L. Kramer maakte daarom verschillende ontwerpen voor een brug van steen en staal, maar veelal basculebruggen. De Gemeenteraad besloot echter dat er een brug moest komen die zo veel mogelijk op de (toen) bestaande leek, en daarom werd de brug vanaf 1929 gesloopt. Voor voetgangers en fietsers werd een nog smallere noodbrug neergelegd. In 1934 was die nieuwe iets grotere/bredere brug gereed. Alhoewel deze brug van Kramer is ontbeert ze bijna al zijn stijlkenmerken. De brug kreeg toen stalen liggers op een betonnen paalfundering. Alle stenen uiterlijkheden werden weggewerkt achter houten betimmeringen. In 1961 moest de brug opnieuw aangepast worden, vanwege extra remmingwerk, werd de doorvaart vernauwd. In 1969 was het grenen hout deels verrot en werd vervangen door tropische hardhout. Op 7 februari 1986 werd de brug beschadigd door een aanvaring; een schip was door ijsgang uit koers geraakt. Opnieuw vonden herstelwerkzaamheden aan de brug plaats.

Tot 1994 werd de brug door de twee brugwachters met de hand geopend en gesloten; men trok aan de haalketting, en remde vervolgens de balans af. Het sluiten van de brug vereiste een zekere mate van synchronisatie, want beide brugdelen moesten tegelijkertijd tegen elkaar komen. Beide brugwachters gaven dus een duw tegen de tegengewichten. De enige manier om de snelheid van de bewegende brugdelen te regelen was op het wegdek te gaan en zo door eigen lichaamsgewicht balans te regelen. Een dergelijke werkwijze werd door de arbeidsinspectie als te gevaarlijk beoordeeld. Immers, als er bij het afremmen van de tegengewicht met de hand plotseling een windvlaag kwam, kon de hand van brugwachter verbrijzeld worden. Sluiten was ook niet zonder risico, want men moest op de neergaande brugdeel staan balanceren. Op aandringen van de arbeidsinspectie werd de brug gemechaniseerd en geautomatiseerd.

Tot 2003 reed er autoverkeer overheen; na een reparatie en herinrichting gebruiken tegenwoordig alleen fietsers en voetgangers de brug. Enkele keren per dag wordt ze opgehaald om schepen te laten passeren; de rondvaartboten kunnen eronderdoor als ze dicht is. In 2010 werd de brug opnieuw gerenoveerd, omdat ze aangetast was door houtrot.

De brug was lange tijd gedecoreerd met 1800 gloeilampjes, die 's avonds aan gingen. Begin 2011 heeft Light International deze lampen vervangen door ledlampjes.[1] Ook zijn er tegenwoordig replica's van de lantaarns van Jan van der Heyden op de brug aanwezig, de oudste straatlantaarns van Amsterdam uit de 17e eeuw.[2]

Naam[bewerken]

Voor de naam Magere Brug is een aantal theorieën in omloop. De eerste daarvan is dat de brug in de versie van voor 1871 aan de smalle kant voor het verkeer. Een andere theorie is dat juist de schippers de burg mager noemden, met dertien doorvaarten waren die aan de smalle kant. In de volksoverlevering gaat het verhaal dat de brug is aangelegd door twee zusters die aan beide kanten van de Amstel woonden. Ze waren zelf mager ofwel waren zo gierig dat ze maar een smalle brug hebben bekostigd.

Afbeeldingen[bewerken]