Maghreb

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Maghreb landen

De Maghreb (Arabisch: المغرب العربي al-Maġrib al-ʿArabī) is een aanduiding voor het noordwestelijke deel van Afrika. In enge zin behoren Marokko, Algerije, Tunesië, Mauritanië en Libië tot de Maghreb. Vroeger werd ook Spanje tijdens de islamitische overheersing hiertoe gerekend. De landen Marokko, Algerije, Tunesië, Libië en Mauritanië vormen een politieke eenheid, de Union du Maghreb arabe (Frans voor Unie van de Arabische Maghreb). In het Arabisch wordt Al-maghrib ook gebruikt als aanduiding voor enkel het land Marokko.

De letterlijke betekenis van het Arabische woord maghrib is plaats van de ondergang van de zon of westen. Binnen de islamitische wereld ligt deze regio het meest in het westen, vanuit Saoedi-Arabië gezien.

De Maghreb heeft een eigen identiteit binnen de Arabische wereld. Een van de kenmerken van de Maghreb is dat hier de Maghrebijnse dialecten van het Arabisch worden gesproken, die onderling doorgaans redelijk verstaanbaar zijn, maar die op bepaalde onderdelen, zoals grammatica, verschillen van de Arabische dialecten die bijvoorbeeld in Egypte en het Midden-Oosten worden gesproken. Wel is het vocabulaire nog grotendeels gelijk. Een ander kenmerk van de Maghreb is dat hier relatief veel Berbers leven of leefden. Verder is een groot deel van de Maghreb lange tijd onder Franse heerschappij geweest en is de invloed van de Franse cultuur hier ook groot, en van het Frans, als taal van het onderwijs, de wetenschap en overheid.

Met het grootste deel van de rest van de Arabische Wereld heeft de Maghreb onder meer gemeen, dat het Arabisch de officiële taal is, en dat de meerderheid van de bevolking islamitisch is.

Geschiedenis van de Maghreb[bewerken]

Illustratie van de Geschiedenis van Bayâd en Riyâd; Maghrebijns manuscript, 13e eeuw n.Chr.

Oorspronkelijk waren de culturen in de Maghreb Berbers van aard. Later kende de Maghreb ook invloeden uit het oosten, aanvankelijk uit het oude Egypte en ook van Fenicië. De Feniciërs stichtten diverse steden in dit gebied, waarvan Carthago verreweg de belangrijkste was. Carthago lag ongeveer op de plaats waar tegenwoordig de stad Tunis ligt. Na de Punische Oorlogen werd het hele gebied onderdeel van het Romeinse Rijk. Met de uitbreiding van de islam in de 7e eeuw werd de Arabische invloed op de Maghreb steeds groter en een groot deel van het gebied werd gearabiseerd. Later kwam het gebied in handen van het Osmaanse Rijk, met uitzondering van Marokko en Mauritanië (dat destijds onderdeel was van het Marokkaanse Sultanaat). In de 19e en 20e eeuw werd het gebied gekoloniseerd door enkele Europese landen, met name door Frankrijk, Spanje en Italië. De grenzen van de landen die deel uitmaken van de Maghreb zijn grotendeels voortgekomen uit koloniale conflicten en zijn deels gebaseerd op beslissingen die tijdens de Osmaanse invloed werden genomen door de voormalige Maghrebijnse heersers zelf.

De Maghreb onder het tweede Franse koloniale Rijk[bewerken]

Het begin van het tweede Franse koloniale rijk is 1830 toen Frankrijk Algerije binnenviel, dat in de volgende 17 jaar volledig werd overwonnen. Tijdens het bewind van Napoleon III werd getracht een soort protectoraat op te richten in Mexico, wat niet lukte. Na de Amerikaanse Burgeroorlog waren de Fransen gedwongen om het gebied te verlaten om een conflict met de Verenigde Staten te vermijden.

Pas na de Frans-Duitse Oorlog van 1870-1871 werden de meeste Franse bezittingen verkregen. De Fransen konden hun invloed in Noord-Afrika uitbreiden en richtten een protectoraat op in Tunesië (1881). Na de Conferentie van Berlijn in 1885, waarin Afrika werd onderverdeeld in koloniale gebieden, bezat Frankrijk de moderne naties Mauritanië (veroverd 1901-1912), Senegal, Guinee, Mali, Ivoorkust, Benin, Niger, Tsjaad, Centraal-Afrikaanse Republiek, Republiek Congo, en de Oost-Afrikaanse enclave Djibouti (Frans Somaliland). In 1912 werd Marokko een Frans protectoraat, Frans-Marokko geheten.

Het Franse koloniale rijk begon te scheuren tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen verschillende gebieden van het rijk werden bezet door andere landen. De Franse kolonies werden teruggegeven in 1945. Al op 8 mei 1945 braken er zeer bloedige onlusten uit in het Algerijnse Sétif en Guelma, die in 1954 escaleerden tot de Algerijnse Onafhankelijkheidsoorlog. De strijd in Algerije, Frankrijks oudste kolonie, was des te problematischer, omdat vele Franse en ook wel Spaanse kolonisten zich in het gebied hadden gevestigd. Algerije werd niet als een kolonie beschouwd, maar als Frans grondgebied aan de overkant van de Middellandse Zee, al was de 90% Arabische en Berberse bevolking uitgesloten van politieke rechten. Deze uitzichtloze oorlog leidde tot de val van de Vierde Republiek en de terugkeer van Charles de Gaulle in de politiek, die de Vijfde Republiek uitriep, met een sterke positie voor president, die hij zelf werd in 1958. Uiteindelijk schikte hij zich in het onvermijdelijke, ondanks moordaanslagen op hem en een poging tot staatsgreep door Franse kolonisten en militairen, en besloot in 1962 uiteindelijk om Algerije onafhankelijk te maken. De Europese kolonisten, de zgn. 'pieds noirs', vertrokken bijna allemaal naar het moederland.

Veel Afrikaanse kolonies, waaronder landen die deel uitmaken van de Maghreb, werden onafhankelijk rond 1960, wat in het algemeen met weinig of geen geweld gepaard ging.

Unie van de Arabische Maghreb[bewerken]

De Unie van de Arabische Maghreb bestaat uit vijf landen: Algerije, Marokko, Tunesië, Libië en Mauritanië. Op 17 februari 1989 is door deze landen als regionaal blok het verdrag tot oprichting van de Arabische Maghrebunie ondertekend.

Natuurlijke kenmerken van de Maghreb[bewerken]

De Maghreb ligt op het Noord-Afrikaanse continent, tussen de breedtegraden 15° en 37° NB, en lengtegraden 17° en 25° oost, een gebied dat bestaat uit vijf landen (Libië, Tunesië, Algerije, Marokko, Mauritanië) en de Westelijke Sahara, een gebied van 6 miljoen km² dat nog steeds in behandeling is bij de Verenigde Naties. De Maghreb wordt in het noorden door de Middellandse Zee begrensd, in het zuiden door Mali, Tsjaad, Niger en Senegal, ten oosten door Egypte en Soedan en in het westen door de Atlantische Oceaan. De Maghreb bestaat uit landschappen, waaronder vlakten, bergen, plateaus en woestijnen. De regio is onderworpen aan verschillende luchtstromen uit de Atlantische Oceaan, de Sahara en de Noordpool.

Gelijkenis tussen de bevolking van de Maghreb-landen[bewerken]

De Maghrebbevolking wordt gevormd door Algerijnen, Marokkanen, Tunesiërs, Libiërs en Mauritaniërs. De meerderheid van de bevolking is aanhanger van de islam, die in de regio verspreid werd sinds de tijd van het kalifaat van de Rashidun.

Een aantal demografische kenmerken van de Maghreb-landen (*per duizend)
Land Bevolkingsaantal per miljoen (Census 2010) Geboortecijfer * Sterftecijfer * Reproductie * Sterftecijfer onder kinderen * Jaarlijkse uitgaven Ontwikkelingsindex Globale Rang
Algerije 36.6 30 6 24 39 72.6 0.704 107
Marokko 32.7 23 6 17 39 71.1 0.646 126
Tunesië 11.5 22 7 15 21 72.9 0.749 91
Libië 6.5 28 3 25 16 72.4 0.783 61
Mauritanië 4.0 41 13 28 120 51.9 0.454 154

Cultuur[bewerken]

Religie[bewerken]

De meerderheid van de bevolking van Marokko is soennitisch moslim, volgens de leer van Imam Malik. Dit is een van de belangrijkste banden tussen de Maghreblanden. Er is weinig variatie in de religieuze identitiet, omdat de meeste moslims dezelfde leer volgen. Het feit dat de overgrote meerderheid van de bevolking moslim is, betekent dat de islam de dominante cultuur in de Maghreb is.

Taal[bewerken]

Het Arabisch is de nationale en officiële taal van alle Maghreblanden, in verschillende dialecten.

Tamazight is een officiële taal van Marokko, een van de Berbertalen die in de Maghreblanden gesproken wordt.

Het Frans is een niet-officiële taal in de Maghreblanden, die gebruikt wordt in vier landen: Marokko, Algerije, Tunesië en Mauritanië. Frans wordt daar gebruikt in verschillende maatschappelijke sectoren, zoals in het onderwijs van exacte vakken in het hoger onderwijs, in de media en in de meeste economische sectoren. In stedelijke gebieden wordt het meer gebruikt dan in rurale gebieden.

Andere talen: het Engels begint een belangrijke plaats in het economische leven in de Maghreb te nemen. In het noorden van Marokko is het Spaans aanwezigheid en Italiaans in Libië en het noordoosten van Tunesië.

Zie ook[bewerken]