Naar inhoud springen

Marcel Bosker

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Marcel Bosker
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Persoonlijke informatie
Geboortedatum 19 januari 1997
Geboorteplaats Schöftland
Geboorteland Vlag van Zwitserland Zwitserland
Nationaliteit Vlag van Nederland Nederland
Lengte 177 cm
Gewicht 74 kg
Sportieve informatie
Specialisatie(s) Allround, 5000m
Huidige ploeg Team Reggeborgh
Trainer/coach Gerard van Velde
Actieve jaren 2015-heden
Medailleoverzicht
EvenementGoudZilverBrons
WK Afstanden401
WK Allround001
EK Afstanden302
EK Allround010
Totaal (11 medailles)713
Medailles
Portaal  Portaalicoon   Schaatsen

Marcel Bosker (Schöftland, 19 januari 1997) is een in Zwitserland geboren Nederlandse langebaanschaatser, gespecialiseerd in het allroundschaatsen en de lange afstanden. Op de ploegenachtervolging is Bosker viervoudig wereldkampioen en drievoudig Europees kampioen. Ook won hij drie keer het NK Allround en werd hij bij het NK Afstanden 2026 kampioen op de 5000 meter. Sinds seizoen 2022-2023 schaatst Bosker voor Team Reggeborgh,[1] daarvoor bij Team Jumbo-Visma.[2]

Bosker is de zoon van allroundschaatsers Ronald Bosker en Henriët Bosker-van der Meer. Beiden deden in 1989 mee aan het NK Allround, waar Ronald Bosker bij de mannen als zevende eindigde en Henriët Bosker-van der Meer bij de vrouwen kampioen werd. Eind jaren 90 besloten zij naar Zwitserland te emigreren en kwamen als schaatsers vanaf seizoen 2003-2004 uit voor Zwitserland. Marcel Bosker is in Zwitserland geboren, maar verhuisde op zijn veertiende zonder zijn ouders naar Groningen om bij een gastgezin te wonen en zich te focussen op een carrière in de schaatssport.[3][4]

Schaatscarrière

[bewerken | brontekst bewerken]

In Nederland startte Bosker met schaatsen bij de IJsvereniging Groningen (YVG), maar stapte al snel over naar de Schaatsacademie Groningen om onder begeleiding van voormalig schaatser Milan Kocken te trainen.[4] Deze inspanning betaalde zich in 2012 uit toen Bosker als 15-jarige Nederlands kampioen allround bij de junioren-C werd.[5] In het daaropvolgende jaar werd hij tweede op het NK Allround Junioren-B. Seizoen 2013-2014 won Bosker het NK Allround Junioren-B en werd hij op het NK Afstanden Junioren-B de winnaar op de 1000 meter, 1500 meter en 3000 meter. Dit succes kwam echter niet vanzelfsprekend, omdat Bosker in november 2013 zijn enkel brak.[6] Op het NK Allround Junioren-A 2015 lukte het hem om als tweede te eindigen. In 2016 nam hij voor het laatst deel aan het Nederlandse kampioenschappen junioren. Hij werd dat jaar de winnaar van het allroundonderdeel, de 1000 meter en 1500 meter bij de junioren-A.

In de seizoenen 2014-2015 en 2015-2016 eindigde Bosker op het allroundonderdeel van het WK Junioren als derde. Vanaf seizoen 2016-2017 werd hij onderdeel van Team JustLease.nl onder leiding van Rutger Tijssen en eindigde hij als derde op het NK Allround 2017. Een jaar later, op 28 januari 2018, werd hij voor het eerst Nederlands kampioen allround door drie van de vier afstanden te winnen.[7] Hiermee plaatste hij zich voor het WK Allround in Amsterdam, waar hij de derde plaats behaalde op zowel de 5 kilometer als de 10 kilometer. Bosker eindigde er ook als derde in het eindklassement.

In de aanloop naar seizoen 2018-2019 voegde hij zich bij TalentNED. Bij de derde wereldbekerwedstrijd in Tomaszów won Bosker zijn eerste 10.000 meter in 13.25,27. Ook werd hij tweede op het NK Allround en reed hij samen met Sven Kramer en Douwe de Vries naar het goud op de ploegenachtervolging bij het WK Afstanden in Inzell.

Bij de start van seizoen 2019-2020 raakte Bosker geblesseerd door een ontstoken enkel en pees.[6] Toch lukte het om samen met Kramer en Patrick Roest Europees kampioen op de ploegenachtervolging te worden. Een maand later werd hij samen met Kramer en De Vries ook voor de tweede keer wereldkampioen op dit onderdeel, door met een tijd van 3.34,68 een nieuw wereldrecord neer te zetten. Bij de wereldbekerwedstrijden behaalde Bosker een zevende plek op het eindklassement van de 1500 meter, wat op dit onderdeel de beste klassering van zijn carrière werd. Seizoen 2020-2021 opende Bosker door bij het NK Afstanden 2021 op zowel de 5000 meter als 10.000 meter derde te worden. Ook werd hij dit seizoen tweede op het EK Allround en behaalde hij samen met Roest en Beau Snellink zijn derde achtereenvolgende wereldtitel op de ploegenachtervolging.

Tijdens seizoen 2021-2022 werd Bosker voor de tweede keer Nederlands kampioen allround, door op het toeirnooi zowel de 1500 meter als 5000 meter te winnen. Ook behaalde hij zijn derde achtereenvolgende Europese titel op de ploegenachtervolging. De focus lag dit seizoen echter vooral op het Olympisch kwalificatietoernooi, dat bepaalde welke schaatsers Nederland mochten vertegenwoordigen op de Olympische Winterspelen van 2022. Bosker werd op het toernooi vijfde op de 1500 meter, vierde op de 5000 meter en zevende op de 10.000 meter en wist zich aanvankelijk niet te plaatsen. Toch kreeg hij op de 1500 meter de voorkeur boven Patrick Roest, omdat de selectiecommissie Bosker koos ten behoeve van de ploegenachtervolging en het IOC als eis stelt dat een atleet ook op een individueel onderdeel moet starten. Deze beslissing van de selectiecommissie kreeg aanvankelijk veel kritiek van schaatsfans.[2] Op de Olympische Spelen werd hij uiteindelijk negende op 1500 meter en eindigde de ploegenachtervolging als vierde.

In seizoen 2022-2023 werd Bosker tweede op de 5000 meter van het NK Afstanden 2023 en behaalde hij op het WK Afstanden 2023 samen met Roest en Snellink een vierde titel op de ploegenachtervolging. Seizoen 2023-2024 werd het eerste seizoen sinds 2016-2017 waarin Bosker geen wereld- of Europees kampioen op de ploegenachtervolging werd. Waar het Noorse team naar een nieuw wereldrecord reed, was de 3:41.36 van Bosker, Chris Huizinga en Bart Hoolwerf goed voor een derde plek en meer dan zeven seconden te traag voor de winst. Als gevolg van tegenvallende resultaten op het WK Afstanden 2024 stelde bosker op het NK Allround 2024 last te hebben van mentale problemen.[8] Ondanks dat hij in het klassement tweede stond, besloot hij zich op de slotdag van het toernooi terug te trekken.[9]

Seizoen 2024-2025 behaalde Bosker weinig succes. Op het NK Afstanden 2025 kwam hij niet verder dan een achttiende plek op 1500 meter en werd hij vierde op de 5000 meter. Op het NK Allround 2025 werd hij derde, voornamelijk omdat zijn 6.19,55 op de 5000 meter ruim tekort schoot tegen concurrenten Chris Huizinga en Beau Snellink. Op de ploegenachtervolging van het WK Afstanden 2025 schaatste hij samen met Huizinga en Snellink naar het brons.[10]

Na enkele seizoenen zonder groot succes verklaarde Bosker bij aanvang van het NK Afstanden 2026 dat hij grote aanpassingen aan zijn levensstijl had gemaakt. Hij vertelde de pers dat hij met een speciale schaatshelm was gaan schaatsen, was afgevallen en in zijn trainingen meer nadruk legde op hardlopen en gravelrijden.[11][12] Deze nieuwe trainingsstijl resulteerde op het NK Afstanden in zijn eerste nationale titel op de 5000 meter. Op de 10.000 meter werd hij met slechts drie tienden verschil op winnaar Jorrit Bergsma tweede.[13] Op het Olympisch kwalificatietoernooi 2026 werd Bosker zevende op de 1500 meter en derde op zowel de 5000 meter als 10.000 meter. Ondanks dat dit niet voldoende was voor een directe plaatsing voor de Olympische Winterspelen van 2026, besloten de selectiecommissie van de KNSB en bondscoach Rintje Ritsma toch om Bosker een aanwijsplaats voor de ploegenachtervolging te geven, waarmee hij ook op de 5000 meter zou mogen starten. Deze plaats binnen de selectie ging ten koste van Tim Prins, wat tot enige commotie leidde.[14][15] Op de Olympische Spelen behaalde Bosker met een tijd van 6:17,47 de elfde plek op de 5000 meter. De ploegenachtervolging greep net naast het brons en werd vierde, maar Bosker zijn aandeel was daarin beperkt. Ondanks dat Bosker primair voor de ploegenachtervolging naar de Olympische Spelen was gegaan, werd hij tot zijn eigen verbazing alleen in de kwartfinales opgesteld.[14][16][17] Later in het seizoen behaalde Bosker op 1 maart 2026 zijn derde nationale allroundtitel, waarmee hij zich voor het WK Allround 2026 kwalificeerde.

In zijn tienerjaren werd Bosker vaak 'Zwitser' genoemd, omdat hij in Zwitserland is geboren en opgegroeid. Bosker beschikt echter niet over de Zwitserse nationaliteit en spreekt van jongs af aan vloeiend Nederlands.[4][5] Bosker is in 2024 getrouwd met schaatsster Melissa Wijfje.[18]

Persoonlijke records

[bewerken | brontekst bewerken]
AfstandTijdDatumBaan
500 meter 36,39 18 maart 2017 Vlag van Canada Calgary
1000 meter 1.09,10 16 maart 2017 Vlag van Canada Calgary
1500 meter 1.44,12 7 februari 2020 Vlag van Canada Calgary
3000 meter 3.36,33 25 november 2017 Vlag van Canada Calgary
5000 meter 6.08,90 9 maart 2019 Vlag van Verenigde Staten Salt Lake City
10.000 meter 12.43,14 2 november 2025 Vlag van Nederland Heerenveen

Voor het laatst gecontroleerd op 8 maart 2026

Nr.AfstandTijdDatumBaan
1.Achtervolging*3.34,6815 februari 2020Vlag van Verenigde Staten Salt Lake City
* samen met Sven Kramer en Douwe de Vries
Jaar NK
Afstanden
NK
Allround
EK
Allround
EK
Afstanden
WK
Afstanden
WK
Allround
Olympische Spelen
Olympische
Spelen
Wereldbeker WK
Junioren
201515e 1500mNC17
(16e, 16e, 15e, -)
23e 500m
12e 1000m
5e 1500m
4e 5000m
Brons allround
Zilver massastart
Goud achtervolging
2016DNF 1500m
14e 5000m
15e massastart
7e
(8e, 9e, 4e, 8e)
30e 500m
13e 1000m
Brons 1500m
4e 5000m
Brons allround
24e massastart
7e teamsprint
4e achtervolging
201721e 1000m
8e 1500m
6e 5000m
12e 10.000m
17e massastart
Brons
(7e, Zilver, Brons, 4e)
29e 1500m
25e 5km/10km
20185e 1500m
8e 5000m
9e 10.000m
Goud
(Zilver, Goud, Goud, Goud)
4e 1500m
Brons 5000m
Goud achtervolging
Brons
(12e, Brons, 7e, Brons)
11e 1500m
11e 5km/10km
7e achtervolging
20197e 1500m
5e 5000m
DNS 10.000m
Zilver
(5e, Zilver, Zilver, Zilver)
Goud achtervolging16e 1500m
Zilver 5km/10km
4e achtervolging
20206e 1500m
4e 5000m
DNF 10.000m
Zilver
(5e, Zilver, Zilver, Brons)
Goud achtervolgingGoud achtervolging7e 1500m
12e 5km/10km
20217e 1500m
Brons 5000m
Brons 10.000m
Zilver
(5e, Brons, Zilver, Brons)
Zilver
(7e, Brons, 4e, 4e)
Goud achtervolging13e 5km/10km
20227e 1500m
4e 5000m
4e 10.000m
35e massastart
Goud
(5e, Goud, Goud, Brons)
Goud achtervolgingNC10
(13e, 7e, 5e, -)
9e 1500m
4e achtervolging
37e 1500m
11e 5km/10km
20235e 1500m
Zilver 5000m
DQ massastart
Brons
(5e, 4e, Brons, 4e)
7e
(6e, 6e, 5e, 7e)
5e 5000m
Goud achtervolging
36e 1500m
15e 5km/10km
20249e 1500m
Brons 5000m
9e 10.000m
10e massastart
NS3
(4e, 4e, -, -)
8e 5000m
10e massastart
Brons achtervolging
15e 5000m
HF10 massastart
5e achtervolging
45e 1500m
19e 5km/10km
6e massastart
202518e 1500m
4e 5000m
Brons
(6e, 5e, Zilver, 6e)
5e
(11e, 6e, 4e, 5e)
Brons achtervolging45e 1500m
12e 5km/10km
2026Goud 5000m
Zilver 10.000m
Goud
(6e, Goud, Zilver, Brons)
NC10
(15e, 9e, 11e, -)
11e 5000m
4e achtervolging
20e 5km/10km
Zilver achtervolging
NC17 = niet gekwalificeerd voor de laatste afstand, maar wel als 17e geklasseerd in de eindrangschikking
NC10 = niet gekwalificeerd voor de laatste afstand, maar wel als 10e geklasseerd in de eindrangschikking
NS3 = niet gestart op de derde afstand
HF10 = niet gekwalificeerd voor de finale, maar wel 10e in de halve finale
DNF = niet gefinisht
DNS = niet gestart
DQ = gediskwalificeerd

Wereldbekerwedstrijden

[bewerken | brontekst bewerken]
Seizoen 1500m 5000m/10.000m Ploegenachtervolging Massastart
2016/2017 -, -, -, -, 1eB, - -, -, -, -, 1eB, -
2017/2018 14e, 14e, 5eB, 3eB, Brons, 8e -, -, -, 2eB, 8e, Brons
2018/2019 -, 2eB, 11e, 3eB, 4e, - Brons, 12e, Goud*, 9e, 4e, Zilver Zilver, Goud, -
2019/2020 8e, 14e, 7e, 5e, 6e 1eB, 4e, 12e*, -, 4eB, 7e Goud, -, -
2020/2021 2eB, 9e -, 4e
2021/2022 -, -, -, 14e, - 3eB, 7eB*, DNF, 1eB, 8e Goud, 6e, 7e
2022/2023 -, -, 10eB, -, 2eB, - 4e, 8e, 9e, -, 6e, - Zilver, -, Brons
2023/2024 -, -, -, -, 7eB, - 12e, -, -, 1eB, 13e, 10e 5e, 4e, - 13e, 11e, Goud, 8e, 18e, 11e
2024/2025 3eB, 6e, 12e*, 6e, 12e, 10e
2025/2026 14e, 8eB, 18eB*, 5eB, 2eB -, Brons, Brons
- = geen deelname
* = betreft een 10.000m
B = B-divisie
DNF = niet gefinisht