Marcial Maciel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Marcial Maciel Degollado
Fr. Marcial Maciel LC Late 2004.jpg
Priester van de Rooms-Katholieke Kerk
Wapen van een priester
Geboren 10 maart 1920
Plaats Cotija de la Paz
Overleden 30 januari 2008
Plaats Jacksonville
Wijdingen
Priester 1944
Kerkelijke loopbaan
Eerdere functies Generaal-overste van de Legionairs van Christus
Portaal  Portaalicoon   Christendom

Marcial Maciel Degollado (Cotija de la Paz, 10 maart 1920 - Jacksonville, 30 januari 2008) was een Mexicaans rooms-katholiek priester en stichter van de congregatie van de Legionairs van Christus.

Levensloop[bewerken]

Macial was afkomstig uit Michoacán en studeerde aan een seminarie in Mexico-Stad. Hij werd in 1944 priester gewijd. In 1941 richtte hij met goedkeuring van de bisschop van Cuernavaca de Legionairs van Christus op. In de jaren vijftig stichtte hij de Regnum Christi-beweging. Hij was in 1962 de oprichter van de Anáhuac-universiteit.

Seksueel leven[bewerken]

Sinds de jaren zeventig werd Maciel herhaaldelijke beschuldigd van pedofilie en hij zou bovendien verslaafd zijn aan Pethidine. De kerkelijke hiërarchie in Mexico is fel bekritiseerd geweest vanwege haar omgang met de affaire-Maciel, daar de kerkelijke autoriteiten al tientallen jaren van de beschuldigingen op de hoogte waren maar nooit actie ondernamen.

Toen Macial in 2008 stierf, gaven Legion officiëlen toe dat hij meerdere kinderen en seminaristen seksueel misbruikt had, maar erop aandrongen dat zij hier pas na zijn dood achter kwamen. Voormalige Legion leden spraken dit tegen: volgens hen was het bekend dat Macial een pedofiel was, en de misbruiken werden wel degelijk gerapporteerd, maar het Vaticaan weigerde een onderzoek in te stellen. De Mexicaanse 'charismatische' leider was erin geslaagd de hoogst geplaatste kerkelijke functionarissen voor zich te winnen, onder wie kardinaal-staatssecretaris Angelo Sodano en zelfs paus Johannes Paulus II, die hem ten voorbeeld voor de jeugd stelde.

Maciel was de focus van meerdere onderzoeken tijdens zijn leven, betreffende het misbruik van drugs (hij was o.a. opgenomen voor morfineverslaving) en ook voor het seksueel misbruik van kinderen. In 1956 werd in opdracht van paus Pius XII een onderzoek naar Maciel en zijn congregatie geopend. Na Pius' dood raakte dit onderzoek echter in de vergetelheid en kwam Maciel terug als hoofd van de congregatie.

Apostolische Visitatie[bewerken]

In 2005 trad Maciel onder druk van kardinaal Joseph Ratzinger af als hoofd van de orde en, een paar dagen voordat Johannes Paulus II stierf, kondigde Ratzinger aan dat het zijn intentie was om de "vuiligheid" van de kerk te verwijderen; velen geloven dat hij specifiek op Maciel doelde. In Mei 2006 disciplineerde Ratzinger, nu paus Benedictus XVI, hem, door hem uit te nodigen tot "een gereserveerd leven van gebed en berouw"; zonder toelichting aan het publiek of de Legionares van Christus. Het was hem vanaf dat ogenblik verboden om zijn priesterlijk ambt uit te oefenen.

Op 4 februari 2009 maakte een woordvoerder van de Legionairs bekend dat uit onderzoek was gebleken dat enkele aspecten van het leven van Maciel niet in overeenstemming waren met zijn priesterschap. Een van die aspecten betrof het feit dat Maciel een relatie had met een vrouw, met wie hij een dochter had.[1] De overste van de beweging schreef ook een brief aan de leden, waarin hij vroeg om vergiffenis voor het lijden dat Maciels handelen had veroorzaakt.[2]

In 2009 gaf paus Benedictus XVI opdracht om een apostolische visitatie uit te voeren binnen de congregatie van de Legionairs van Christus. Dit onderzoek legde de realiteit bloot: Maciel had een "machtsysteem" uitgebouwd dat was gebaseerd op zwijgen, misleiding en gehoorzaamheid en dat hem in staat stelde een geheim leven te leiden. "Zonder scrupules en authentieke zin voor godsdienst." Het rapport concludeerde dat de congregatie de hieruit voortkomende interne problemen onmogelijk alleen kon oplossen. De paus stelde het Legioen daarom onder curatele en stelde de pauselijk gedelegeerde Velasio De Paolis aan om de congregatie te leiden en een definitieve oplossing voor de problematiek te vinden.

In de loop van 2009 en 2010 werden zes van de vermoedelijke kinderen van Maciel bekend. Sommigen stelden een advocaat aan om, door middel van schadeclaims aan het adres van de Legionairs van Christus, vergoeding te krijgen voor het lijden dat ze door hun vader en zijn congregatie moesten doormaken.

In 2014 werd een nieuwe generaal-overste aangesteld: Eduardo Robles Gil Orvañanos.

Literatuur[bewerken]

  • J. Paul Lennon, Our Father Who Art in Bed (2008)
  • John Thavis, De Vaticaan-dagboeken (Uitgeverij Bert Bakker, 2013)
  • Cees Zoon, Onder de rokken van het Vaticaan (Nijgh & van Ditmar, Amsterdam, 2014)