Mare Humboldtianum

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Mare Humboldtianum.

Mare Humboldtianum (Latijn: zee van Humboldt) is een mare aan de noordoostelijke rand van de naar de Aarde toegekeerde kant van de Maan.

Beschrijving[bewerken | brontekst bewerken]

Mare Humboldtianum is een kleinere mare (273 kilometer in doorsnee). De mare ligt in een gelijknamig inslagbekken, dat veel groter is (600 km in diameter) en dateert uit het tijdperk Nectarium. Het vloedbasalt dat de mare vormt komt uit het Laat Imbrium. In het zuidoosten van de mare ligt een lichter gekleurde heuvelrug binnenin het inslagbekken. Ejecta uit de inslagkrater Bel'kovich liggen gedeeltelijk over de mare heen en de krater Bel'kovich A ligt over de zuidwestelijke rand van Bel'kovitch een deel van de mare heen.

Locatie[bewerken | brontekst bewerken]

Mare Humboldtianum bevindt zich ten oosten van Mare Frigoris, aan de noordoostelijke rand van de Maan en loopt door tot de onzichtbare kant van de Maan. Vanwege deze positie aan de rand van de Maan is de zichtbaarheid van de mare afhankelijk van de libratie, soms is de mare vanaf Aarde niet direct zichtbaar. De opvallend donkere walvlakte Endymion ten zuidwesten van Mare Humboldtianum kan als gids gebruikt worden om met behulp van een telescoop op zoek te gaan naar deze relatief moeilijk zichtbare mare.

Naamgeving[bewerken | brontekst bewerken]

De benaming Mare Humboldtianum is door Johann Heinrich von Mädler gegeven en genoemd naar de Duitse ontdekkingsreiziger Alexander von Humboldt. Eerder gaven Michael van Langren, Johannes Hevelius, en Giovanni Battista Riccioli er respectievelijk de benamingen Pappi [1], Palus Amadoca [2], en Zoroaster [3]aan.

Literatuur en maanatlassen[bewerken | brontekst bewerken]

  • T.W. Webb: Celestial Objects for Common Telescopes, Volume One: The Solar System (met beschrijvingen van telescopisch waarneembare oppervlaktedetails op de maan).
  • Tj.E. De Vries: De Maan, onze trouwe wachter.
  • A.J.M. Wanders: Op Ontdekking in het Maanland.
  • Patrick Moore: New Guide to the Moon.
  • Harold Hill: A Portfolio of Lunar Drawings.
  • Antonin Rukl: Moon, Mars and Venus (pocket-maanatlasje, de voorganger van Rukl's Atlas of the Moon).
  • Antonin Rukl: Atlas of the Moon.
  • Tony Dethier: Maanmonografieën (Vereniging Voor Sterrenkunde).
  • Ewen A. Whitaker: Mapping and Naming the Moon, a history of lunar cartography and nomenclature.
  • The Hatfield Photographic Lunar Atlas, edited by Jeremy Cook.
  • William P. Sheehan, Thomas A. Dobbins: Epic Moon, a history of lunar exploration in the age of the telescope.
  • Ben Bussey, Paul Spudis: The Clementine Atlas of the Moon, revised and updated edition.
  • Charles A. Wood, Maurice J.S. Collins: 21st Century Atlas of the Moon.

Referenties[bewerken | brontekst bewerken]

  1. Ewen A. Whitaker: Mapping and Naming the Moon, a history of lunar cartography and nomenclature, page 196
  2. Ewen A. Whitaker: Mapping and Naming the Moon, a history of lunar cartography and nomenclature, page 201
  3. Ewen A. Whitaker: Mapping and Naming the Moon, a history of lunar cartography and nomenclature, page 215