Marga Minco

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Sara Menco
Marga Minco in 1981
Marga Minco in 1981
Algemene informatie
Pseudoniem(en) Marga Minco
Geboren 31 maart 1920, Ginneken
Land Vlag van Nederland Nederland
Religie Joods
Beroep Schrijfster
Werk
Invloeden Willem Elsschot, Elio Vittorini, Katherine Mansfield
Bekende werken Het bittere kruid
Onderscheidingen Constantijn Huygens-prijs 2005
Dbnl-profiel
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Marga Minco, pseudoniem van Sara Menco (Ginneken, (Breda), 31 maart 1920) is een Nederlandse schrijfster. Haar veel vertaalde oorlogskroniek Het bittere kruid (1957) is een klassieker uit de Europese literatuur over de Tweede Wereldoorlog.[1]

Biografie[bewerken]

Jeugd[bewerken]

Sara Menco (een ambtenaar verwisselde per ongeluk de klinker waardoor Minco ontstond) werd op 31 maart 1920 geboren als derde kind van een orthodox joods gezin. Zij had een vijf jaar oudere broer en een één jaar oudere zuster. Haar grootouders kwamen uit de Achterhoek. De auteur herinnert zich haar grootvader 'als een soort kamergeleerde, altijd bezig met het bestuderen van oude Hebreeuwse geschriften. Als hij bij ons kwam logeren, moesten we niet vergeten onze gebeden te zeggen voor en na het eten en voor het naar bed gaan.'[2] Op zaterdag mochten de kinderen geen licht aansteken en niet fietsen. Minco's vader was parnas in Breda en ging elke zaterdag met een hoge hoed en zwart pak naar de synagoge, alleen op feestdagen door de rest van het gezin vergezeld.

De vrome inslag van de vader is niet overgegaan op Minco: 'De kerkdienst heeft mij nooit kunnen boeien.'[3] De kinderen voelden de orthodoxe aard van het gezin als een belemmering, omdat ze op zaterdag nergens aan mee mochten doen. Kinderen, aldus de auteur, 'willen nu eenmaal niet in een uitzonderingspositie worden geplaatst. Wij wilden zijn als iedereen.'[4] Het was aan de liberalere inslag van de moeder te danken dat de vader inzag dat een strikt orthodoxe opvoeding de kinderen zou isoleren van hun omgeving.

Gedurende haar opleiding aan de Nutsschool voor Meisjes begon Minco met schrijven. In deze jaren maakte zij kennis met het werk van Couperus, 'wiens Boeken der kleine zielen mij voor het eerst het idee gaven wat literatuur kon zijn.'[5] Ook las zij J. Slauerhoff, Hendrik Marsman en Martinus Nijhoff.

Na schooltijd werkte Minco aan een bundel verhalen, op grond waarvan zij in 1938 werd aangenomen bij de Bredasche Courant. Daar schreef zij toneel- en filmkritieken, zoals Modern Times van Charlie Chaplin en de films met Fred Astaire.

Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Van het begin af aan vormde de opkomst van het nazisme gespreksstof in het gezin. Een oom van Minco was met een Duitse vrouw getrouwd, wier familieleden al vroeg in concentratiekampen terechtkwamen: 'Wat er met de joden in Duitsland gebeurde, wisten we maar al te goed.'[6] De dag nadat Nederland capituleerde, werd Minco op last van Duits-gezinde commissarissen ontslagen bij de krant, nog voordat de Duitsers hun anti-joodse maatregelen afkondigen.

In het begin van de Tweede Wereldoorlog verbleef zij in Breda, Amersfoort en Amsterdam. Minco kreeg een lichte vorm van tbc en belandde in ziekenhuizen in Utrecht en Amersfoort. In het najaar van 1942 keerde ze terug in Amsterdam en trok zij in bij haar ouders, die door de Duitse bezetters gedwongen waren om in de Jodenbuurt te gaan wonen. Later tijdens de oorlog werden haar ouders, broer en zus gedeporteerd. Minco is de enige overlevende door aan arrestatie te ontsnappen en de rest van de oorlog onder te duiken. Minco kreeg toen ook een nieuwe naam: Marga Faes waarvan ze de voornaam later aanhield.

Sinds 1945 was Minco getrouwd met de dichter en vertaler Bert Voeten (1918-1992), die zij in 1938 bij de krant had leren kennen. In de oorlog zat zij bij hem ondergedoken. Na 1945 werkt zij aanvankelijk bij een aantal kranten en tijdschriften. In 1957 brak zij door als schrijfster. Marga Minco en Bert Voeten hebben twee dochters, Betty en de publiciste Jessica Voeten.

Werk[bewerken]

Tussen 1950 en 1954 verschenen korte verhalen van Minco in periodieken als Mandril, Haarlems Dagblad en Het Parool.[7] In 1957 verscheen Minco's eerste boek, 'de aangrijpende en onderkoeld geschreven kroniek'[8] van de jodenvervolging Het bittere kruid, waarin de (naamloze) hoofdpersoon oorlogservaringen beleeft die doen denken aan die van haarzelf. De titel van haar tweede boek, Een leeg huis heeft niet alleen betrekking op het gesloopte huis dat de hoofdpersoon aantreft wanneer zij na de bevrijding uit haar onderduik terugkeert. De titel verwijst ook naar de leegte die de ik-persoon en haar vriendin Yona in de naoorlogse jaren ervaren. Hieraan wordt bijgedragen door de afstandelijke en soms zelfs vijandige bejegening in Nederland van mensen die na de oorlog uit de kampen teruggekeerden. Dit wordt door Marga Minco ook beschreven in de verhalenbundel De andere kant.

Het boekje was meteen een succes. Eenmaal uitgebracht voor een prijs van f1,50, 'vloog het boek de winkel uit. Ik geloof dat er meteen twintigduizend zijn verkocht,' aldus de auteur.[9]

Thematiek[bewerken]

Het existentialisme legt een bijzondere beklemming op haar werk. De hoofdpersonages, vaak overlevenden van de Holocaust, ervaren hun (over)leven als zinloos. Terwijl hun geliefden worden vermoord, weten de hoofdpersonages vaak slechts door een reeks toevalligheden de oorlog te overleven. Frieda Borgstein in de novelle De val bijvoorbeeld liep tijdens de bezetting bij toeval niet in de val van de nazi's die haar man het leven kostte. In de novelle komt zij, vlak voor haar 85ste verjaardag, alsnog dodelijk ten val in een bij toeval niet afgesloten put van het energiebedrijf.

Zelf omschrijft de auteur haar thema als 'de oorlog. Of meer nog: de vereenzaming. Het gevoel alleen te staan in de wereld.'[10]

Invloeden[bewerken]

In de jaren voordat Het bittere kruid ontstond, las Minco veel Anton Tsjechov, Dorothy Parker en Katherine Mansfield. Over de laatste auteur wilde ze een boek schrijven. Toen het schrijven van Het bittere kruid na enkele weken vast dreigde te lopen, las ze de roman Bij mijn moeder op Sicilië van de Italiaanse schrijver Elio Vittorini, waarvan de 'sprankelende dialogen' inspirerend werkten.[11]

Stijl[bewerken]

Marga Minco wordt vaak geroemd om 'de uiterste soberheid en zuiverheid van haar stijl'[12], ook omschreven als 'onderkoeld.'[8] Daarentegen kenmerken de verhalen uit Meneer Frits en andere verhalen uit de vijftiger jaren (1974) zich door 'absurdistische en vaak humorvolle wendingen van een Kafka-esk kaliber.'[13]

In de loop de jaren is de auteur minder sober gaan schrijven.'Vroeger,' aldus Minco in 1980, 'wilde ik met zo weinig mogelijk woorden zo veel mogelijk zeggen. Tegenwoordig ben ik minder zuinig met woorden. (...) Mijn laatste verhalen zijn niet zo ingehouden meer.'[14]

Bibliografie[bewerken]

  • Het bittere kruid. Een kleine kroniek (1957)
  • Het adres (1957)
  • De andere kant (verhalen) (1959)
  • Tegenvoeters (met Bert Voeten) (1961)
  • Kijk 'ns in de la (1963)
  • Het huis hiernaast (1965)
  • Terugkeer (1965)
  • Een leeg huis (1966)
  • Het bittere kruid / Verhalen / Een leeg huis (1968)
  • De trapeze 6 (met Mies Bouhuys) (1968)
  • De dag dat mijn zuster trouwde (1970)
  • Meneer Frits en andere verhalen uit de vijftiger jaren (1974)
  • Je mag van geluk spreken (Bulkboek nr. 46, 1975)
  • Het adres en andere verhalen (1976)
  • Floroskoop – Maart (1979)
  • Verzamelde verhalen 1951-1981 (1982)
  • De val (1983)
  • De glazen brug (Boekenweekgeschenk 1986)
  • De glazen brug (met L. de Jong: De joodse onderduik) (budget-boek, 1988)
  • De zon is maar een zeepbel, twaalf droomverslagen (1990)
  • De verdwenen bladzij. Verhalenbundel voor kinderen (1994)
  • Nagelaten dagen (1997)
  • De schrijver. Een literaire estafette (met Harry Mulisch, Gerrit Komrij, Adriaan van Dis, Maarten 't Hart, Remco Campert, Hugo Claus, Joost Zwagerman) (2000)
  • Decemberblues (2003)
  • Storing (verhalen) (2004)
  • Een sprong in de tijd (2008) Voordracht tijdens de Nationale Dodenherdenking, Nieuwe Kerk (Amsterdam). In verband met ziekte van M. Minco, voorgelezen door haar dochter Jessica Voeten.

Prijzen[bewerken]

Externe links[bewerken]