Maria Elisabeth van Saksen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Maria Elisabeth van Saksen.

Maria Elisabeth van Saksen (Dresden, 22 november 1610 - Husum, 24 oktober 1684) was van 1630 tot 1659 hertogin van Sleeswijk-Holstein-Gottorp. Ze behoorde tot de Albertijnse tak van het huis Wettin.

Levensloop[bewerken]

Maria Elisabeth was de tweede dochter van keurvorst Johan George I van Saksen en diens tweede echtgenote Magdalena Sibylla, dochter van hertog Albrecht Frederik van Pruisen.

In 1627 werd zij verloofd met hertog Frederik III van Sleeswijk-Holstein-Gottorp en op 21 februari 1630 vond in Dresden hun huwelijk plaats. Als bruidsschat bracht Maria Elisabeth schilderijen van Lucas Cranach de Oudere in haar huwelijk, wat in die tijd ongebruikelijk was.

Na de dood van haar echtgenoot in 1659 trok ze zich in 1660 terug in haar weduwegoed, het slot van Husum. Maria Elisabeth liet het slot in vroegbarokke stijl ombouwen en liet er zich gelden als patrones van kunst en cultuur. Onder Maria Elisabeth kende de stad Husum een bloeiperiode. Ze gold eveneens als de dragende persoonlijkheid van het geestelijk-culturele leven aan haar hof: in 1664 liet zij in Sleeswijk een lutherbijbel publiceren, in 1665 gevolgd door een kerkboek. In 1676 beval zij tevens de heruitgave van het hofgezangboek van Husum.

In oktober 1684 stierf Maria Elisabeth op 73-jarige leeftijd.

Nakomelingen[bewerken]

Maria Elisabeth en haar echtgenoot Frederik III kregen zestien kinderen: