Mathieu van der Poel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Mathieu van der Poel
Van der Poel tijdens de Weversmisdagcross in 2018
Van der Poel tijdens de Weversmisdagcross in 2018
Persoonlijke informatie
Geboortedatum 19 januari 1995
Geboorteplaats Kapellen, België
Nationaliteit Vlag van Nederland Nederlandse
Lengte 182 cm
Sportieve informatie
Huidige ploeg Corendon-Circus
Discipline(s) Mountainbiken, Veldrijden, Wegwielrennen
Specialisatie(s) Cross-country, Etappekoersen, Marathon (mountainbiken)
Cyclocross (veldrijden)
Heuvelkoersen, Massasprinten (wegwielrennen)
Ploegen
2014–2015
2015–2016
2016–2017
2018–heden
BKCP-Powerplus
BKCP-Corendon
Beobank-Corendon
Corendon-Circus
Medailleoverzicht
Medailles
Portaal  Portaalicoon   Wielersport

Mathieu van der Poel (Kapellen, 19 januari 1995) is een in België geboren Nederlands veldrijder, wegwielrenner en mountainbiker.

Op 1 februari 2015 kroonde hij zich in het Tsjechische Tábor tot de jongste wereldkampioen veldrijden ooit bij de elite. Van der Poel rijdt voor de Belgische continentale wielerploeg Corendon-Circus.

Carrière[bewerken]

Veldrijden[bewerken]

Jeugd[bewerken]

Als zoon van de voormalige wielrenner Adrie van der Poel en kleinzoon van de Franse renner Raymond Poulidor zat het veldrijden bij Mathieu van der Poel en zijn broer David van der Poel als het ware in de genen. De jonge Mathieu van der Poel begon met voetballen, hij mocht zelfs even stage lopen bij Willem II en zat geregeld bij de selectie van de provincie Antwerpen, later koos hij toch voor de wielersport.

Zijn eerste seizoen bij de nieuwelingen was het veldritseizoen 2009–2010. Hij won toen al enkele lokale veldritten en was favoriet voor de Nederlandse titel. Deze wedstrijd werd begin 2010 te Heerlen beslist. Hij moest er net zijn meerdere erkennen in de 1 jaar oudere Erik Kramer, die ook titelverdediger was. Hij werd er uiteindelijk tweede op 15 seconden.

In de daaropvolgende winter van 2010–2011 leverde hij een unieke prestatie, namelijk 29 keer winst uit 29 deelnames in een veldrit. Het hoogtepunt was het behalen van de nationale titel in het Brabantse Sint-Michielsgestel.

Vanaf het veldritseizoen 2011–2012 kwam Van der Poel uit bij de junioren. Hij miste zijn debuut niet, hij won alle grote wedstrijden inclusief het Europees kampioenschap in Italië en het Nederlands kampioenschap, telkens met een grote voorsprong. Enkel de Superprestigemanche te Ruddervoorde in oktober moest hij aan Wout van Aert laten, hij eindigde er als derde. Op het einde van het seizoen had hij zich al verzekerd van de overwinning in de twee belangrijke regelmatigheidscriteriums, enkel het wereldkampioenschap was nog een doel. Hij startte logischerwijs als de grote favoriet in het Belgische Koksijde. In de eerste ronde kreeg hij echter af te rekenen met maagkrampen. Aanvankelijk leek hij dus uitgeteld voor de zege, maar in de tweede ronde sloeg hij een kleine kloof die hij kon houden en uiteindelijk bleef hij zijn concurrenten amper 8 seconden voor. Wout van Aert uit België en de Fransman Quentin Jauregui flankeerden hem op het podium.

Van der Poel tijdens de Krawatencross voor junioren in 2013

Tijdens het veldritseizoen 2012–2013 kon hij zijn dominantie van het voorgaande jaar voortzetten. Hij reed dat seizoen 30 wedstrijden en hij won ze alle 30. Hij won het EK, het NK en het WK. Tijdens dat WK trok hij al van bij de start door en liet onmiddellijk zijn concurrentie achter zich, zijn landgenoot Martijn Budding werd op bijna een minuut tweede. Net als het voorgaande jaar won hij weer de twee grote regelmatigheidscriteriums.

Vanaf het veldritseizoen 2013–2014 kwam Van der Poel uit bij de beloften. Hij wist zijn eerste wedstrijd meteen te winnen op het zware parcours in Ronse. In de daaropvolgende maanden won hij verschillende crossen, samen met Wout van Aert en Michael Vanthourenhout domineerde hij het seizoensbegin. Zijn eerste grote kampioenschap bij de beloften was het EK, lang leek hij op weg naar de zege, maar uiteindelijk moest hij toch buigen voor Michael Vanthourenhout. Door deze goede prestaties kreeg hij van BKCP-Powerplus manager Christoph Roodhooft vanaf 1 januari 2014 een 4-jarig profcontract bij het BKCP-Powerplus team. Begin januari behaalde hij de nationale beloftentitel, te Gasselte wist hij zijn broer David achter zich te houden. Voor het WK, dat twee weken later in eigen land plaatsvond, was hij ook topfavoriet. Na een gemiste start kwam hij echter nooit in de wedstrijd voor, hij eindigde uiteindelijk nipt als derde. Wel wist hij dat seizoen zowel het eindklassement van de Wereldbeker als dat van de Superprestige op zijn naam te schrijven bij de beloften.

In het seizoen 2014–2015 zou Van der Poel vaak bij de elite opduiken. Hij reed de complete Superprestige en ook een deel van de Bpost bank trofee. Enkel de Wereldbekermanches van Valkenburg, Namen en Zolder reed hij bij de beloften. Omdat hij dat jaar het WK ook bij de profs reed, verviel zijn beloftestatuut, ondanks het feit dat hij eigenlijk nog twee seizoenen recht had op dat statuut.

Als belofte bij de elite[bewerken]

Vanaf het veldritseizoen 2013–2014 reed Van der Poel bij de beloften, dit betekende dat hij ook sommige kleinere wedstrijden tussen de profs mocht afwerken. De eerste keer was dat tijdens de Scheldecross. Hij maakte er indruk door meteen tweede te worden op amper 5 seconden van Niels Albert. Enkele weken later deed hij dit opnieuw in de Grote Prijs De Ster, hier werd hij nipt geklopt in de spurt door diezelfde Albert. Op 16 februari behaalde hij in Heerlen zijn eerste zege bij de profs, door er Thijs van Amerongen en Rob Peeters te verslaan.

De winter van 2014–2015 begon voor Van der Poel tijdens de Superprestige van Gieten, en dit tussen de profs. Nadat hij een lange strijd uitvocht met landgenoot Lars van der Haar, wist hij er zijn eerste grote wedstrijd bij de elite binnen te halen. In de zware GP Mario De Clercq slaagde hij erin tweede te worden na Sven Nys. In de daaropvolgende weken presteerde Van der Poel zeer constant en stond hij verschillende malen op het podium, vooral in de Superprestige hield hij zijn kansen op eindwinst gaaf. Op zijn tweede overwinning moest hij echter wachten tot midden december. Tijdens de Scheldecross verpletterde hij de concurrentie en won. Een week later was hij ook nog eens de beste in de Grote Prijs De Ster. Ook raakte bekend dat hij het NK bij de profs zou betwisten. In Veldhoven werd Van der Poel Nederlands kampioen veldrijden, voor broer David en uittredend kampioen Lars van der Haar. Hierna besliste hij dat hij ook het WK bij de profs zou rijden.

Begin bij de elite[bewerken]

De eerste wedstrijd van Van der Poel als officiële elite, was de GP Adrie van der Poel, die hij meteen wist te winnen. Een week later won hij het WK in het Tsjechische Tábor, voor Wout van Aert en Lars van der Haar. Met zijn 20 jaar en 13 dagen is hij de jongste wereldkampioen ooit, enkele maanden jonger dan Erik De Vlaeminck, die in 1966 won.[1]

Hierna zou hij nog enkele wedstrijden winnen, waaronder zijn eerste in de Bpost bank trofee, te Lille. Dankzij zijn overwinning in Hoogstraten en zijn tweede plek in Middelkerke, won hij het eindklassement van de Superprestige. Dit met slechts 1 punt meer dan Kevin Pauwels. Dankzij zijn goede prestaties dit seizoen, werd hij verkozen tot Koning Winter.

2015–2016[bewerken]

Van der Poel tijdens het WK veldrijden in 2016

In de zomer van 2015 viel Van der Poel tijdens de vierde etappe van de Ronde van de Toekomst, hij hield er een knieblessure aan over en mistte daardoor het eerste deel van het seizoen 2015–2016.[2] Uiteindelijk maakte hij eind november zijn comeback met een derde plek in de Duinencross. Twee weken later boekte hij te Overijse zijn eerste seizoenszege. Een maand later won hij voor de tweede maal op rij het NK, ditmaal in het Overijsselse Hellendoorn. In de aanloop naar deze wedstrijd had hij ook al zeges behaald in Namen, Zolder en Diegem. Op het wereldkampioenschap eindigde Van der Poel op de vijfde plaats, op 47 seconden van winnaar Wout van Aert.

2016–2017[bewerken]

Tijdens de zomer van 2016 moest Van der Poel opnieuw geopereerd worden aan zijn knieën. Hierdoor moest hij ook de eerste wedstrijden van het seizoen 2016–2017 missen. In oktober reed hij in Gieten zijn eerste wedstrijd van het seizoen. Hij wist er, na een spannend duel met Wout van Aert, meteen te winnen. Daarna won hij ook in Meulebeke, Zonhoven en Valkenburg, vooraleer hij op het Europees kampioenschap, dat gewonnen werd door Toon Aerts, zilver behaalde. In november won Van der Poel in Asper-Gavere zijn vierde opeenvolgende Superprestigemanche. Hij kon echter geen vervolg breien aan deze reeks, doordat hij in Spa-Francorchamps tweede werd.

Eind december kwam Van der Poel tijdens de Azencross in Loenhout zwaar ten val. Even werd er gevreesd voor de rest van het seizoen, maar uiteindelijk bleek de schade toch mee te vallen. Hij hield er alleen een gekneusde nek aan over. Na een week rust, won hij op het Nederlands kampioenschap in Sint-Michielsgestel zijn derde Nederlandse titel op rij. Drie weken later moest hij op het wereldkampioenschap in het Luxemburgse Bieles, na vier lekke banden, tevreden zijn met zilver. Wout van Aert, die slechts één keer lek reed, volgde zichzelf op als wereldkampioen.

In februari behaalde Van der Poel in de slotmanche van de Superprestige in Middelkerke zijn twintigste zege van het seizoen. Dankzij deze zege won hij ook voor de tweede keer het eindklassement van de Superprestige en slaagde hij erin om zeven van de acht Superprestigemanches te winnen. Van der Poel sloot uiteindelijk zijn seizoen af met 22 zeges en werd voor de tweede keer verkozen tot Koning Winter.

2017–2018[bewerken]

In het seizoen 2017–2018, zijn eerste volledige veldritseizoen, slaagde Van der Poel erin maar liefst 32 wedstrijden te winnen. Verder stond hij 38 keer op het podium en eindigde hij in elk van zijn 39 wedstrijden bij de eerste vier. Van der Poel won voor de derde keer het eindklassement van de Superprestige, en wist voor het eerst het eindklassement van de Wereldbeker en van de DVV Verzekeringen Trofee te winnen. Hij zegevierde in zes van de acht Superprestigemanches, in zeven van de negen Wereldbekermanches en in zeven van de acht manches van de DVV Verzekeringen Trofee.

Begin november won Van der Poel in het Tsjechische Tábor het Europees kampioenschap. Hij reed er in de tweede ronde weg van zijn tegenstanders en zegevierde met 22 seconden voorsprong op landgenoot Lars van der Haar.[3] In januari werd Van der Poel in Surhuisterveen voor de vierde keer op rij Nederlands kampioen. Een maand later moest hij op het wereldkampioenschap in het Nederlandse Valkenburg echter genoegen nemen met brons. Wout van Aert werd voor de derde keer op rij wereldkampioen en Michael Vanthourenhout sleepte het zilver in de wacht. Desondanks werd Van der Poel, omwille van zijn dominantie tijdens de rest van het seizoen, opnieuw verkozen tot Koning Winter. Ook sloot hij het seizoen af als nummer één op de UCI-ranking.

Wegwielrennen[bewerken]

Jeugd[bewerken]

Tijdens de zomer van 2011 bewees Van der Poel ook een uitstekend wegrenner te zijn, hij won namelijk het nationaal kampioenschap tijdrijden bij de nieuwelingen. Hij legde het 16,8 km lange parcours te Zwartemeer af in 22 minuten en 38 seconden. Dit was 25 seconden sneller dan eerste achtervolger Tom Schaft.

In de daaropvolgende zomer van 2012 ontwikkelde hij zich door op de weg, hij won 16 keer, waaronder het eindklassement in de Ronde des Vallées, een Franse rittenwedstrijd voor junioren. Onder anderen Piotr Havik en Johan Le Bon deden hem dat voor. Hij werd ook geselecteerd voor het wereldkampioenschap wielrennen in eigen land. Op de Cauberg eindigde hij als negende in de groepssprint.

Van der Poel na het WK wielrennen voor junioren in 2013

In 2013 werd duidelijk dat hij het potentieel heeft om ook een toprenner te worden op de weg. Hij won onder andere een etappe in de Vredeskoers, het eindklassement in de Tour du Valromey en het eindklassement van de prestigieuze Trophée Centre Morbihan, waar onder anderen Lloyd Mondory, Jukka Vastaranta en Mikaël Cherel op de erelijst staan. Hij toonde zich ook de sterkste op het Nederlands kampioenschap wielrennen op de weg. In september was hij net als in 2012 de topfavoriet voor het wereldkampioenschap te Firenze. Maar door een geblokkeerde rug werd hij pas vijftigste in de tijdrit. Aan de wegrit startte hij met grote twijfels, maar hij reed in de aanvangsfase alert vooraan in het peloton. Op de laatste beklimming van de Fiesole knalde hij iedereen uit het wiel en snelde ook de Fransman Franck Bonnamour, de koploper op dat moment, voorbij. Hij hield stand in de laatste kilometers en werd voor het eerst wereldkampioen op de weg.[4]

Tijdens het zomerseizoen 2014 reed hij vaak elitewedstrijden op de weg. Een van zijn weinige beloftewedstrijden was het NK, hij had er enkel zijn broer in steun, ondanks zijn verwoede pogingen eindigde hij pas als twaalfde. Eind september reed hij ook nog het WK. Op drie rondes van het einde viel topfavoriet Stefan Küng aan, Van der Poel volgde, maar ze werden teruggepakt. Uiteindelijk werd hij tiende op 7 seconden van winnaar Sven Erik Bystrøm.

Begin bij de elite[bewerken]

Tijdens de zomer van 2014 reed Van der Poel zijn eerste wedstrijden op de weg bij de elite. Hij behaalde meteen enkele mooie resultaten, zo werd hij in mei al zevende tijdens de Omloop der Kempen en werd hij vierde in de vierde etappe van de Ronde van België. Zijn eerste profzege op de weg liet vervolgens ook niet lang op zich wachten, op 15 juni klopte hij in de spurt Paul Martens tijdens de Ronde van Limburg.[5] Hierna won hij ook nog een etappe in de Ronde van Luik, een etappe in de Ronde van de Elzas, en een rit en het eindklassement in de Baltic Chain Tour.

In 2015 maakte hij opnieuw indruk, onder andere met een zesde plaats in het eindklassement van de Baloise Belgium Tour en een etappezege in de Ronde van Luik. Het seizoen werd echter wel in mineur afgesloten, door een valpartij in de Ronde van de Toekomst, waardoor hij een deel van het volgende veldritseizoen moest missen.

Doordat Van der Poel in 2016 ook enkele mountainbikewedstrijden reed, focuste hij zich dat jaar minder op de weg. Wel wist hij begin juni Ruddervoorde Koerse op zijn naam te schrijven.

2017[bewerken]

In 2017 brak Van der Poel echt door op de weg met een overwinning in de tweede etappe van de Ronde van België. Hij nam er in de sprint van een select groepje de maat van Belgisch kampioen Philippe Gilbert en veldritrivaal Wout van Aert. Een week later won hij twee etappes en het eindklassement in de Boucles de la Mayenne. Begin augustus wist hij ook nog de semiklassieker Dwars door het Hageland te winnen.

Mountainbiken[bewerken]

Na een tegenvallende vijfde plaats op het WK veldrijden 2016 kondigde Van der Poel aan dat hij zich als mountainbiker wilde kwalificeren voor de Olympische Zomerspelen 2016 in Rio. De eerste wedstrijd die hij op een mountainbike reed, was de Afxentia Stage Race, een meerdaagse mountainbikewedstrijd die deel uitmaakt van de Cyprus Sunshine Cup. Hij verbaasde er vriend en vijand door, na een tiende plaats in de proloog, meteen de eerste etappe in lijn op zijn naam te schrijven en onder meer regerend olympisch kampioen Jaroslav Kulhavý achter zich te laten. In de daaropvolgende tweede etappe werd hij vierde en in de afsluitende derde rit bekroonde hij zijn succesvolle mountainbikedebuut met een derde plaats. Uiteindelijk belandde hij met deze resultaten op de vierde plaats in het algemeen klassement, op anderhalve minuut van eindwinnaar Fabian Giger.[6] Na een aantal mountainbikewedstrijden met wisselende resultaten, waaronder ook een overwinning in Beringen, slaagde Van der Poel er uiteindelijk evenwel niet in zich te kwalificeren voor de Olympische Zomerspelen.

Van der Poel tijdens de Wereldbeker in Albstadt in 2017

Ook in 2017 reed Van der Poel verschillende mountainbikewedstrijden. Hij startte zijn seizoen in mei met twee etappezeges en de eindzege in de BeMC. Een week later eindigde hij na een indrukwekkende inhaalrace als achtste in de eerste Wereldbekermanche in Nové Město. In de daaropvolgende manche in Albstadt moest hij enkel regerend wereld- en olympisch kampioen Nino Schurter voorlaten. Eind juni werd hij vierde op het wereldkampioenschap marathon in het Duitse Singen. Een week later moest hij opgeven in de derde manche van de Wereldbeker in Vallnord, maar in Lenzerheide maakte hij weer indruk met een tiende plaats. Doordat hij de twee laatste manches aan zich voorbij liet gaan, eindigde Van der Poel uiteindelijk als achttiende in de eindstand van de Wereldbeker.

Palmares[bewerken]

Veldrijden[bewerken]

Overwinningen[bewerken]

Seizoen Wereldbeker Superprestige DVV Trofee Regenboogtrui
WK
Europees kampioenstrui
EK
Nederlandse kampioenstrui
NK
Overige Totaal
aantal
zeges
2013–2014 NVT NVT NVT Heerlen 1
2014–2015 Hoogerheide Gieten, Diegem, Hoogstraten, Eindklassement Lille Goud NVT Goud Antwerpen, Sint-Niklaas, Leuven, Heerlen, Masters Waregem 12
2015–2016 Namen, Heusden-Zolder, Lignières-en-Berry, Hoogerheide Diegem, Hoogstraten, Middelkerke 5e DNS Goud Overijse, Otegem, Zonnebeke 11
2016–2017 Valkenburg, Zeven, Namen Gieten, Zonhoven, Ruddervoorde, Asper-Gavere, Diegem, Hoogstraten, Middelkerke, Eindklassement Hamme, Antwerpen, Lille Zilver Zilver Goud Meulebeke, Rosmalen, Overijse, Mol, Otegem, Maldegem, Hulst, Leuven 22
2017–2018 Iowa, Waterloo, Koksijde, Bogense, Heusden-Zolder, Nommay, Hoogerheide, Eindklassement Gieten, Zonhoven, Ruddervoorde, Diegem, Hoogstraten, Middelkerke, Eindklassement Oudenaarde, Hamme, Essen, Antwerpen, Loenhout, Baal, Lille, Eindklassement Brons Goud Goud Eeklo, Waterloo, Meulebeke, Kruibeke, Rosmalen, Overijse, Otegem, Hulst, Masters Waregem, Oostmalle 32
Totaal 15 19 11 1 1 4 27 78

Erelijst[bewerken]

Seizoen Wereldbeker Superprestige DVV Trofee UCI WK EK NK Aantal zeges Aantal podia
2013–2014 NVT NVT NVT 8e NVT NVT NVT 1 3
2014–2015 25e Goud 10e 4e Goud NVT Goud 12 19
2015–2016 5e 8e 16e Zilver 5e DNS Goud 11 14
2016–2017 8e Goud 11e Zilver Zilver Zilver Goud 22 28
2017–2018 Goud Goud Goud Goud Brons Goud Goud 32 38
Totaal 1 3 1 1 1 1 4 78 102

Jeugd[bewerken]

Wegwielrennen[bewerken]

Overwinningen[bewerken]

2014 - 5 zeges

2015 - 1 zege

2016 - 1 zege

  • Ruddervoorde Koerse (geen UCI-zege)

2017 - 5 zeges

2018 - 3 zeges

Totaal: 15 zeges (waarvan 12 individuele UCI-zeges)

Jeugd[bewerken]

Mountainbiken[bewerken]

Overwinningen[bewerken]

Seizoen Wereldbeker
XCO
Regenboogtrui
WK
XCM
Europees kampioenstrui
EK
XCO
Overige Totaal
aantal
zeges
2016 DNS DNF 1e etappe Afxentia Stage Race, Beringen 2
2017 4e DNS 1e en 2e etappe BeMC, Jersey yellow.svg Eindklassement BeMC 3
2018 Grand-Halleux, 1e, 2e en 3e etappe La Rioja Bike Race, Jersey black.svg Eindklassement La Rioja Bike Race, Albstadt 6
Totaal 0 0 0 11 11

Erelijst[bewerken]

Seizoen Wereldbeker
XCO
UCI
XCO
WK
XCM
EK
XCO
Aantal zeges Aantal podia
2016 58e 140e DNS DNF 2 3
2017 18e 49e 4e DNS 3 5
2018 6 9
Totaal 0 0 0 0 11 17

Ploegen[bewerken]

Onderscheidingen[bewerken]

Voorganger:
Vlag van Tsjechië Zdeněk Štybar
2014
Regenboogtrui Wereldkampioen veldrijden Regenboogtrui
Vlag van Nederland Mathieu van der Poel
2015
Opvolger:
Vlag van België Wout van Aert
2016
Voorganger:
Vlag van België Toon Aerts
2016
Europese kampioenstrui Europees kampioen veldrijden Europese kampioenstrui
Vlag van Nederland Mathieu van der Poel
2017
Voorganger:
Lars van der Haar
2014
Nederlandse kampioenstrui Nederlands kampioen veldrijden Nederlandse kampioenstrui
Mathieu van der Poel
2015, 2016, 2017, 2018