Maurice Bourgue

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Maurice Bourgue (1939) is een Frans hoboïst, kamermusicus, componist en dirigent.

Opleiding[bewerken]

Maurice Bourgue studeerde aan het Conservatoire National de Musique de Paris, hobo bij Étienne Baudo en kamermuziek bij Fernand Oubradous. Hij behaalde een eerste prijs voor hobo in 1958 en voor kamermuziek in 1959. Hij is een exponent van de Franse hoboschool.

Prijzen en onderscheidingen[bewerken]

Bourgue behaalde diverse eerste prijzen op internationale concoursen in Genève (1963), Birmingham (1965), München (1967), Praag (1968) en Boedapest (1970).

Activiteiten[bewerken]

Maurice Bourgue werd benoemd tot solo-hoboïst van het Orchestre de Paris in 1967 door Charles Munch, welke positie hij zou houden tot 1979.

Hij ontwikkelt zich daarnaast tot solist, onder leiding van dirigenten als Claudio Abbado, Daniel Barenboim, Riccardo Chailly en John Eliot Gardiner. Verder is hij actief als dirigent, in Frankrijk en daarbuiten.

Vanaf 1972 besteedt hij veel tijd aan kamermuziek, met name aan het door hem opgerichte blaasoctet dat ook zijn naam draagt en dat bestaat uit leden van het Orchestre de Paris. Met dit ensemble maakt hij diverse opnames.

Als muzikaal directeur van de Académie Internationale de Musique de Chambre "Sándor Végh" ontplooit Bourgue pedagogische activiteiten, met name aan de conservatoria van Parijs en Genève, naast de masterclasses die hij geeft in Boedapest, Londen, Lausanne, Moskou, Oslo, Jeruzalem en Kioto. Hij geldt als een van de belangrijkste pedagogen en mag een groot aantal belangrijke hoboïsten tot zijn studenten rekenen, zoals François Leleux, Albrecht Mayer, Douglas Boyd en Alexei Ogrintchouk.

Hij vertolkte werken van Berio en Dutilleux (Les Citations, 1991). Bourgue maakte een groot aantal opnames. Hij is naast Heinz Holliger de meest invloedrijke hoboïst van zijn generatie.

Bourgue is getrouwd met de pianiste Colette Kling.