Mechanisch evenwicht

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
A stabiel evenwicht,
B metastabiel evenwicht,
C labiel evenwicht.
D indifferent evenwicht.

Voor puntmassa's worden verschillende soorten mechanisch evenwicht onderkend:

  • Als het balletje onder A: stabiel evenwicht. Een verstoring van buitenaf (een duwtje) kan het balletje opzij laten rollen, maar het zal zelf weer terugrollen naar positie A.
  • Als het balletje onder B: metastabiel evenwicht. Bij een klein duwtje kan het balletje opzij rollen en het balletje komt dan vanzelf weer terug bij B. Een wat grotere duw kan het balletje over de rand heen laten rollen, waardoor het in de stabiele situatie A terechtkomt.
  • Als het balletje onder C: labiel evenwicht. Elk duwtje, hoe klein ook, zal het balletje weg doen rollen. Het komt niet meer terug bij C.
  • Het balletje onder D: indifferent evenwicht. Het maakt niet uit waar het balletje zich bevindt; waar je het ook neerlegt, het zal blijven liggen. Elke positie is een evenwichtspositie.

Lichaam[bewerken]

In de statica wordt gesproken van statisch evenwicht. Voor het in evenwicht zijn van een constructie moet op basis van de wetten van Newton voldaan worden aan de volgende vergelijkingen (bij tweedimensionale problemen);

  • de som van de krachten op de constructie is gelijk aan nul, dit vertaalt zich als;
    • de som van de horizontale krachten is nul; Σ Fx = 0: Waarin de x-richting horizontaal is.
    • de som van de verticale krachten is nul; Σ Fy = 0: Waarin de y-richting verticaal is.
  • de som van de momenten op de constructie is gelijk aan nul; Σ M = 0: