Missionaris

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Pater Damiaan met melaatsen op het eiland Molokai (ca. 1870)

Een missionaris is een geestelijke (missiepater) of religieus (missiezuster of missiebroeder), die naar andere volkeren trekt om die tot zijn of haar godsdienst te bekeren (traditionele vorm), ofwel om zich als gelovige dienstbaar te maken aan de plaatselijke cultuur (moderne vorm). Missionarissen zijn vooral binnen het christendom bekend. Bij andere religies is de bekeringsdrang minder aanwezig of uit zich op andere wijzen (zie onder andere jihad).

De woorden missionaris en missie zijn afgeleid van het Latijnse woord missio, dat uitzending betekent. De plek waar een of meer missionarissen of missiezusters zijn gestationeerd wordt, is een missiepost. De studie van de verkondiging van het christelijk geloof aan niet-christenen is missiologie of missiewetenschap.

De term wordt veelal gebruikt in het kader van de rooms-katholieke geloofsverkondiging, maar ook bij religies als de islam of het boeddhisme. In het protestantisme wordt voornamelijk van zendeling gesproken, een term die alleen in het Nederlands voorkomt; in andere talen wordt het equivalent van 'missionaris' voor alle kerkgenootschappen gebruikt.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Bij de kerstening van het gebied van het latere Nederland en België zijn talloze missionarissen betrokken geweest, die in die context ook geloofsverkondigers genoemd worden. De meesten zijn later heilig verklaard. De bekendste geloofsverkondigers in de Nederlanden zijn: Servaas, Amandus, Willibrord, Bonifatius, Liudger, Lebuïnus en Odulphus.

Een tweede golf van missionarissen trok Europa uit in het kielzog van ontdekkingsreizigers, richting de 'Nieuwe Wereld'. Vooral in de negentiende en vroege twintigste eeuw waren talloze missiecongregaties actief, met name in Zuid-Amerika, Afrika en Azië. Deze golf zwakte in de tweede helft van de twintigste eeuw af, onder meer door de secularisering in Europa en de dekolonisatie.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]