Moe Berg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Moe Berg
MoeBergGoudeycard.jpg
Persoonlijke informatie
Volledige naam Morris Berg
Geboortedatum 2 maart 1902
Geboorteplaats New York (stad), Verenigde Staten van Amerika
Gooit R
Slaat R
Clubinformatie
Positie achtervanger
Portaal  Portaalicoon   Sport

Morris "Moe" Berg (New York, 2 maart 1902 - Belleville, 29 mei 1972) was een Amerikaanse honkballer en honkbalcoach in de Major League.[1] Berg had een lange sportloopbaan waarin hij vijftien seizoenen voor vijf verschillende clubs uitkwam als catcher. Tijdens zijn honkballoopbaan studeerde hij af en werkte ook korte tijd als advocaat en jurist. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij werkzaam voor de Amerikaanse geheime dienst, de Office of Strategic Services als geheim agent die in Europa op oorlogsmissie ging.[2]

Jeugd en opleiding[bewerken]

Berg werd geboren in Manhattan in New York. Zijn beide ouders, Bernhard Berg en Rose Tasjker, waren Russisch-Joodse immigranten. Zijn vader was eerst overgekomen vanuit de Oekraïne en ging werken in een wasserette. Na twee jaar had hij genoeg gespaard om zijn verloofde te laten overkomen. Ze begonnen een eigen wasserette. Naast zijn werk volgde Bergs vader een avondstudie farmacie aan het Columbia College of Pharmacy. Het echtpaar kreeg drie kinderen, Samuel, Ethel en Moe. Berg's vader had toen een eigen zaak als apotheker in Newark. Als kind speelde Berg voor het eerst honkbal in het team van de Roseville Episcopal Church. Het gezin was inmiddels naar Roseville verhuisd. Omdat hij Joods was nam hij een andere naam aan op de line-up, Runt Wolfe. Berg behaalde zijn high schooldiploma aan de Barringer High School en speelde daar derde honkman in het schoolhonkbalteam. Omdat hij goed kon leren behaalde hij vroegtijdig zijn diploma en ging met zestien jaar oud studeren aan de New York University maar switchte na een jaar naar de Princeton University. Hier studeerde hij Klassieke talen, Frans, Spaans en Italiaans. Ook volgde hij vakken Duits en Sanskriet. Op Princeton werd hij geselecteerd voor het honkbalteam waar hij drie jaar voor zou uitkomen als korte stop. Het derde jaar was hij tevens de aanvoerder van het team. In 1923 studeerde hij af.

Honkballoopbaan[bewerken]

Ebbets Field, stadion Brooklyn Dodgers
Comiskey Park, stadion Chicago White Sox
Griffith Stadium, stadion Washington Senators
Fenway Park, stadion Boston Red Sox

Vlak na zijn afstuderen tekende Berg een profcontract bij de Brooklyn Dodgers die toentertijd uitkwamen in de National League. Hij wilde echter ook verder studeren en de wens van zijn ouders vervullen om een loopbaan als jurist en advocaat te krijgen. Hij schreef zich in bij de Columbia Law School en studeerde daar naast zijn honkballen in 1930 af als jurist en advocaat. In 1923 was hij begonnen als korte stop bij de Dodgers, die speelden in het Ebbets Field Stadion, maar door zijn slechte resultaten als slagman werd hij na een jaar ontslagen. In 1924 speelde hij derde honkman en korte stop voor Minneapolis en Toledo in de American Association op een lager niveau en werkte aan zijn slagkracht. Een jaar later speelde hij voor Reading in de International League en zijn slaggemiddelde was toen .311 waardoor hij een terugkeer in de Major League kreeg aangeboden door de Chicago White Sox. Hier zou hij uiteindelijk in 1927 gaan catchen in hun stadion, Comiskey Park.

Toen in een wedstrijd beide catchers geblesseerd bleken en de reservecatcher een ernstige handblessure opliep tijdens het catchen vroeg de coach aan de dug out of een van de aanwezige spelers kon catchen. Berg nam de handschoen op en bleek een goede catcher te zijn, vooral omdat hij een sterke werparm bezat waardoor hij stelende honklopers makkelijk uit kon gooien. Sinds dat moment bleef hij catchen en speelde vele jaren op het hoogste niveau honkbal voor de White Sox, de Cleveland Indians, de Washington Senators en de Boston Red Sox tot 1939 toen hij afscheid nam als actieve speler. Zijn sterke defensieve vaardigheden als catcher en intelligentie om de juiste ballen te vragen aan zijn pitchers en kennis van de slagmannen van de tegenstanders zorgden ervoor dat dit zijn matige slagprestaties compenseerde en hij een lange loopbaan als honkballer had. In 1940 en 1941 was Berg nog werkzaam als coach voor de Boston Red Sox. In dat laatste jaar publiceerde hij in het tijdschrift "The Atlantic Monthly" het essay "Pitchers and Catchers". Het uitgebreide artikel wordt door veel honkbalkenners nog steeds beschouwd als een van de beste stukken die geschreven zijn over de strategie van het honkbal en de rol die een goede samenwerking tussen pitcher en catcher daarin spelen.[3]

Werkzaamheden in de oorlog[bewerken]

In 1934 bezocht Berg Japan met enkele andere Amerikaanse honkballers uit de Major League in het kader van een uitwisselingsvriendschapsprogramma van de Japanse en Amerikaanse regering. Hij maakte deel uit van een American League all-star team waarin onder meer ook Babe Ruth en Lou Gehrig deel van uit maakten. Ze speelden een aantal wedstrijden tegen Japanse teams en Berg werd een idool onder de fans vooral ook omdat hij japans sprak en veel wist over hun cultuur. Wat de Japanners echter niet wisten was dat hij ook foto's en filmopnames maakte van Tokio waaronder opnames van scheepswerven, industriële complexen en militaire installaties vanaf het dak van een ziekenhuis. Die foto's zouden later gebruikt worden door het Amerikaanse leger tijdens de tweede wereldoorlog om te bekijken wat de beste plekken waren voor bombardementen. In 1943 kwam Berg in dienst van de voorloper van de CIA, de Amerikaanse geheime dienst Office of Strategic Services (OSS) gezien zijn enorme talenkennis en kennis van Japan. Daarvoor was hij in dienst van de Amerikaanse regering op werkbezoek geweest in Zuid Amerika om de landen daar te bewegen samen met de Verenigde Staten zich te verenigen tegen de Japanse en Duitse vijand.

In 1943 ging hij op missie en werd met een parachute gedropt in Joegoslavië om te bekijken hoe de machtsverhoudingen daar lagen. Het verzet kwam vanuit twee kampen, dat van de officiële regering onder leiding van de koning Petar en dat van de communistische partizanen onder leiding van Josip Tito. Nadat hij mensen uit beide kampen had gesproken kwam hij tot de conclusie dat Tito de beste troepen had én de steun van de bevolking en adviseerde de Amerikaanse regering hem te steunen. Dit leidde er toe dat de Amerikanen Tito gingen voorzien van wapens en ammunitie in de oorlog tegen de Duitsers.

Een half jaar later werd Berg weer naar Europa uitgezonden met een vervalst paspoort zodat hij zich kon voordoen als Duits zakenman in Zwitserland. Zijn opdracht was om uit te vinden of de atoomgeleerde Werner Heisenberg nabij het maken van een atoomwapen was gekomen. Hij volgde colleges van Heisenberg en sprak met wetenschappers rondom hem en met Heisenberg zelf. Hij deed zich in de gesprekken voor als student uit Duitsland. Omdat hij met Heisenberg en de anderen in het Duits kon converseren viel hij niet door de mand. Hij had een wapen meegekregen om indien Heisenberg inderdaad bezig was met het vervaardigen van een atoombom deze dood te schieten en een cyanidecapsule om indien nodig zelfmoord te kunnen plegen. Zijn onderzoek leidde er echter toe dat hij kon terugrapporteren dat de Duitsers verre verwijderd waren van het kunnen maken van een bom en hij besloot niet over te gaan tot de liquidatie. Heisenberg had hem in een gesprek tijdens een diner na een van de lezingen verteld dat Duitsland ver achter lag bij de Amerikanen als het ging om het ontwikkelen van een kernwapen en dat de proeven enkel tot doel hadden om te begrijpen hoe nucleaire energie was op te wekken en te kanaliseren. Berg stuurde hierna een telegram aan het hoofdkwartier van de OSS te Washington en een van de generaals gaf het nieuws door aan de president. Die zei "Laten we hopen dat Heisenberg gelijk heeft en geef mijn groeten aan de catcher."

Na de oorlog[bewerken]

CIA Headquarters. In het museum in het gebouw hangt de afbeelding van het honkbalplaatje waarop Berg staat afgebeeld

In 1946 werd Berg benaderd door zowel de Chicago White Sox als de Boston Red Sox om daar coach te worden maar hij sloeg beide aanbiedingen af. Wel bleef hij werken voor de CIA. In 1952 werd hij naar Europa gezonden om zijn oude contacten uit de oorlog te benaderen om informatie te achterhalen over de progressie van de Russen bij het ontwikkelen van de atoombom. Hij bleef in dienst van de CIA tot 1954 toen zijn vaste arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd verliep en de CIA koos dit niet te verlengen omdat de resultaten die hij behaalde niet waren waarop men had gehoopt.

In de twintig jaar erna had Berg geen vaste werkzaamheden op wat losse klussen voor de CIA na en leefde van de generositeit van zijn vrienden waar hij vaak logeerde en die hij met zijn charmante sociale vaardigheden en kleurrijke verhalen uit zijn honkbaltijd en tijd als geheim agent wist te vermaken. Zeventien jaar lang woonde hij in bij zijn broer totdat deze uiteindelijk het zat was. Berg woonde de laatste jaren van zijn leven in bij zijn zuster.

Overlijden en nalatenschap[bewerken]

Medal of Freedom

Beg overleed op 29 mei 1972 op zeventigjarige leeftijd in het ziekenhuis in Belleville in New Jersey. Hij was thuis van de trap gevallen en was opgenomen in het ziekenhuis waar hij uiteindelijk bezweek aan de opgelopen inwendige verwondingen. Een van de verpleegkundigen herinnerde zich zijn laatste woorden op zijn sterfbed toen hij haar vroeg "Hoe hebben de New York Mets vandaag gespeeld?"[4]. Na de crematie werden de asresten volgens zijn wens verstrooid over de Mount Scopus in Israel.

Vlak na de oorlog op 10 oktober 1945 werd Berg de Medal of Freedom aangeboden maar hij weigerde deze te ontvangen. Pas na zijn dood in 1972 accepteerde zijn zuster hem namens hem. In 1996 werd Berg opgenomen in de National Jewish Sports Hall of Fame[5]. In 1994 kwam de zeer complete en gelauwerde biografie over zijn leven uit onder de titel The Catcher Was a Spy: The Mysterious Life of Moe Berg. geschreven door Nicholas Dawidoff.

In 2018 zal er een documentaire uitkomen over het leven van Berg geregisseerd door Aviva Kempner.[6]