Mossad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Mossad
המוסד
המוסד למודיעין ולתפקידים מיוחדים
Ha-Mossad le-Modiin ule-Tafkidim Meyuhadim
Mossad
Geschiedenis
Opgericht 13 december 1949
Structuur
Directeur Yossi Cohen
Werkgebied Staatsveiligheid
Plaats Vlag van Israël Israël
Hoofdkantoor Tel Aviv
Type geheime dienst
Aantal werknemers 7000
Media
Website www.mossad.gov.il

De Mossad, verkorte naam van: Hebreeuws: המוסד למודיעין ולתפקידים מיוחדים - Ha-Mossad le-Modiin ule-Tafkidim Meyuhadim (Geluidsfragment uitspraak (info / uitleg)), Instituut voor Informatie-inwinning en Speciale Taken, is een van de drie organisaties binnen de Israëlische geheime dienst, naast de Aman (de geheime dienst van het Israëlisch defensieleger IDF) en de binnenlandse veiligheidsdienst Sjabak, ook wel bekend als Sjien Beet. In 2018 telde de Mossad zo'n 7000 medewerkers verdeeld over acht afdelingen. Het hoofdkantoor is gevestigd ten noorden van Tel Aviv. De Mossad werd opgericht op 13 december 1949 door de toenmalige Israëlische premier David Ben-Gurion.

De Mossad dient niet verward te worden met de Mossad Le'Aliyah Bet, die van 1939 tot 1948 illegale immigraties naar Palestina organiseerde.

Organisatie[bewerken | brontekst bewerken]

Bevoegdheden[bewerken | brontekst bewerken]

De Mossad heeft als voornaamste taak voor de veiligheid van de staat te zorgen door het inwinnen van informatie die hiervoor van belang is en door zelf acties te ondernemen tegen terrorisme en andere bedreigingen voor de staat. Daarbij behoren ook ontvoeringen en liquidaties tot de mogelijkheden.

Een andere taak die de dienst heeft, is ervoor te zorgen dat vluchtelingen uit bepaalde landen die in Israël hun toevlucht willen zoeken hierbij worden geholpen. Een voorbeeld hiervan was een operatie waarbij de Mossad in Soedan een duikresort voor toeristen had opgezet, dat als dekmantel fungeerde om joden naar Israël te laten ontkomen.

Directeuren[bewerken | brontekst bewerken]

Premier Benjamin Netanyahu had geen gemakkelijke relatie met Meir Dagan en Tamir Pardo. Met directeur Yossi Cohen was de verhouding goed, critici vonden hem te weinig onafhankelijk. Zo trad Cohen op als persoonlijk gezant van de premier en werd onderzocht of hij giften aannam van de Australische miljardair James Packer, die ook betrokken zou zijn bij corruptie waar Netanyahu van werd beschuldigd (de zogeheten "Case 1000").[1]

Budget[bewerken | brontekst bewerken]

Het totale budget voor de Israëlische geheime diensten (Mossad en Sjabak) bedroeg 10 miljard shekel in 2019 oftewel 2,73 miljard US dollar. De relatief sterke stijging ten opzichte van de 2,38 miljard voor 2018 kwam grotendeels ten goede aan de Mossad, die daarmee een inhaalslag maakte op de voorheen veel grotere Sjabak.[1]

Het totale jaarbudget voor de Israëlische geheime diensten Mossad en Sjabak[1]
2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
Miljard US dollar: 1,37 1,44 1,53 1,55 1,66 1,82 2,10 1,98 2,13 2,15 2,38 2,75

Operaties[bewerken | brontekst bewerken]

De Mossad heeft vele spraakmakende acties op zijn naam staan. Voorbeelden daarvan zijn:

  • 1960: de arrestatie en ontvoering van Adolf Eichmann in Argentinië.
  • 1973: de liquidatie van 3 leiders van Zwarte September op 10 april in Beiroet.
  • 1976: Operatie Entebbe, de succesvolle bliksemaanval van het Israëlische leger om de passagiers van een gekaapt vliegtuig te bevrijden op de luchthaven van Entebbe (Oeganda).
  • 1981: het bombarderen van de Iraakse kernreactor Osirak (Operatie Babylon of Operatie Opera).
  • 1986: het uit Rome naar Israël ontvoeren van de Israëlische Mordechai Vanunu, die - uit gewetensbezwaren - uit de school had geklapt over Israëls kernwapenprogramma, waarvan hij als medewerker kennis had kunnen nemen. Verleid door een Mossad-agente was hij met haar uit het Verenigd Koninkrijk naar Rome gereisd.[2]
  • 1997: mislukte aanslag op een Hamasleider in Amman [3].

Er wordt geschat dat de Mossad en de andere Israëlische geheime diensten sinds 1948 in totaal ca. 2700 operaties hebben uitgevoerd om vijanden te liquideren, maar deze waren lang niet allemaal succesvol. Na de reeks zelfmoordaanslagen door aanhangers van Hamas rond het jaar 2000, nam het aantal liquidatieoperaties vanuit Israël sterk toe. De Mossad gaat vaak te werk via twee aanvallers die de tegenstander vanaf een motorfiets neerschieten. De Israëlische regering ziet liquidaties als een middel voor als er geen andere opties meer zijn, maar een nadeel kan zijn dat politici hierdoor denken dat alle problemen op dergelijke wijze kunnen worden opgelost.[4]

Fouten bij operaties[bewerken | brontekst bewerken]

Er zijn echter ook fouten door de Mossad gemaakt, zoals het doden van een onschuldige Arabische ober op 21 juli 1973 in Lillehammer. De man werd verward met Ali Hassan Salameh, een van de leiders van de Zwarte September. Deze moord werd later bekend onder de naam Lillehammer-affaire. Er worden echter ook serieuze vraagtekens geplaatst bij het zogenaamde blunderkarakter van de aanslag.[5]

In 2010 werd Mahmoud al-Mabhouh van Hamas door middel van een injectie met gif vermoord in een hotel in Dubai, wat opzienbarend was aangezien de vluchtende daders door beveiligingscamera's werden vastgelegd. Sindsdien zou de Mossad veel moeite steken in het ontwijken van cameratoezicht. De politie van Dubai toonde later de valse paspoorten die de daders hadden gebruikt, wat niet alleen ontluisterend was voor de landen waarvan die paspoorten afkomstig waren, maar waardoor waarschijnlijk ook de identiteit van de betrokken Mossad-agenten onthuld werd.[1]

In 2012 kwam een rapport boven water in verband met de Bloedbaden in Sabra en Shatila. De Mossad had invloed uitgeoefend op militaire inlichtingendienst met Libanese bondgenoten in Beiroet om "de stad te zuiveren van terroristen".

Nieuwe methodes[bewerken | brontekst bewerken]

Directeur Tamir Pardo (2011-2016) stond bekend als erg terughoudend als het ging om het uitvoeren van buitenlandse operaties. Daar kwam verandering in met het aantreden van de huidige directeur Yossi Cohen in januari 2016. Onder zijn leiding werd de dienst wat avontuurlijker en werden, met gebruikmaking van nieuwe methodes, weer meer operaties uitgevoerd. Vanwege moderne biometrische identificatiemethodes en het toenemend aantal beveiligingscamera's worden bijvoorbeeld steeds vaker (onwetende) lokale agenten ingezet, zodat medewerkers van de Mossad zelf buiten beeld blijven.[1]

Enkele voorbeelden van aan de Mossad toegeschreven liquidaties die buiten camera's om plaatsvonden:[1]

  • De liquidatie van Mohammed Alzoari, een ingenieur die voor Hamas aan de ontwikkeling van drones werkte, op 15 december 2016 in Sfax in Tunesië.
  • De liquidatie van Fadi al-Batsh, een ingenieur van Hamas, op 21 april 2018 in Kuala Lumpur, de hoofdstad van Maleisië.

Bekend geworden Mossad-agenten[bewerken | brontekst bewerken]

Victor Ostrovsky, Canadees, publiceerde in 1990 zijn boek "By way of deception", waarin hij zijn diensttijd beschrijft. De Israëlische overheid probeerde publicatie te voorkomen. Dit lukte niet, waarop zij Ostrovsky beschuldigde van leugens en halve waarheden. Na de Bijlmerramp (1992) verklaarde Ostrovsky najaar 1994 dat de cockpit voice recorder (van het toen neergestorte El Al-toestel) door agenten van de Mossad uit de puinhopen in de Bijlmer was gestolen. Later zei hij in Nova [6] ook dat El Al vliegtuigen vaker zonder cockpit voice recorder vliegen zodat de dienst geheime koerswijzigingen kan doorgeven. Volgens de Israëlische ambassade in Den Haag waren deze uitspraken met elkaar in tegenspraak. In zijn boek wijdt Ostrovsky ook 13 pagina's aan Yehuda Gil *1934, de Zoon van een Italiaanse officier, opgegroeid in Libië. Bij de Mossad zag men Gil als de perfecte spion. Hij leerde leerling-agenten de "kunst van het liegen". Hij had vooral een netwerk van contacten in Syrië. Ostrovsky omschrijft hem als een "legendarische katsa" (iemand die spionage-operaties op touw zet), die geld als belangrijker lokmiddel beschouwt dan seks. Nadat hij in 1989 met pensioen was gegaan bleef de Mossad van zijn diensten gebruik maken. Maar hij ging zaken verzinnen en maakte veel geld dat voor operaties bestemd was op aan persoonlijke zaken. Ook was/werd hij lid van de rechts extremistische Moledet-pertij. Toen Syrië zomer 1996 troepen verplaatste ten noorden van de Golan hoogvlakte liet Gil aan zijn superieuren weten dat het op oorlog uit was. Maar deze hadden hem laten schaduwen en vertrouwden hem niet meer. Hij kwam, verdedigd door voormalig Mossadagent advocaat Yigal Shapira, voor de rechter beschuldigd van "ernstige fraude, diefstal en spionage". [3][7]

Literatuur[bewerken | brontekst bewerken]

  • Ronen Bergman, Schaduwoorlog, Israël en het geheime liquidatieprogramma van de Mossad, uitg. Nieuw Amsterdam, Amsterdam 2018. ISBN 9789046824016
  • Victor Ostrovsky, By Way of Deception: the Making and Unmaking of a Mossad Officer, St. Martin's Press, 1990

Documentaire[bewerken | brontekst bewerken]

  • Inside the Mossad; makers: Duki Dror, Yossi Melman en Chen Shelach; 2017. Voormalige agenten van deze geheime dienst doen onthullingen over hun operaties.

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]