Museum Hof van Busleyden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Museum Hof van Busleyden
Museum Hof van Busleyden Mechelen 6-07-2018 11-51-53.jpg
Type Mechelen, haar geschiedenis en bewoners
Opgericht 2018
Gebouwd vanaf 1503
Openingsdatum maart 2018
Personen
Directeur Sigrid Bosmans en Anouk Stulens
Huisvesting
Monumentstatus [1]
Architect Rombout II Keldermans
Website
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur
Het Museum Hof van Busleyden

Het Museum Hof van Busleyden is een museum in de Belgische stad Mechelen. De collectie is ondergebracht in het stadspaleis Hof van Busleyden. De opzet van dit project startte in 2012 en leidde tot de opening van het museum in maart 2018.

Het Museum Hof van Busleyden belicht Mechelen, zijn inwoners en hun activiteiten tijdens de Bourgondische tijd waarbij het een brug slaat tussen het verleden en het heden. Mechelen beleefde zijn hoogdagen toen de stad de feitelijke hoofdplaats van Bourgondië was en Margaretha van Oostenrijk er in het Hof van Savoye verbleef. Hiëronymus van Busleyden (ca. 1470-1517) die in dit stadspaleis woonde, was lid van de Grote Raad van Mechelen, diplomaat, humanist, mecenas en verzamelaar.

De collectie[bewerken]

Bustes[bewerken]

Twee bustes in terracotta, waaronder de buste van Hercules, aangekocht door het Erfgoedfonds van de Koning Boudewijnstichting, worden in dit museum tentoongesteld.

Schilderijen[bewerken]

  • Plechtige openingszitting van het Parlement van Mechelen onder Karel de Stoute, waarschijnlijk van Jan Coessaet
  • Zie galerij hieronder

Galerij met schilderijen[bewerken]

Besloten hofjes[bewerken]

Het museum bezit zeven Besloten hofjes, een uitdrukking van 16e-eeuwse devotie. Recent onderzoek doet sterk vermoeden dat deze kunstwerken eerder voor dan door begijnen werden vervaardigd. Ze bevonden zich reeds enige tijd in fragiele conditie. Daarom werd er in 2014 een conservatie- en restauratieproject gelanceerd. Dit project werd uitgevoerd door een team van tien conservatoren-restauratoren elk met hun eigen specialisatie (textiel, glas, papier en perkament, hout …).[1] In oktober 2014 werd van start gegaan met het voorbereidend onderzoek voor drie van de zeven besloten hofjes. Deze drie hofjes waren in het najaar van 2016 te bezichtigen op de tentoonstelling Op zoek naar Utopia: De droom van Thomas Morus in Museum M te Leuven.[2] In 2017 vond een colloquium plaats waarbij de onderzoekers hun onderzoeksresultaten toelichtten. Deze wetenschappelijke bijeenkomst resulteerde in een publicatie. Ze werden vanaf 2018 opgenomen in de permanente opstelling van het museum.[3]

Dat de Mechelse besloten hofjes uniek erfgoed zijn werd bevestigd door hun opname op de lijst van Vlaamse topstukken in 2012.[4] Dit houdt in dat ze erkend zijn als zeldzaam en onmisbaar en onder meer niet zomaar Vlaanderen mogen verlaten.

Galerij met besloten hofjes[bewerken]

Poupées de Malines[bewerken]

Mechelen kende een bloeiende kunstproductie toen de stad profiteerde van de centralisatiepolitiek van de Bourgondische hertogen. Kunstenaars als Conrad Meit, Jan Gossart, Gerard Horenbout en Margaretha's hofschilder Bernard van Orley werden aangetrokken door de faam van het Hof van Savoye. Beeldsnijders volgden en zorgden dat de poupées de Malines (Nederlands: poppen van Mechelen) - houten, gepolychormeerde beeldjes vanaf halverwege de 15e tot midden de 16e eeuw zowel in de besloten hofjes hun plaats vonden en als begeerd exportproduct verhandeld naar Spanje, Indië, de Filipijnen en Zuid-Amerika.

Galerij met de poupées de Malines[bewerken]

Boeken[bewerken]

Prominent aanwezig in de boekencollectie is het koorboek van Margaretha of het Mechels koorboek, vervaardigd in het atelier van Petrus Alamire rond 1515. Het boek verdween voor een hele tijd uit de geschiedenis omdat het bedoeld was als geschenk van de Bourgondisch-Habsburgse dynastie maar de gebeurtenis werd afgelast. Men neemt aan dat het handschrift bewaard bleef in het paleis van Margaretha van Oostenrijk, het hof van Savoye. Het Mechels stadsbestuur, intussen eigenaar van het gebouw, keek nauwlettend toe op de bewaring ervan. De eerste beschrijving van het boek kwam er via de stadsarchivaris in 1860, Pieter-Jozef Van Doren. Het werd eerst in de jaren negentig van de 20e eeuw voor het eerst tentoongesteld en in 2007 werd het erkend als Vlaams topstuk. Digitalisering volgde in 2009 via de Alamire Foundation.

Galerij met boeken[bewerken]

Externe link[bewerken]