Naaldkreeftjes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Naaldkreeftjes
Tanaissus liljeborgi
Tanaissus liljeborgi
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Arthropoda (Geleedpotigen)
Onderstam:Crustacea (Kreeftachtigen)
Klasse:Malacostraca
Superorde:Peracarida
Orde
Tanaidacea
Dana, 1849
Afbeeldingen Naaldkreeftjes op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Naaldkreeftjes op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Naaldkreeftjes (Tanaidacea) is een orde van de Peracarida, die op zijn beurt een van de zes superordes is, waarin de klasse Malacostraca wordt onderverdeeld. Er zijn ongeveer 940 soorten naaldkreeftjes beschreven.

Anatomie[bewerken | brontekst bewerken]

Naaldkreeftjes zijn meestal klein (2 tot 5 mm lang), maar volwassen dieren kunnen variëren van 0,5 tot 120 mm. De twee eerste thorax somieten zijn vergroeid en vormen de carapax. Het eerste paar pereopoden is chelaat. Ze bezitten verder zes vrije thoracale somieten (pereon), vijf abdominale somieten (pleon) voorzien van pleopoden en een pleotelson met één paar terminale of subterminale uropoden.

Ecologie[bewerken | brontekst bewerken]

Tanaidacea zijn hoofdzakelijk marien, maar enkele soorten worden ook in estuaria of zoetwater-kusthabitats gevonden. Verschillende soorten naaldkreeftjes leven in extreem diep water (sommige soorten zelfs meer dan 9000 m diep). Op deze grote diepte waar een enorme druk is vertegenwoordigen ze dan vaak de meest algemene en diverse fauna.

In België[bewerken | brontekst bewerken]

Drie soorten naaldkreeftjes komen voor in het Belgische deel van de Noordzee: Pseudoparatanais batei, Tanais dulongii en Tanaissus lilljeborgi[1].

Taxonomie[bewerken | brontekst bewerken]

De volgede taxa zijn bij de orde ingedeeld:[2]