Nationaal Indië-monument 1945-1962

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Nationaal Indië-monument 1945-1962 staat in Roermond. Het monument herdenkt de 6229 Nederlandse militairen die in de periode 1945-1962 vielen tijdens de strijd in het voormalige Nederlands-Indië en Nieuw-Guinea.

Na de herdenking op 4 mei 1984 verbaasde Hans Cremers, inwoner van Roermond, zich erover dat er geen nationaal monument voor de slachtoffers van het naoorlogse conflict in Nederlands-Indië was en besloot daar wat aan te doen.

De monumenten[bewerken]

In het Stadspark Hattem aan de Maastrichterweg in Roermond, vanaf 22 juni 2010 'Nationaal Herdenkingspark Roermond’, staan drie monumenten, allen een ontwerp van de Roermondse kunstenaars Wijnand Thönissen en Dick van Wijk. Ieder jaar vindt hier op de eerste zaterdag in september de nationale herdenking plaats. De herdenking wordt door bijna 20.000 veteranen, nabestaanden en belangstellenden bezocht en er worden ruim honderd kransen gelegd door vertegenwoordigers van veteranenorganisaties en de toenmalige krijgsmachtonderdelen. Sinds 1999 is een minister of staatssecretaris bij de plechtigheid aanwezig.

Het Indië-monument[bewerken]

Het oudste monument bestaat uit een obelisk met een kroonduif, symbool van Nieuw-Guinea. Naast de obelisk is een fontein met karbouwenkoppen. Er is later een borstbeeld van generaal S.H. Spoor toegevoegd.

Bij de derde herdenking op 7 september 1990 onthulde Relus ter Beek, toen de minister van Defensie, een zuilengalerij achter de obelisk. Op de zuilen staan alle namen van de slachtoffers. Hij sprak de volgende woorden: " Hiermee is een nieuwe stap gezet op de weg naar erkenning waarop deze overledenen en hun nabestaanden en ook zij die toentertijd wel uit de strijd zijn teruggekeerd recht kunnen en mogen doen gelden. In ronde bewoordingen kan worden gesteld dat Nederland bij de opvang van de veteranen in gebreke is gebleven. De overheid is mede door het initiatief in Roermond wakker geschud. Gelet op het nationale karakter van het monument, stellen wij er bij Defensie een eer in het monument en de zuilengalerij te onderhouden."

Monument voor Indische burgerslachtoffers[bewerken]

Ter nagedachtenis aan alle burgers die in de periode 1945-1962 zijn omgekomen in Nederlands-Indië en Nederlands Nieuw-Guinea, is op 25 augustus 1990 een apart monument onthuld. Het monument is vervaardigd in het atelier van steenhouwer Joop Utens uit Echt.

Monument voor Vredesoperaties[bewerken]

Op 24 oktober 2003 is het Monument voor Vredesoperaties onthuld. Het monument herdenkt de Nederlandse militairen die sinds het begin van de Korea-oorlog als gevolg van vredesoperaties zijn omgekomen. Het monument is op 24 oktober 2003 onthuld door staatssecretaris van Defensie, de heer Van der Knaap, samen met mevrouw Van Rijn, die haar zoon Kees van Rijn verloor tijdens de UNIFIL-missie in Libanon en André Dekker, een veteraan die tijdens de UNPROFOR-missie in Srebrenica diende.

Op 28 juni vindt hier sinds 2005 de provinciale viering van de Nationale Veteranendag plaats.

Generaal S.H. Spoor Paviljoen[bewerken]

Op 15 september 1995 opende mevrouw H.T. Spoor-Dijkema het Generaal S.H Paviljoen. Dit is van 1 april tot 1 oktober geopend en hier bezichtigen ongeveer 30.000 bezoekers jaarlijks de kleine tentoonstelling of raadplegen documenten of de database met bijzonderheden van de 6.229 omgekomen militairen.

Het bestuur[bewerken]

Vanaf de oprichting is Hans Cremers voorzitter geweest van de stichting Nationaal Indië-monument 1945-1962. Vrijwilligers onderhouden het monument en organiseren jaarlijks de Nationale herdenking. Cremers en vier andere bestuursleden namen eind april 2009 afscheid van het bestuur. Cremer is benoemd tot ere-voorzitter, de andere leden tot erelid.

Diefstal[bewerken]

Nadat in november 2007 al enkele klokken van het carillon gestolen waren werden in de nacht van donderdag 16 op vrijdag 17 december 2010 ruim dertig bronzen plaquettes waarop de namen en wapens van de legeronderdelen van in Indië overleden Nederlandse militairen vermeld waren van het monument afgehaald en meegenomen. De plaquettes hadden elk een gewicht van dertig kilo. Bovendien zijn nog enkele plaquettes vernield.

Externe links[bewerken]