Nationale Dodenherdenking

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nationale Dodenherdenking
De Koning en Koningin leggen de eerste krans vlak voor de twee minuten stilte bij het Nationaal Monument op de Dam in Amsterdam.
De Koning en Koningin leggen de eerste krans vlak voor de twee minuten stilte bij het Nationaal Monument op de Dam in Amsterdam.
Gehouden in Vlag van Nederland Nederland
Data 4 mei
Organisator Nationaal Comité 4 en 5 mei
Thema Herdenking van alle burgers en militairen die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties en bij vredesoperaties.
Officiële website
Polygoon-journaal uit 1958: Dodenherdenking met beelden van de herdenking op de Waalsdorpervlakte en bij het Nationaal Monument op de Dam

Beluister

(info)

De Nationale Dodenherdenking, Nationale Herdenking of Dodenherdenking vindt jaarlijks in Nederland plaats op 4 mei, met onder andere twee minuten (vroeger een minuut) stilte om 20.00 uur. De landelijke herdenking is op de Dam in Amsterdam en wordt sinds 1988 georganiseerd door het Nationaal Comité 4 en 5 mei, terwijl honderden andere comités plaatselijke herdenkingen organiseren. In de oorspronkelijke opzet ging het uitsluitend om de Nederlandse slachtoffers in de Tweede Wereldoorlog, maar sinds 1961 wordt officieel een ruimere definitie gehanteerd die alle Nederlandse oorlogsslachtoffers of omgekomenen sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog omvat.

Een dag later, op 5 mei, wordt de bevrijding van de Duitse bezetting (1940-1945) gevierd. De Indische gemeenschap houdt 15 augustus aan als bevrijdingsdag, vanwege de Japanse capitulatie in Nederlands-Indië op 15 augustus 1945.

Geschiedenis[bewerken]

In eerste instantie werden alleen de in de Tweede Wereldoorlog omgekomen Nederlandse militairen en vezetsstrijders herdacht. Het initiatief hiertoe werd genomen door Jan Drop (1907-1993) uit Den Haag, wiens vader en broer in de oorlog werden gedood. Drop en zijn vrouw Gré hielpen Joden aan onderduikadressen en ontvingen hiervoor de Yad Vashem-onderscheiding. De eerste herdenking werd op 4 mei 1946 gehouden. Schoksgewijs werden de definities wie vereerd moest worden aangepast. In 1961 werd het officiële memorandum voor 4 mei aangepast, waardoor ook de aan Nederlandse kant gevallenen tijdens andere militaire conflicten werden herdacht, zoals bij de politionele acties in de nadagen van Nederlands-Indië en bij VN-vredesoperaties in bijvoorbeeld Libanon, Bosnië en Afghanistan.

Uiteindelijk werden alle Nederlanders herdacht die vanaf de Tweede Wereldoorlog door oorlogshandelingen of bij VN-vredesmissies waren omgekomen, zowel in als buiten Nederland. Vanaf 1981 is de herdenking ook gericht tegen 'racisme en onverdraagzaamheid'. Dat alle slachtoffers de Nederlandse nationaliteit moeten hebben gehad werd overigens pas in 2015 officieel vastgelegd.

In 2013 deden het Nederlands Verbond voor Progressief Jodendom, de Raad van Kerken, het Contactorgaan Moslims en Overheid en het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap een gezamenlijke oproep om alleen nog de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog te herdenken. Ze vonden dat de beweegredenen voor het houden van de herdenking "niet meer helder" overkwamen. Nu er ook slachtoffers van andere oorlogen herdacht werden, zou dit volgens hen geleid hebben "tot verwatering en het wegvallen van het onderscheid tussen daders en slachtoffers".[1]

Er bestaat geen algemene consensus over het onderwerp van een (symbolische) verzoening. De toenmalige Duitse ambassadeur Thomas Läufer opperde in een bijdrage aan dit debat eind 2009 in het tv-programma De oorlog: "Als we het met de verzoening serieus menen, horen wij ook op de Dam te staan". Lokaal waren er wel diverse omstreden initiatieven.[2][3] Expliciete herdenking van Duitse doden ligt echter erg gevoelig[4] ook als het niet om overtuigde nazi's maar om jonge dienstplichtigen gaat.

Definitie[bewerken]

Het officiële gedenkschrift voor 4 mei luidt:

Aanhalingsteken openen

Tijdens de Nationale Herdenking herdenken wij de Nederlandse oorlogsslachtoffers. Allen – burgers en militairen – die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, en daarna in oorlogssituaties en bij vredesoperaties.

Aanhalingsteken sluiten
— Memorandum[5]

Plaatselijke comités geven een eigen invulling aan de herdenkingen en dragen ook zelf verantwoordelijkheid voor die invulling.

Herdenking op de Dam in Amsterdam[bewerken]

Koningin Beatrix en Prins Claus na hun kranslegging (1986)
Amsterdamse burgemeester Van Hall bij de kranslegging op de Dam (1967)

De eerste dodenherdenking werd gehouden op 9 mei 1945 op de Dam in Amsterdam. Het gemeentebestuur had de dag ervoor daarover beslist. Er werd een minuut stilte gehouden om de gevallenen te herdenken.

De nationale herdenking op de Dam in Amsterdam vindt plaats volgens een vast protocol:

  • Vanaf 18.55 uur vindt in de aan de Dam gelegen Nieuwe Kerk een plechtigheid plaats waar, naast leden van de koninklijke familie en regeringsleden, oorlogsgetroffenen en nabestaanden en anderen die zich hebben aangemeld, aanwezig zijn. Deze plechtigheid duurt een half uur en wordt rechtstreeks uitgezonden op een van de publieke tv-netten. Tijdens de plechtigheid wordt ook de 4 mei-lezing uitgesproken.
  • Om 19.50 uur verlaat de Koning de Nieuwe Kerk en loopt, tezamen met zijn echtgenote en enkele politieke en militaire hoogwaardigheidsbekleders, door een erecouloir van veteranen naar het monument op de Dam. Voor het monument stopt de groep.
  • Een lid van het Nationaal Comité 4 en 5 mei houdt een korte voordracht.
  • Hierna leggen de Koning en Koningin een krans bij het monument namens alle burgers van Nederland.[6]
  • Vervolgens wordt het signaal Taptoe gespeeld, dat om acht uur eindigt; de klok van de Nieuwe Kerk slaat en er worden twee minuten stilte gehouden ter nagedachtenis aan degenen die zijn omgekomen.[6]
  • Na de twee minuten stilte wordt een couplet van het Wilhelmus gespeeld.
  • Hierop volgt een korte toespraak over de betekenis van 4 mei.
  • Kransen worden vervolgens gelegd door vertegenwoordigers van de regering, waaronder de minister-president, van het parlement, de krijgsmacht, verzetsbeweging en allerlei organisaties en groeperingen in de maatschappij. Hierbij wordt de volgende tekst uitgesproken:
    • "Er zullen nu drie kransen worden gelegd voor alle burgers die tijdens of direct na de Tweede Wereldoorlog in Europa, zijn omgebracht of omgekomen omdat zij:
      - in verzet kwamen;
      - werden uitgesloten, vervolgd, vermoord in concentratie- en vernietigingskampen om wie zij waren;
      - het leven verloren door oorlogsgeweld of uitputting.
    • De volgende krans wordt gelegd voor alle burgers die zijn omgebracht of omgekomen, tijdens of direct na de Tweede Wereldoorlog in Azië als gevolg van verzet, internering, oorlogsgeweld en uitputting.
    • De volgende kransen worden gelegd voor alle militairen en koopvaardijpersoneel, omgekomen in dienst van het Koninkrijk der Nederlanden tijdens de Tweede Wereldoorlog en sindsdien in oorlogssituaties en bij vredesmissies."[7]
  • Er wordt een zelfgeschreven gedicht uitgesproken door een scholier.
  • Hierna leggen plaatselijke schoolkinderen bloemen bij het monument.
  • Ten slotte begint het defilé, waarbij iedereen langs het monument kan lopen en bloemen kan neerleggen.

De plechtigheid op de Dam, van het verlaten van de Nieuwe Kerk door de Koning en Koningin tot het begin van het defilé, wordt sinds 1987 op alle publieke zenders uitgezonden, alsmede op de SBS-zenders. De RTL-zenders zenden de herdenking op de Waalsdorpervlakte uit.

Vlaggen[bewerken]

Martinitoren met vlaggen halfstok

Op 4 mei hoort de vlag van 18.00 uur tot zonsondergang (in Amsterdam is dat 21.10 uur) halfstok te hangen. Indien er bij de dodenherdenking een vlag halfstok hangt, wordt de vlag in top gehesen nadat het volkslied is gezongen. Volgens het huidige protocol uit 2001 mag de vlag na het volkslied ook halfstok gelaten worden.

Dodenherdenking in het land[bewerken]

In heel Nederland verloopt de Nationale Herdenking op de volgende manier:

  • De Nederlandse vlag (zonder wimpel) hangt halfstok van 18.00 uur tot zonsondergang. Vaak zijn er na 20.02 uur nog activiteiten, zoals kransen en bloemen leggen. De vlag blijft daarom halfstok tot zonsondergang.
  • Kerkklokken mogen op 4 mei luiden vanaf 19.45 uur tot 19.59 uur.
  • Tussen 20.00 en 20.02 uur is men twee minuten stil.

Voor openbare gelegenheden geldt dat zij rekening houden met de dodenherdenking. Dat betekent bijvoorbeeld dat er geen feesten, muziek en activiteiten zijn tussen 19.45 en 20.15 uur. Zo is het voor bezoekers mogelijk tussen 20.00 en 20.02 uur twee minuten stil te zijn. Op 4 mei sluiten winkels in Nederland om uiterlijk 19.00 uur volgens de winkeltijdenwet. Een gemeente mag bepaalde winkels toestemming geven om open te blijven.[8]

De twee minuten stilte gelden in het hele land, ook op plaatsen waar geen plechtigheid wordt gehouden. Treinen en bussen worden stilgezet en van iedereen wordt verwacht om acht uur een moment van stilte in acht te nemen, waar diegene zich ook bevindt. Op de snelweg is het echter verboden een auto stil te zetten. Automobilisten kiezen daarvoor een geschikte afrit of parkeerplaats. Dit wordt geadviseerd via de radio. Metrotreinen rijden door tot het eerstvolgende station en houden daar stil. Verder blijven hulpdiensten normaal actief.

Andere herdenkingsbijeenkomsten[bewerken]

Polygoon-journaal uit 1973 over het gebrek aan aandacht voor de Dodenherdenking buiten Amsterdam
Herdenking op de Waalsdorpervlakte (2009)

In alle gemeenten in Nederland zijn herdenkingen bij plaatselijke monumenten voor slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Het patroon is gelijk: het trompetsignaal Taptoe (of in sommige gevallen, zoals in Elburg, de Last Post), twee minuten stilte, het Wilhelmus en kransleggingen. De bezoekers wandelen daarna langs de kransen en voegen er bloemen aan toe. Voorbeelden zijn de Waalsdorpervlakte in Scheveningen, het ereveld Grebbeberg in Rhenen en honderden andere plaatsen waar graven of monumenten aan de slachtoffers en de bezetting herinneren. Bij sommige plaatsen wordt de herdenking door een stille tocht voorafgegaan of wordt na afloop een herdenkingsconcert uitgevoerd.

Sinds 2010 worden na afloop van de herdenking onder de titel Theater Na de Dam in diverse steden theatervoorstellingen gegeven, ieder op hun eigen manier betrekking hebbend op de Tweede Wereldoorlog.

Ook eerder op de dag vinden herdenkingen plaats. De voorzitters van de Eerste Kamer en Tweede Kamer en de Raad van Ministers leggen in de ochtend een krans bij het nationaal monument Erelijst van Gevallenen 1940-1945 in het gebouw van de Tweede Kamer. Later in de ochtend vindt de jaarlijkse herdenking plaats van de gevallenen voor het vrije woord bij het monument op de gevel van Nieuwspoort.

Op 15 augustus wordt de capitulatie van Japan en de bevrijding van voormalig Nederlands-Indië herdacht, hoewel in principe de slachtoffers uit Indië ook op 4 mei worden herdacht. De herdenking vindt plaats bij het Indisch Monument in Den Haag en verschillende andere plaatsen in het land bij Indische monumenten.[9]

Datum en tijdstip[bewerken]

Het besluit om de Nationale Herdenking altijd plaats te laten vinden op 4 mei, ongeacht de dag van de week, is in 1968 door de regering genomen. Dit in verband met het feit dat voor verschillende religieuze groeperingen de rustdag op een andere dag van de week valt. Het Nationaal Comité 4 en 5 mei volgt deze lijn.[10]

Door het invoeren van de zomertijd in 1977 valt Dodenherdenking niet meer vlak voor zonsondergang. Bij oudere verslagen en gedichten wordt gesproken over het vallen van de duisternis bij de herdenkingsplechtigheid.

Incidenten[bewerken]

2000 en 2009[bewerken]

Tijdens de herdenking op de Dam van 4 mei 2000 waren er verscherpte veiligheidsmaatregelen, zoals de stationering van scherpschutters van de politie op de daken van de gebouwen rond de Dam. Op 4 mei 2000 bevestigde Joop van Riessen, oud-hoofdcommissaris van de Amsterdamse politie, in het televisieprogramma NOVA dat er die dag een melding was binnengekomen dat een Molukse groepering tijdens de herdenking een actie zou hebben gepland. Op 4 mei 2009 waren er vergelijkbare verscherpte veiligheidsmaatregelen in verband met de eerdere aanslag op Koninginnedag.

2010[bewerken]

Dodenherdenking 2010

In 2010 werd de dodenherdenking op de Dam verstoord toen tijdens de twee minuten stilte een man aan de Rokinzijde plotseling met zijn handen opgeheven begon te prevelen en vervolgens te schreeuwen. Er ontstond paniek, en mensen probeerden te vluchten; dranghekken werden door de mensenmassa's omgeduwd, en het lawaai daarvan veroorzaakte nog meer paniek. De koninklijke familie werd snel in veiligheid gebracht. Nadat de situatie onder controle was, werd de ceremonie volgens programma hervat. In het tumult vielen in totaal 63 gewonden. De verwondingen varieerden van kneuzingen en schrammen tot botbreuken.[11]

Een omstander overmeesterde de man samen met agenten in burger. De politie hield de man aan.[12][13][14] Het was een 39-jarige man met het uiterlijk van een orthodoxe jood. Hij was een bekende van de politie die reeds veroordeeld was voor geweldsdelicten.[15] In de media werd hij aangeduid als de Damschreeuwer. Hij werd uiteindelijk door de Hoge Raad veroordeeld tot 16 maanden celstraf, waarvan 8 voorwaardelijk, voor het opzettelijk slaken van een valse alarmkreet.[11][16] De man is in de jaren na het incident op de Dam ook nog twee keer preventief in de cel gezet; beide keren omdat hij niet voldeed aan een vordering van de politie om te vertrekken van een plek waar Koningin Beatrix zou komen.[16]

Aanvankelijk werd een andere man, die van de schrik een koffertje had laten vallen, ook aangehouden. Het is mogelijk dat de paniek door het vallende koffertje vergroot was - volgens getuigen werd er "Een bom!" geroepen. Deze man bleek echter niets kwaads van plan te zijn geweest, en de inhoud van zijn koffertje was ongevaarlijk, waarna de eigenaar werd vrijgelaten.[17] Voor zover bekend is er geen poging gedaan om de persoon op te sporen die de paniek vergrootte door "Een bom!" te roepen.

2012[bewerken]

Nadat was aangekondigd dat vertegenwoordigers van de gemeente Bronckhorst, inclusief burgemeester Henk Aalderink, van plan waren om na de dodenherdenking op de Algemene begraafplaats van Vorden mede langs de graven van gesneuvelde Duitse soldaten te lopen ontstond er commotie over dit onderdeel. Zo liet de joodse organisatie Tradition is our Future op 4 mei een vliegtuigje boven het dorp cirkelen dat de tekst "Vorden is fout" achter zich aan voerde.[18] Tevens startte de kleine organisatie Federatief Joods Nederland (FJN) een kort geding tegen het gemeentebestuur om het geplande herdenkingsonderdeel te voorkomen. De rechtbank te Zutphen stelde FJN in het gelijk en verbood de aangekondigde looproute.[19] De gemeente Bronckhorst ging op 31 mei 2012 echter in beroep tegen de uitspraak omdat zij een uitspraak wilde over de bevoegdheid van de civiele rechter zich uit te spreken over bevoegdheden van de gemeenteraad.[20] Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden vernietigde op 19 februari 2013 de uitspraak in dit hoger beroep.[21]

2018[bewerken]

In 2018 wilde de actiegroep Geen 4 Mei voor Mij op de Dam met een twee minuten durend lawaaiprotest aanvoeren dat ook de Indonesische burgers herdacht moeten worden die vermoord werden tijdens de 'politionele acties' in Nederlands-Indië. De actie werd verboden door burgemeester Jozias van Aartsen en de rechter legde eveneens een verbod op.[22]

Tijdens de dodenherdenking op de Dam werd een man gearresteerd die een spandoek met zich meedroeg met de tekst "Churchill massamoordenaar". Dezelfde man had eerder die dag een vliegtuigje met de boodschap "Herdenk ook de Churchilldoden" rond laten vliegen.[23]

Even vooraf aan de dodenherdenking werd een andere man door de politie aangehouden die een luide schreeuw liet horen.[24]

Foto's[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Breekbare Dagen. 4 en 5 mei door de jaren heen. Uitgeverij CPNB, 2012. ISBN 9789059651661
  • Peters, B., 'Herdenken en vieren. Debatten in de Tweede Kamer over de betekenis van 4 en 5 mei', in: C. C. van Baalen (red.) e.a., Jaarboek Parlementaire Geschiedenis 2007. De moeizame worsteling met de nationale identiteit (Amsterdam 2007) p. 97-106. Beschouwing waarbij niet alleen wordt stilgestaan bij de betekenis van 4 en 5 mei, maar die zich ook laat lezen als een overzicht van de ontwikkeling van beide dagen.
  • Stilstaan bij de oorlog. De gemeente Amsterdam en de Tweede Wereldoorlog, 1945-1995. Auteurs: Martin Harlaar en Jan Pieter Koster. Uitgeverij THOTH, Bussum, 1995. ISBN 90-6868-122-2.
  • Reijt, M van de, Zestig jaar herrie om twee minuten stilte. Hoe wij steeds meer doden gingen herdenken, Uitgever Bert Bakker, 2010. ISBN 9789035134911

Externe links[bewerken]

Vista-kmixdocked.png
Door op de afspeelknop te klikken kunt u dit artikel beluisteren. Na het opnemen kan het artikel gewijzigd zijn, waardoor de tekst van de opname wellicht verouderd is. Zie verder info over deze opname, bekijk de oorspronkelijke versie of download de opname direct. (Meer info over gesproken Wikipedia)