Nazarener

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Niet te verwarren met de Nazoreeërs en de Nazireeër

Het woord Nazarener (Hebreeuws: נצרים Netzarim of נוצרים Notzrim; Grieks: Ναζωραίος Nazoraios) heeft verschillende betekenissen. Vanwege de gelijkenis met Nazoreeër wordt vaak gedacht, dat daarmee hetzelfde werd bedoeld als met Nazarener en dat dit "uit Nazaret" betekent. Vandaar dat in moderne vertalingen niet meer "Jezus de Nazarener" wordt gebruikt, maar "Jezus uit Nazaret". De vraag of Nazarener is afgeleid van Nazaret is het onderwerp van veel wetenschappelijke gissingen sinds de 19e eeuw.[1][2] Er wordt soms formeel onderscheid gemaakt tussen Ναζαρενός ("uit Nazaret") en Ναζωραίος ("Nazarener" of "Nazoreeër").[3]

Jezus de Nazarener[bewerken]

Jezus wordt in het Nieuwe Testament 13 maal een Nazarener genoemd (of: "Jezus uit Nazaret"). Hij werd geboren in Bethlehem, maar verhuisde naar Nazaret. Mogelijk werd hij daarom een Nazarener genoemd in Matteüs 2:23: "Daar vestigde [Jezus] zich in een stad die Nazaret heet. Zo ging in vervulling wat door de profeten gezegd is: Men zal hem een Nazarener noemen" (Groot Nieuws Bijbel). De meeste vertalingen gebruiken in dit vers de term Nazoreeër. Op andere plaatsen wordt niet meer "Jezus de Nazarener" gebruikt, maar "Jezus uit Nazaret". Minstens één bron legt toch de link met de term "Nazireeër" uit Richteren 13:5, 7.[3]

Nazareners als een groep[bewerken]

In sommige werken wordt gesteld dat "Nazareners" de term was die in de Joodse gemeenschap werd gebruikt als tegenhanger van de term "Christenen" die in de heidense wereld werd gebruikt.[4][3] Tertullianus schreef in zijn Tegen Marcion: "Christus moest Nazarener worden genoemd volgens de profetie van de Schepper. Daarom noemen de Joden ons ook zo, vanwege Hem."[5] Het Joodse gebruik van de term "Nazareners" in plaats van de term "Christenen" wordt ook genoemd door Eusebius van Caesarea en het blijft tot op heden als de standaard term in rabbijnse geschriften en in modern Israëlisch Hebreeuws.[6][7][8]

De term Nazareners wordt ook gebruikt om de sekte Nazoreeërs aan te duiden. Daarnaast kan de term als volgt worden gebruikt:

  • Ter aanduiding van een sekte van de Syrische christenen in India, van een sekte van baptisten in Duitsland, en een kerk van de pinkstergemeente in Amerika.
  • In Sevilla worden boetelingen tijdens de Semana Santa (Goede Week) Nazarenen (Nazareno's) genoemd. Ze dragen lange, blauwe of zwarte kleden, bij elkaar gehouden met behulp van een touw. Over hun hoofd dragen ze een puntige kap die ook hun schouders bedekt.

Herkomst van het begrip[bewerken]

Deskundigen zijn het niet eens over de herkomst van het begrip. Minstens drie mogelijke herkomsten van het woord worden serieus overwogen:

  • "Uit Nazaret" (een inwoner van Nazaret).
  • Netzer ("tak"). Hiermee zou verwezen worden naar de mogelijkheid dat Jezus tot de stamboom van David behoorde. Het gaat hier om Matteüs 2:23 waarbij mogelijk wordt verwezen naar Jesaja 11:1. Zie ook Nazoreeër.
  • Nosri ("wachter").[9]

Zie ook[bewerken]